Troepenbewegingen gemeld in Algerije

ALGIERS, 9 JAN. De tweede verkiezingsronde in Algerije wordt steeds onzekerder. Gistermiddag zei Abdelkader Hashani, de “voorlopige” voorzitter van het FIS, het Front van Islamitische Redding, op een persconferentie dat hij uit verscheidene vilaya's (provincies) berichten had ontvangen over troepenbewegingen - zelfs in vilaya's en kiesdistricten, waar op 16 januari geen tweede verkiezingsronde meer wordt gehouden. Hij betreurde voorts dat de regering “geen enkele maatregel heeft genomen om de tweede ronde te organiseren”. Het FIS zal “het islamitische project niet opgeven”, aldus Hachani, en “er zal buiten de islamitische keuze om geen stabiliteit in het land zijn.”

In theorie wordt Algerije over precies een week het eerste land in de Arabisch-islamitische wereld, waar zich op vreedzame, ja zelfs democratische wijze een islamitische revolutie voltrekt. Dan moet het FIS immers ook de tweede ronde van de parlementsverkiezingen winnen en een regering vormen om zijn doelstellingen uit te voeren.

Die regering van het FIS zal alles doen om een islamitische staat in Algerije te creëren en zich daarbij laten inspireren door de ervaringen van Iran, Saoedi-Arabië en Soedan, aldus Rabah Kebir, één van de belangrijkste woordvoerders van het FIS, tegenover het blad Al Hayat. Gisteravond ging hij nog een stap verder. In een reclamespotje voor de TV verkondigde hij: “Degene die het niet eens is met het volk, moet hetzij van volk, hetzij van land veranderen.”

Het FIS en zijn politieke bondgenoten (Hamas en Ennahda, die zich beide ook volmondig voor een islamitische staat hebben uitgesproken) hebben volgens Abdelkader Hachani in de eerste verkiezingsronde 54 procent van de uitgebrachte stemmen behaald (het FIS alleen al 47 procent). “Het volk zal in elk geval zijn keuze verdedigen. Wij houden vol dat wij een islamitische staat zullen oprichten, wat daarvan ook de consequenties zullen zijn.”

Hachani zei erop te vertrouwen dat de Raad van de Grondwet, die zich uiterlijk overmorgen uitspreekt over de 341 klachten inzake “onregelmatigheden” bij de eerste verkiezingsronde, “tegenover God, het Volk en de Geschiedenis” zijn verantwoordelijkheid neemt en de klachten tegenover het FIS afwijst.

Vanochtend opende het doorgaans goed ingelichte blad Al Watan met de kop: “Politieke crisis wordt ernstiger”. Al Watan vroeg zich af of er meningsverschillen zijn tussen president Chadli Benjedid en het leger.

De generaals zijn volgens de krant zeer ontevreden over de onderhandelingen die president Chadli met het FIS zou hebben gevoerd (en die zowel door de president als door het FIS zijn ontkend).

Zij verdenken de president ervan dat hij “iedereen wil opofferen, zelfs de toekomst van het land, als hij maar op zijn post kan blijven”. Veel imams (predikers) hebben volgens Al Watan in hun moskeeën de opmerkingen van Hachani gemeld, met name over de voorbereidingen voor een militaire staatsgreep.

Pag 4:

Algerijnse partijen tegen staatsgreep

Politieke waarnemers vragen zich af waarom Hachani publiekelijk gewag maakte van de troepenbewegingen, hoewel die ook voor de gewone burger niet langer te verheimelijken zijn. Weliswaar verstopte hij zijn waarschuwing in allerlei andere opmerkingen, maar de boodschap was niet mis te verstaan.

Zij zijn des te verbaasder over Hachani's waarschuwing omdat het FIS tot dusver zijn uiterste best deed zich zo voorzichtig en zo vriendelijk mogelijk over het leger uit te laten. Zoals een "strijder' van het FIS nog gisteren opmerkte: “Over het leger praten we liever niet, want dat ligt zo delicaat”.

Kennelijk maakt het FIS, ondanks de enorme zelfverzekerdheid die het ten toon spreidt, zich zorgen dat het leger alsnog ingrijpt. Die mogelijkheid is - gelet op hetgeen Al Watan thans openlijk schrijft en wat velen hier de afgelopen dagen zeiden - zeker niet uitgesloten. Want een deel van de natie - namelijk dat deel dat zichzelf als het moderne, rationele en denkende deel ziet - is er heilig van overtuigd dat het FIS een langzaam doorvretend kankergezwel is en dat er onmiddellijk stappen moeten worden ondernomen om het ziekteproces te stoppen.

