Keniase pers onder druk

NAIROBI, 11 JAN. “Vanuit uw graf zult u voortaan uw journalistieke werk verrichten”. Aldus sprak deze week het Keniase parlementslid Japheth Ekidor van de regeringspartij Kanu tot een journalist van het dagblad de Daily Nation. De verslaggever had het gewaagd te berichten over rellen in de afgelegen hoofdplaats Lodwar van het Noordkeniaanse district Turkana.

Oververhitte aanhangers van de regeringspartij Kanu namen er zondag wraak op bewoners die een plaatselijke afdeling van de oppositiepartij Ford hadden opgericht. Eerder al had Ekidor aangekondigd alle oppositie-aanhangers uit het district te zullen verdrijven. De fout van de journalist, aldus het woedende parlementslid, was om over deze gebeurtenissen te berichten. Bovendien weigerde de verslaggever toe te geven aan de eis van Ekidor om al zijn verhalen eerst aan hem voor verificatie voor te leggen.

Dergelijke dreigementen, zo schreef de Daily Nation gisteren in een hoofdartikel, moeten serieus worden genomen. Een kritische bisschop negeerde twee jaar geleden een dergelijke waarschuwing van een minister om geen bezoek te brengen aan diens kiesdistrict. De bisschop trok daarop prompt naar het district. Op de terugreis kwam hij bij een auto-ongeluk om het leven. De Keniase pers, zo concludeert de Daily Nation, wordt geteisterd door de autoriteiten.

Er gaat een golf van bevrijding door Kenia, sinds begin december president Moi onder grote binnen- en buitenlandse druk het meerpartijen stelsel afkondigde. De bevolking en dissidente politici durven zich weer te uiten. Een reflectie van deze herwonnen vrijheid is zichtbaar in krantekolommen en in enkele weekbladen. De autoriteiten lijken geschrokken door de anti-regeringsgevoelens die plotseling naar buiten komen. In een paniekreactie proberen ze de pers weer in het gareel te krijgen.

Dertig gewapende politie-agenten bestormden zondag in Nairobi de drukkerij waar het weekblad Society wordt gedrukt. Ze namen alle 30.000 exemplaren in beslag. De autoriteiten lijken vooral geïrriteerd over een artikel over de moord twee jaar geleden op minister Robert Ouko. Volgens Society kent Moi al lang de namen van de moordenaars. De moordenaars zijn nog niet gevonden en hooggeplaatste politici hebben volgens critici van het regime herhaaldelijk geprobeerd het onderzoek te saboteren. Moi zelf had overigens eind vorig jaar verklaard de namen van de moordenaars te kennen, nadat dezen, volgens de president, eveneens hadden geprobeerd de huidige vice-president George Saitoti te vermoorden.

De oppositiebladen Society, Finance en Law Monthly kunnen op een steeds groter lezerspubliek rekenen. Hoewel naar journalistieke maatstaven er in deze magazines veelal meer wordt geschreeuwd dan gemeld, sluiten zij kennelijk aan bij de vrijgekomen gevoelens van frustratie in de Keniaanse samenleving. Het eens veel-geprezen kritische weekblad Weekly Review verloor door zijn voorzichtige stellingname in de afgelopen maanden aan populariteit.

Uit de tot voor kort enige toegestane partij Kanu lopen steeds meer politici weg om zich aan te sluiten bij de oppositie. Een van de meest prominente overlopers is voormalig vice-president Mwai Kibaki, die zijn Democratische partij oprichtte. De journalist van de staatstelevisie die op kerstdag, zonder daarover eerst haar superieuren te raadplegen, het nieuws van Kibaki's overlopen meldde, werd op non-actief gesteld.

De pers staat niet alleen onder druk van het gezag. Oppositieleider Martin Shikuku haalde onlangs de woede van journalisten op zijn nek. Hij kondigde aan enkele verslaggevers die in het verleden over de toen nog illegale oppositie ongunstig hadden bericht, te zullen straffen als zijn Ford-partij eenmaal aan de macht zou zijn gekomen. De pers reageerde met een diepe zucht. Kennelijk ontbreekt het ook in de oppositie aan tolerantie en heeft eveneens de oppositie zich nog niet aangepast aan de nieuwe periode van persvrijheid.

Van de oppositie heeft vooral Ford de neiging de pers te misbruiken. De partij bestookt journalisten met informatie die niet meer is dan propaganda. Gisteravond presenteerden twee Ford-leden met veel misbaar in het internationale perscentrum in Chester House een schotel gebakken lucht. Zonder enig bewijs aan te voeren onthulden ze een plan van de regering om een militaire staatsgreep te organiseren. Toen veiligheidsagenten hen wilden arresteren wegens het verspreiden van geruchten had zich inmiddels een heetgebakerde menigte rondom het perscentrum verzameld, en relletjes volgden.