Jeltsin mengt zich in debat over ex-Sovjet-strijdkrachten; "Zwarte-Zeevloot is ondeelbaar'

MOSKOU, 8 JAN. Met een demonstratief congres in Moskou komen volgende week officieren van de voormalige Sovjet-strijdkrachten in het geweer tegen een overhaaste "nationale opdeling' van het leger van de vroegere USSR, het ontbreken van duidelijke richtlijnen van de politici in Moskou in deze kwestie en het uitblijven van een "sociaal plan' bij de militaire reorganisaties in het Gemenebest van voormalige Sovjet-republieken.

Voor het officierscongres, dat op 14 januari in het Kremlin zou moeten beginnen, zijn in alle militaire districten en onderdelen al afgevaardigden gekozen, aldus een naaste medewerker van maarschalk Jevgeni Sjaposjnikov, commandant over de voormalige Sovjet-strijdkrachten. De manifestatie zal gericht zijn tegen de thans ontstane situatie, waarin de Oekraïne en straks wellicht ook andere republieken van het Gemenebest nationalisering van de op hun grondgebied gelegerde troepen proclameren.

“De organisatie van de strijdkrachten, het laatste onze maatschappij stabiliserende element van de opgeheven (Sovjet-)staat, wordt nu levend uiteengereten”, schrijven de initiatiefnemers tot het congres in een brief aan de generale staf in Moskou, die vandaag is gepubliceerd in het legerdagblad Krasnaja Zvezda. “De volgende stap is het tegenover elkaar opstellen van militaire eenheden in een bloedige burgeroorlog, waarvan in de Kaukasus en Moldavië al het eerste rumoer hoorbaar is.”

De Russische televisie besteedde gisteren uitvoerig aandacht aan de onvrede van met name Russische officieren bij onderdelen die in de Oekraïne gelegerd zijn. “De mensen zijn moe van de onduidelijkheid”, zei een officier van een onderdeel in de Karpaten. Hij refereerde daarmee aan het ontbreken van enig toekomstperspectief voor officieren die weigeren de eed van trouw aan de Oekraïne te zweren, en daarom - volgens de Oekraïense regering - deze republiek zullen moeten verlaten. “Voor de Oekraïense officieren is de zaak duidelijk. Maar wat wacht ons, de Russen en andere nationaliteiten, straks op het grondgebied van ons vaderland”, vroeg de ontevreden officier zich af, lezend van een papiertje. “Wie geeft ons straks woonruimte en eten?”

Op de Gemenebest-televisie liet de commandant van de Zwarte-Zeevloot in Sebastopol inmiddels weten dat zijns inziens de aanspraken van de Oekraïne op deze marine-eenheid van ongeveer 300 schepen volstrekt onaanvaardbaar zijn. Admiraal Vladimir Tsjernavin betoonde zich “ongerust en pessimistisch” en zei dat de houding van de Oekraïne binnen de vloot algemeen “verontwaardiging en onbegrip” teweegbrengt. Volgens hem vormt de Oekraïense aanspraak een schending van het akkoord van Minsk tussen de republieken van het Gemenebest, omdat daarin staat dat de strategische kernwapens van de ex-USSR in geen geval aan de onderscheidene republieken zullen worden afgestaan, maar aan Rusland ter gedeeltelijke vernietiging. De Zwarte-Zeevloot heeft, als tegenhanger van de Amerikaanse vloot in de Middellandse Zee, ook nucleair-strategische taken.

De Oekraïense president, Leonid Kravtsjoek, tevens opperbevelhebber van de Oekraïense strijdkrachten, heeft inmiddels ontkend in strijd met de akkoorden van Minsk te handelen. In een schriftelijke boodschap aan de troepen belooft hij dat alles zal worden geregeld in overeenkomsten tussen de republieken van het Gemenebest en in eveneens nog te maken Oekraïense wetgeving. Naar zijn zeggen moet de eedaflegging van alle, voortaan dus Oekraïense troepen op 20 januari zijn voltooid.

In Moskou is meegedeeld dat op 8 en 9 januari groepen experts uit de verschillende republieken zich over de gerezen problemen zullen buigen, gevolgd door een bijeenkomst van de ministers van buitenlandse troepen op 10 januari.

Volgens de televisie heeft inmiddels tachtig procent van de ex-Sovjet-militairen in de Oekraïne de eed van trouw aan de republiek gezworen, in totaal een half miljoen man. Dat aantal is niet bevestigd door andere media, en geeft ook geen inzicht in de houding van de ongeveer 75.000 Russische officieren in de Oekraïne, omdat naar goed Sovjet-gebruik niet alleen officieren, maar alle manschappen de eed moeten afleggen.

Niet alleen de conservatieve en militaire pers in Rusland laat inmiddels kritiek horen op de gang van zaken rondom het voormalige Sovjet-leger en de kennelijke aarzeling van de Russische president, Boris Jeltsin, en de Russische regering om de Oekraïense leiders in deze zaak tegenspel te bieden. De als "progressief' beschouwde Nezavisimaja Gazjeta schrijft vandaag dat “het mogelijk was met vereende krachten Gorbatsjov weg te krijgen, maar niet zijn erfenis. (..) Slechts een paar dagen na zijn vertrek moeten de strijdkrachten zelf kiezen aan wie zij trouw zullen zweren, en wiens orders zij zullen gehoorzamen”. De Komsomolskaja Pravda waarschuwt voor het gevaar dat met elkaar in onmin levende republikeinse leiders straks hun onderlinge geschillen met delen van het voormalige Sovjet-leger gaan uitvechten.