VN: 145 mln voor hulp Irak nodig

GENÈVE/ WASHINGTON, 8 JAN. De Verenigde Naties hebben de komende maanden ten minste 145 miljoen dollar nodig voor hulp aan noodlijdende Iraakse bevolkingsgroepen, met name de Koerden in het noorden en de shi'ieten in het zuiden. Met dit geld zou ook de aanwezigheid van enkele honderden gardisten van de VN moeten worden betaald.

VN-vertegenwoordigers in Genève gaven toe dat regeringen zouden kunnen aarzelen een financiële bijdrage te leveren omdat Irak het programma zelf zou kunnen bekostigen als het ermee akkoord zou gaan olie te exporteren onder toezicht van de VN. Maar Bagdad weigert tot dusverre een desbetreffende resolutie van de Veiligheidsraad - die Irak toestaat voor 1,6 miljard dollar olie te exporteren - te accepteren omdat het de voorwaarden beschouwt als inbreuk op zijn soevereiniteit. Vandaag zouden Iraakse en VN-experts deze zaak weer bespreken.

Michael Stopford, woordvoerder van het VN-hulpprogramma in Irak, zei gisteren op een persconferentie in Genève dat de hulpoperatie aanzienlijk kan worden uitgebreid als Irak haar zelf zou financieren. De 145 miljoen vormen volgens hem “een absoluut minimum in afwezigheid van alternatieve fondsen”. Voor het hulpprogramma van het afgelopen jaar, dat al tot 416 miljoen dollar is ingekrompen, is al ongeveer 100 miljoen dollar te weinig binnengekomen.

Stopford betreurde dat de Iraakse autoriteiten de VN nog steeds verhinderen de shi'itische bevolking in de Zuidiraakse moerassen aan de grens met Iran te helpen. Daarom is tot dusverre het grootste deel van de hulp naar de Koerden in het noorden gegaan.

Andere hulpfunctionarissen toonden zich voorts bezorgd over de Iraakse economische blokkade van het noorden, waardoor de aanvoer van brandstof en andere goederen wordt afgeknepen. De blokkade is in oktober ingesteld, en diverse Koerdische delegaties hebben tot dusverre Bagdad niet kunnen bewegen tot opheffing van de maatregel. De Iraakse auroteiten stellen steeds nieuwe voorwaarden aan beëindiging van de blokkade. De jongste is dat leger en politie weer in het gebied worden toegelaten. (AP, UPI, Reuter, AFP)