Korea's: "Eerst zien, dan geloven'

Noord-Korea zal het Non-Proliferatieverdrag (NPV), de internationale overeenkomst die de verspreiding van kernwapens moet tegengaan, ondertekenen, en inspectie van zijn nucleaire installaties toestaan, zo heeft een woordvoerder van het ministerie van buitenlandse zaken in Pyongyang vandaag bevestigd. Het is de vierde keer in twaalf maanden tijd dat de Noordkoreanen dit aankondigen. De scepsis die de Amerikaanse president George Bush uitte ten aanzien van de goede bedoelingen van Pyongyang is daarom begrijpelijk. "Eerst zien, dan geloven', redeneerde Bush gisteren tijdens zijn bezoek aan Zuid-Korea, toen de Noordkoreaanse aankondiging al in de lucht hing.

Maar Washington en bondgenoot Seoul zien kennelijk toch vooruitgang in het vredesstreven van Kim: als reactie op de aanstaande aanvaarding van het NPV door Noord-Korea is vandaag de gezamenlijke militaire oefening, die in mei onder de naam "Team Spirit' zou worden gehouden, afgelast.

Het schrappen van de oefening, die sinds 1976 jaarlijks wordt gehouden, was een van de belangrijkste voorwaarden die Noord-Korea stelde aan het ondertekenen van het NPV. Tot nu toe voerden de Noordkoreanen "Team Spirit' telkens op als belangrijkste excuus om eerdere toezeggingen ongedaan te maken. Dat kan nu niet meer en dus mogen we aannemen dat eind deze maand inderdaad, zoals toegezegd, een delegatie uit Noord-Korea naar het Internationaal Atoomenergie Agentschap (IAEA) in Wenen zal reizen om de documenten van het NPV te ondertekenen.

Dan is het nog geen vrede op het Koreaanse schiereiland. Noch de ondertekening door Noord-Korea van het NPV, noch de op 16 december tussen de beide Korea's overeengekomen verzoenings- en non-agressie-overeenkomst hebben de angel weggenomen uit het historische conflict. De belangrijkste tegenstelling blijft bestaan: Noord- en Zuid-Korea hebben fundamenteel verschillende systemen die onverenigbaar zijn. Noord-Korea kent onder Kim Il Sung sinds 1945 een orthodox communistische staatsinrichtig waarin geen plaats is voor enige liberale afwijking. Zuid-Korea vaart een Westerse koers, met een vrije markt en is sinds 1987 een presidentiële democratie.

De Koreaanse tweedeling is een typisch produkt van de Koude Oorlog, een produkt dat ook na het verdwijnen van de Oost-West tegenstelling is blijven voortbestaan. De geïsoleerde ligging, de bescherming die Noord-Korea van de eveneens orthodox-communistische Volksrepubliek China krijgt en de kracht van de dictatuur van Kim Il Sung hebben hiervoor gezorgd.

De overeenkomst uit december is geen vredesregeling. Technisch zijn de twee landen nog steeds in staat van oorlog met elkaar; de Koreaanse oorlog werd in 1953 beëindigd met een staakt-het-vuren. De grens, langs de 38ste breedtegraad, is nog altijd de zwaarst bewaakte ter wereld, aan weerszijden staan 1,5 miljoen militairen.

Eenwording van de twee landen is geen sinecure, welk systeem zal het krijgen, communistisch of kapitalistisch? Van geen van beide regimes is op korte termijn te verwachten dat het in elkaar zal vallen. Zuid-Korea is een sterke,bloeiende economie; 95 procent van de bevolking staat achter het eigen systeem.

Over het gesloten Noord-Korea is weinig informatie te krijgen buiten de officiële kanalen om. Bekend is dat Pyongyang door het wegvallen van de Sovjet-Unie grote economische problemen heeft gekregen, maar zolang Peking Kim blijft steunen lijkt hij te kunnen overleven. China schaamt zich eigenlijk voor Kim Il Sung, die te eigenmachtig en te orthodox op economisch terrein wordt gevonden, maar de Chinese leiders hebben al te veel communistische domino's zien vallen. Peking koestert zijn laatste stenen, in de wetenschap dat het Chinese communisme anders de allerlaatste steen is.

Waarnemers gaan ervan uit dat een werkelijke verandering in de regio pas kans zal maken wanneer Kim Il Sung is verdwenen. Van een dissidentenbeweging in Noord-Korea is vooralsnog geen sprake en dus zal op zijn dood moeten worden gewacht - Kim wordt dit jaar 80.

In zijn nieuwjaarstoespraak verviel Kim in zijn oude retoriek. “Buitenlandse krachten”, lees: de Amerikanen en hun bondgenoten, hebben Korea verdeeld, nu is het tijd voor een “vreedzame hereniging van het vaderland”.

Uit archieven in Moskou is echter gebleken dat het Kim Il Sung zelf was die in 1950 de oorlog in Korea begon, niet de "buitenlandse krachten'. Bush wist gisteren waarover hij sprak toen hij zei dat Kim niet te vertrouwen is.