Asielrecht (2)

Een aantal onjuistheden in het artikel van J.D. van der Meulen behoeven rechtzetting.

Het eerste betreft de geldpremie voor de Rijkspolitie in Alkmaar na de bomaanslag op het huis van de heer Kosto. Er is geen sprake van een "megalomane' geste van de staatssecretaris, die de politiemensen, nu het hemzelf betrof, een geldpremie bezorgde. Het idee voor de premie kwam, zonder enige bemoeienis van Kosto, uit de koker van de politieleiding. Die heeft vervolgens, en daar zal het misverstand liggen, de echtgenote van de staatssecretaris uitgenodigd de premies uit te reiken.

Wat de actualiteit van het kerkasiel betreft, bewandelt Van der Meulen eveneens een dood spoor. Artikel 123 van het Wetboek van Strafvordering kent inderdaad de bepaling dat opsporingsambtenaren “lokalen voor de godsdienst bestemd” niet mogen betreden om hun werk te doen. In hetzelfde artikel 123 worden ook genoemd de vergaderzalen van de Staten Generaal, van Provinciale Staten en van de gemeenteraad, alsmede rechtszalen. Let wel: steeds als de lokaliteiten in gebruik zijn voor het doel waarvoor zij zijn ingericht. Artikel 123 is overduidelijk geschreven om verstoring van erediensten, vergaderingen en rechtszittingen door opsporingsactiviteiten te beletten. Het is overduidelijk niet bedoeld voor oneigenlijk gebruik: het vestigt geen kerkasiel, geen vergaderzaalasiel en geen rechtszaalasiel. justitie.