Briefwisseling Kennedy en Chroesjtsjov vrijgegeven

BOSTON, 7 JAN. De Amerikaanse regering heeft gisteren tien brieven en de tekst van twee mondelinge boodschappen vrijgegeven die in de nadagen van de Cuba-crisis van oktober 1962 door de Amerikaanse president John Kennedy en Sovjet-leider Nikita Chroesjtsjov zijn uitgewisseld.

De brieven, die voornamelijk de onderhandelingen betreffen over de verwijdering van Russische Il-28 bommenwerpers van Cuba (die in de ogen van Kennedy een bedreiging voor de Amerikaanse veiligheid vormden) en de beëindiging van de Amerikaanse marine-blokkade van het eiland, lijken geen belangrijke onthullingen te bevatten. Moskou willigde Kennedy's verzoek eind november in, hoewel de Amerikaanse blokkade werd gehandhaafd.

Verrassend, aldus waarnemers, is de vrijheid waarmee Chroesjtsjov Kennedy benaderde: in lange, vaak persoonlijke brieven met grapjes gelardeerd, hoewel de twee mannen elkaar slechts eenmaal hadden ontmoet, tijdens een kille topconferentie in Wenen in juni 1961. Chroesjtsjov leverde onder andere negatief commentaar op de toekomstige Amerikaanse president Richard Nixon, die toen net een gouverneursverkiezing in Californië had verloren, en op de Westduitse bondskanselier Konrad Adenauer. Kennedy daarentegen hield zijn brieven relatief kort en zakelijk.

Kennedy wordt gezien als winnaar van de crisis om Cuba - waarbij Chroesjtsjov uiteindelijk werd gedwongen zijn raketten van Cuba terug te trekken terwijl Kennedy beloofde Cuba niet binnen te vallen. Maar de Sovjet-leider probeerde in zijn brieven die indruk weg te werken. “Er zullen krabbelaars zijn die zich zullen verdiepen in haarkloverij over onze overeenkomst, wie grotere concessies aan wie deed”, schreef hij op 30 oktober. “Ik voor mij zou zeggen dat we allebei een concessie aan de rede hebben gedaan.” (Reuter, AFP, AP)