Spannende kindertelevisie door Ben Sombogaart

Het Zakmes, zaterdag, Ned. 1, 8.49-09.10u.

Voor het maken van een "drama'serie voor jonge kinderen heeft Het zakmes van Sjoerd Kuyper (Leopold, 1991) veel te bieden. Het verhaal heeft een duidelijke plot en afgeronde episoden. Op de dag dat zijn beste vriend Tim gaat verhuizen vergeet de kleine Mees in alle consternatie om hem zijn zakmes - zo'n indrukwekkend Zwitsers mes met schaar, schroevedraaier, kurketrekker en flesseopener - terug te geven. Helaas weet niemand Tims nieuwe adres en Mees doet vergeefse pogingen om met de rechtmatige eigenaar in contact te komen.

Hij schrijft een brief, stapt in de trein, zet een advertentie en heeft tenslotte succes via een televisieprogramma waarin hij een zelfgemaakt lied zingt. De zesjarige hoofdpersoon is een buitengewoon eigenwijs en ondernemend jongetje, dat niet voor één gat te vangen is en dat bovendien wel zelfstandig moet opereren, omdat zijn vader hem ten strengste verboden heeft ook maar in de buurt van een zakmes te komen. In zijn ongewone gezinssituatie liggen de grappige momenten voor het oprapen: moeder (Adelheid Roosen) is een beroemde operazangeres, die voornamelijk op video aanwezig is en het huishouden wordt gerund door een chaotische, enigszins geschifte, maar allerliefste vader.

Regisseur Ben Sombogaart, die De kinderen van Waterland en de bekroonde speelfilm Mijn vader woont in Rio op zijn naam heeft staan en die mooie, rustige films maakt, met grote aandacht voor de drijfveren en emoties van zijn kinderpersonages, heeft de mogelijkheden van Kuypers verhaal ten volle benut.

De zevendelige serie die de AVRO in haar nieuwe jeugdblok op zaterdagochtend gaat uitzenden is spannende, interessante kindertelevisie geworden, waar veel om te (glim)lachen valt. De productie wordt gedragen door hoofdrolspeler Olivier Tuinier. Zichtbaar gebukt onder zakmeszorgen weet hij met zijn bijna kaalgeschoren, flaporig hoofd en een expressief, van verontwaardiging overslaand stemmetje iedere gewenste emotie uit te drukken. En dan niet op volle acteurssterkte, zoals de karikaturaal machtswellustige juf van groep drie, maar alsof hij in het dagelijks leven met de candid camera gevolgd is.

Roerend is de interactie met de vader (Genio de Groot), die met zijn slipover, bretels en malle invallen zelf nog een beetje jongen is en net als zijn zoon verlangt naar de diva in levende lijve. Knap en ook wel cynisch laat Sombogaart de plaats van de moeder innemen door een prominent aanwezig televisietoestel. “Mag ik even mamma kijken?” vraagt Mees en hij zet haar gezang met de afstansbediening stil, als hij haar iets probeert te zeggen wat pappa maar niet horen wil. Favoriet is de aria waarin ze "speciaal voor hem' een kusje blaast: voorzichtig kust het jongetje het kille glas terug.

En het zal niet zonder betekenis zijn dat het beeld zo vaak besmeurd wordt. Het apparaat staat in wat bedoeld is als keuken en oefent magnetische krachten uit op vaders handen, waaraan bieten, eieren, bier, koffiedik en kaasfondue ontsnappen. Wat me het minst beviel, is de oplossing om bepaalde gedachten als een slecht verstaanbare monologue interieure op nogal dreinerige muziek door Mees te laten zingen. Zelfs een geboren kleine acteur kan niet alles.