Akkoord over bijscholing van Surinaamse militairen

DEN HAAG, 8 JAN. Surinaamse militairen en ambtenaren van het ministerie van defensie zullen in Nederland training en vervolgopleidingen krijgen. Nederlandse experts zullen het Surinaamse ministerie van defensie terzijde staan op het terrein van management en juridische zaken. Op de Nederlandse ambassade in Paramaribo keert een militaire attaché terug. Suriname overweegt een militaire attaché in Den Haag te stationeren.

Dat is de uitkomst van het tweedaagse overleg tussen minister Ter Beek (defensie) en zijn Surinaamse ambtgenoot Gilds op Bonaire. Over enkele weken zal een team naar Suriname vertrekken om te zien hoe Nederland Suriname kan helpen bij het “scheppen van organisatorische en juridische voorwaarden ter verwezenlijking van de door de Surinaamse regering beoogde hervorming van het Surinaamse leger”.

Bij dat overleg zal bekeken worden welke overeenkomsten met Suriname zullen worden aangepast. Suriname heeft Nederland gevraagd om ook financieel bij te dragen aan de verkleining van het leger. Militairen zullen in de gelegenheid moeten worden gesteld omscholingscursussen te volgen en moeten kunnen rekenen op een wachtgeldregeling, vindt de Surinaamse regering.

Over de positie van legerleider Bouterse werd slechts in de marge van het overleg gesproken. De Nederlandse delegatie kreeg de indruk dat de Surinaamse regering vastberaden is hervormingen door te voeren, ook wat de positie van de legerleiding betreft.

Vandaag zal Ter Beek samen met minister Hirsch Ballin op Curaçao besprekingen voeren over assistentie bij drugsbestrijding. Nederland zet daarvoor militaire middelen in, maar wil alleen medewerking verlenen aan opsporing en niet betrokken raken bij aanhoudingen.