Volgens welingelichte kringen zou president Chadli Benjedid zelfs door zijn naaste omgeving zijn gesmeekt om vrijwillig af te treden en daarmee een grondwettelijke situatie te scheppen waarin de vorming van een FIS-regering niet langer mogelijk is. Deze mensen zouden ervan overtuigd zijn dat Algerije wel degelijk democratisch geleid moet worden, maar onder wat gezondere sociaal-economische omstandigheden naar de stembus moet gaan - met andere woorden over ten minste één tot twee jaar, nadat een interim-regering de ergste problemen van het land heeft overwonnen.

De huidige leiders van de politieke partijen die in het nieuwe parlement komen (het FIS, de verslagen regeringspartij FLN en het FFS van de uit Kabylië stammende Aït Ahmed) zijn het met deze aanpak volstrekt oneens. Zij beseffen dat hun politieke dagen na een staatsgreep geteld zijn. Daarom hebben zij zich openlijk uitgesproken tegen elke militaire interventie en vóór het doorgaan van de tweede verkiezingsronde. Zij gokken erop dat het FIS zich òf behoorlijk gedraagt, òf door de sociaal-economische werkelijkheid gedwongen is concessies te doen, òf alsnog door het leger onderuit kan worden gehaald, “indien het volk daarom vraagt”.

Zo antwoordde ex-premier Mouloud Hamrouche, een van de belangrijkste figuren binnen de verslagen regeringspartij FLN, in een vraaggesprek twee dagen geleden op de vraag of het leger wellicht zou ingrijpen: “Waarom? Om aan het volk te zeggen: U heeft verkeerd gekozen?” Op de vraag of hij met het FIS kon leven, zei Hamrouche: “Algerije is een modern land (..) Politici zijn dichters, ik geloof in een sociale dynamiek. Wat er ook gebeurt, in het ergste geval komt er iets positiefs uit als de mensen reageren (tegen het FIS) (..) De prijs zal misschien wel erg hoog zijn. Maar als je de verkiezingen op dit moment met geweld blokkeert, zal dat even rampzalig zijn als, of erger dan een regering van het FIS”. Hij antwoordde bevestigend op de vraag of de belangrijkste generaals in en buiten het leger, te weten zijn oud-collega's, het met deze analyse eens zijn.

Abdelhamid Mehri, de secretaris-generaal van het FLN, had al eerder op een persconferentie aangegeven dat een democratie die een beroep op het leger doet geen echte democratie is. Hij vond het evenmin een oplossing om te rekenen op de staat, het leger of de president. Volgens hem moet de democratie door haar burgers worden verdedigd.

Al deze merkwaardig-rustige uitlatingen van de leiders van het FLN - zij hebben het voortdurend over hun “sereniteit” - suggereren dat de partij nog steeds erop vertrouwt in de nabije toekomst de macht te heroveren. Volgens Hamrouche zal een regering van het FIS met dezelfde sociaal-economische werkelijkheid te maken hebben als welke andere regering. “Zij zijn, evenals wij, Algerijnen (..) En men zal zien dat zij onmogelijk hun beloften kunnen waarmaken.”

Ook premier Ghozali, die thans door de leiders van het FLN op de lijst der vervloekten is gezet en die een paar dagen geleden nog publiekelijk de “onregelmatigheden” van de eerste verkiezingsronde betreurde, is het eens met zijn vijanden binnen het FLN. Van hem komt de uitspraak dat je de koorts van een patiënt niet kunt laten zakken door de thermometer stuk te gooien.

Maar de generaals - zo blijkt ook uit het bericht van Al Watan - zijn niet zo gerust op de "cohabitatie' met het FIS, die zowel door president Chadli als door de leiders van het FLN en het FFS wordt nagestreefd. Zij geloven wel degelijk dat de soep even heet wordt gegeten als zij wordt opgediend. Want Hachani heeft vorige week vrijdag gezegd (en gisteren nog eens herhaald) dat het FIS onder geen beding zal afzien van zijn voornemen om een islamitische staat op te richten. “Het succes in de eerste verkiezingsronde was een stap in die richting, naar herstel van het kalifaat.”

Niemand weet exact of de generaals het avontuur aandurven om president Chadli aan de kant te schuiven en een interim-regering te vormen. Zo'n regering zou een eind moeten maken aan alle bestaande politieke structuren, teneinde het land economisch gezond en politiek rijp voor een democratie te maken.

Maar er zijn te veel signalen die wel degelijk in die richting wijzen. Het onlangs gevormde Comité voor het Behoud van Algerije maakte gisteren bekend dat de adhesiebetuigingen voor gemeenschappelijke acties tegen het FIS, die uit tal van plaatsen en organisaties waren gezonden, zijn “weggeraakt”. Het Comité vroeg iedereen op te bellen, te telexen of zelf naar het Comité te komen, omdat de post “niet langer aankomt”.

Het blad Le Matin ten slotte opende vanochtend met de kop: “Komt er een tweede ronde? Men mag daaraan twijfelen”.