Conflict over vloot in de Zwarte Zee escaleert

MOSKOU, 9 JAN. Het conflict over de voormalige Sovjet-marine in de Zwarte Zee heeft zich gisteren verscherpt: de Oekraïense president Leonid Kravtsjoek heeft de aanspraken van zijn republiek op deze vloot herhaald. De commandant ervan verklaarde echter dat zijn onderdeel slechts het Gemenebest van onafhankelijke staten onderworpen kan zijn.

Inmiddels wordt het bestaan gemeld van plannen bij de legerleiding het grootste deel van de vloot naar de Oostzee over te brengen. De Russische president Boris Jeltsin had gisteren al verklaard dat van een overdracht van de Zwarte-Zeevloot aan de Oekraïne geen sprake kan zijn.

Volgens het persbureau TASS zei Kravtsjoek gisteren in Kiev dat de grondoorzaak van het conflict is gelegen in “het onvermogen van Rusland zich tegenover de Oekraïne te gedragen als tegenover een onafhankelijke staat”. In juli moeten alle strategische kernwapens, ook die van de Zwarte-Zeevloot, uit de Oekraïne zijn verwijderd; daarna gaan alle militaire onderdelen in Oekraïense handen over, aldus Kravtsjoek. Van troepen die onder een gemeenschappelijk commando van het Gemenebest ressorteren, wilde de Oekraïense president niet weten. Dat zijn “imperiale structuren”, meende hij.

In Sebastopol op de Krim, de basis van de Zwarte-Zeevloot, verklaarde de bevelhebber ervan, admiraal Igor Kasatonov, dat “men op het Oekraïense ministerie van defensie, waar niet één marineman zit, niet voldoende begrijpt wat een vloot is”. De admiraal verklaarde zich bereid om de Oekraïne voldoende schepen ter beschikking te stellen voor een effectieve grensbewaking en dergelijke. Maar het strategische deel van de vloot blijft voorlopig onder het gemeenschappelijk commando van het Gemenebest in Moskou. Het zou ook niet praktisch mogelijk zijn om de vloot op te delen.

Volgens het persbureau Interfax heeft gisteren in St. Petersburg overleg plaatsgehad over de mogelijkheden om legeronderdelen uit de Oekraïne naar Rusland te verleggen. De Zwarte-Zeevloot zou dan naar de Oostzee kunnen worden verplaatst. In Moskou komen nu al op grote schaal militairen uit de Oekraïne aan, die weigeren in de Oekraïne de eed van trouw aan deze republiek af te leggen.

Burgemeester Sobtsjak van St. Petersburg zei in een tv-vraaggesprek dat de moeilijkheden een gevolg zijn van het feit “dat de Oekraïne de oprichting van het Gemenebest vanaf het begin heeft willen misbruiken voor de oprichting van een eigen leger”. Het bestuur van het Russische district Krasnojarsk heeft gedreigd aldaar opgeslagen nucleair afval naar de Oekraïne terug te sturen, als deze republiek zijn streven naar de status van supermacht niet wijzigt.