Bewind Georgiëlaat schieten op demonstranten

TBILISI, 8 JAN. Het nieuwe bewind in Georgië heeft gisteren duidelijk gemaakt hard te zullen optreden als het wordt uitgedaagd. Voor de tweede keer binnen enkele dagen openden gisteren in de hoofdstad Tbilisi gewapende aanhangers van het bewind het vuur op demonstranten.

Bij het station van Tbilisi verzamelden zich gistermiddag rond duizend merendeels bejaarde aanhangers van de verdreven president Zviad Gamsachoerdia voor een betoging tegen het nieuwe bewind. Ze droegen Georgische vlaggen, scandeerden Gamsachoerdia's voornaam en riepen leuzen als “weg met de junta” en “dood aan de bandieten”. Aan het eind van een mars door het stadscentrum gingen de betogers uiteen. Een deel van de demonstranten trok daarop naar het televisiestation, waar de voorlopige regering zetelt, om de betoging voort te zetten. Kort daarop verschenen daar ongeveer vijftien gewapende mannen die het vuur op de demonstranten openden. Twee mensen raakten gewond. De menigte verspreidde zich daarop snel.

Vorige week vrijdag - voor de vlucht van Gamsachoerdia - hadden zijn opposanten op soortgelijke wijze een demonstratie ten gunste van de belegerde president uiteengejaagd. Toen vielen twee doden; twee gewonden stierven later in een ziekenhuis.

Jaba Josseliani, een van de twee voorzitters van de regerende Militaire Raad, zei later dat hij het bevel had gegeven de menigte te verspreiden en het vuur op de betogers te openen. “Ik heb het bevel gegeven en als het moet doe ik dat morgen en overmorgen weer”, zo zei hij. Hij stelde dat het bewind demonstraties nu eenmaal heeft verboden, dat de naleving van dat verbod moet worden afgedwongen en dat de uitzonderingstoestand moet worden gerespecteerd. Josseliani bestempelde de demonstranten als “ervaren provocateurs” in dienst van Gamsachoerdia.

Een delegatie van de nieuwe regering van Georgië is gisteren in Armenië aangekomen om er te praten over de terugkeer van de gevluchte Gamsachoerdia, die zich in de Armeense stad Idjevan bevindt. De Georgiërs eisen dat de verdreven president wordt teruggestuurd, al schijnen de meningen uiteen te lopen over de vraag of, en zo ja waarvoor, hij voor de rechter moet worden gedaagd. De Armeense minister van buitenlandse zaken, Raffi Hovanissian, zei gisteren in Washington, waar hij overleg voerde met zijn Amerikaanse ambtgenoot Baker, dat Gamsachoerdia niet in Armenië zal mogen blijven, maar ook niet zal worden gedwongen Armenië te verlaten. In de Armeense hoofdstad Jerevan is gezegd dat Gamsachoerdia naar een derde land wil.

In Tbilisi is gisteren de voormalige Sovjet-minister van buitenlandse zaken Edoeard Sjevardnadze besprekingen begonnen met de Georgische regering over de situatie in het land. Sjevardnadze, zelf een Georgiër, heeft eerder deze week zijn goede diensten aangeboden. (Reuter, UPI, AP)