De oorlog in Kroatië zal geen overwinnaars kennen

LJUBLJANA, 7 JAN. “Wij hebben het VN-vredesplan en de komst van blauwhelmen geaccepteerd om Servië de kans op een eervolle terugtocht te geven”, zo zei gisteren de Kroatische president, Franjo Tudjman, tijdens een persconferentie in Zagreb. In de zaal steeg een verbaasd gemompel op en Tudjman moest zelf lachen om zijn uitspraak.

Het tekent de situatie. Vrijdag moest het Kroatische leger nog machteloos toezien hoe de federale artillerie en luchtmacht grote delen van Osijek, Vinkovci, Nova Gradiska, Pakrac, Karlovac, Gospic, Otocac en Zadar in puin bombardeerden. Tudjman heeft natuurlijk gelijk als hij tot de conclusie komt dat Servië instemt met het VN-vredesplan omdat het begrepen heeft dat het de oorlog niet kan winnen. Maar Tudjman weet ook dat het omgekeerde evenzeer geldt: ook Kroatië kan de oorlog niet winnen. Als Kroatië, zoals Tudjman steeds beweerd heeft, in staat zou zijn “elke meter van zijn grondgebied te bevrijden” had hij zich wel tien keer bedacht alvorens in te stemmen met het vredesplan. Het had ook heel wat eleganter gestaan wanneer het “jonge democratische Kroatië” zelf zijn territorium had kunnen verdedigen.

Tudjman heeft, afgezien van de militaire motieven, ook voor het vredesplan gekozen omdat hij weet dat het Kroatische volk de oorlog moe is. Vorige maand meldde zich nog geen tien procent van de dienstplichtigen en reservisten die door de Kroatische Nationale Garde waren opgeroepen. Veel dienstplichtigen en reservisten doken onder of vluchtten uit Kroatië. De zesduizend man die bij de garde werden ingelijfd waren voor een groot deel uit de hotels aan de kust gehaald waar ze als vluchtelingen waren ondergebracht en makkelijk waren op te sporen. Dat de Kroaten de oorlog moe zijn ondervindt Tudjman ook zelf. Een opinie-onderzoek wees vorige maand uit dat de Kroatische president nog slechts kan rekenen op de steun van dertig procent van de bevolking; vóór de oorlog was dat nog ruim zestig procent.

Maar Tudjman heeft geluk: zijn Servische ambtgenoot, Slobodan Milosevic, kampt met dezelfde problemen. Ook hij kan nog slechts rekenen op de steun van dertig procent van de bevolking. En de Serviërs zijn de oorlog eveneens moe. De Servische vredesbeweging slaagde er twee weken geleden voor het eerst in duizenden mensen op de been te krijgen voor een manifestatie tegen de Servisch-Kroatische oorlog - een groot succes, al was het maar omdat de beweging maandenlang door de Servische media is beschimpt en belasterd en omdat de leiders gearresteerd en naar het front werden gestuurd.

Ook Servische dienstplichtigen doken onder of vluchtten wanneer zij door het federale leger werden opgeroepen. 's Nachts, als de onderduikers zich buiten waagden, waren in de straten en discotheken van de grote steden razzia's van de militaire politie een regelmatig terugkerend tafereel. Dagelijks deserteerden soldaten van het front, soms met honderden tegelijk. Federale generaals maakten Milosevic al in november duidelijk dat de oorlog in Kroatië niet snel gewonnen kon worden. Ze vroegen hem ronduit of hij dacht dat het Servische volk een lange oorlog zou kunnen opbrengen. Hij heeft hen tot nu toe niet geantwoord. Er hoeft echter niet aan getwijfeld te worden dat hij slechts met het vredesplan heeft ingestemd omdat ook Servië de oorlog niet kan winnen.

Voor Tudjman betekent het in het vredesplan overeengekomen vertrek van het federale leger en de ontwapening van de Servische milities een succes en de komst van blauwhelmen een mogelijkheid voor het herstel van de controle over de nu door de Serviërs bezette gebieden. Tudjman heeft daarmee in de gegeven omstandigheden bereikt wat er te bereiken valt. Hij hoefde de Servisch-Kroatische oorlog niet te winnen, hij mocht hem alleen niet verliezen. Dat is hem gelukt. Als Kroatië op 15 januari ook nog door de Europese Gemeenschap wordt erkend zal er ondanks de duizenden doden en gewonden en de enorme schade die het oorlogsgeweld heeft aangericht volgende week in Kroatië een feeststemming heersen.

Terwijl de Kroaten de feestslingers uit de kast halen ziet Milosevic zich voor het karwei geplaatst om de leiders van de Serviërs in Kroatië uit te leggen dat Servië de oorlog in Kroatië niet kan winnen en dat zij zich er serieus op moeten voorbereiden dat ze met de Kroaten moeten samenleven. De leiders van de Serviërs in Krajina en van Oost-Slavonië die het vredesplan niet zien zitten hebben groot gelijk dat zij Milosevic niet geloven wanneer hij hen wijsmaakt dat zij ook na de komst van de blauwhelmen het bestuur in hun regio's kunnen blijven uitoefenen. Toen VN-afgezant Cyrus Vance namelijk gevraagd werd wie het bestuur in Krajina na de komst van blauwhelmen zal uitoefenen antwoordde Vance kort en bondig: “Krajina ligt in Kroatië”.

Dat die Serviërs in Krajina en Slavonië blijkbaar niet willen begrijpen dat de oorlog onbeslist geëindigd is, en daarmee door Servië verloren is, betekent een ernstig gevaar voor het vijftiende staakt-het-vuren, dat nu nog standhoudt. Milan Babic, de leider van de Serviërs in Krajina, is er zich van bewust dat hij een sleutelpositie inneemt nu Kroatië en Servië hebben ingestemd met het VN-vredesplan. Wanneer hij blijft weigeren blauwhelmen op zijn grondgebied toe te laten en niet bereid is de wapens van zijn milities over te dragen, komt er géén VN-vredesmacht naar Kroatië.

Daarmee komt hij in conflict met Milosevic en de federale generaals, die Vance de garantie hebben gegeven dat de Serviërs in Kroatië instemmen met het vredesplan. Tudjman zei gisteren dat Milosevic en de minister van defensie, Veljko Kadijevic, Vance hebben beloofd dat het leger de Servische milities desnoods zal ontwapenen, als ze hun wapens niet vrijwillig inleveren. Het is echter maar zeer de vraag of Milosevic dat ook zal doen. Wanneer hij de milities met geweld ontwapent kost hem dat waarschijnlijk de steun van zijn laatste aanhangers, die een gedwongen ontwapening van hun broeders in Kroatië zeker zullen uitleggen als verraad aan het Servische volk. Wanneer hij echter niet bereid is de milities te ontwapenen komen er geen VN-troepen. In dat geval ligt het voor de hand dat Milovic en de federale generaals alsnog een laatste wanhopige poging zullen ondernemen de Kroaten met granaten, raketten en bommen op de knieën te dwingen. De Kroaten kunnen daarom de slingers nog maar beter even in de kast laten liggen.