VN onderzoeken in Irak mensenrechten

BAGDAD, 6 JAN. Voor het eerst sinds 1979 hebben de Verenigde Naties toestemming gekregen in Irak onderzoek te doen naar schendingen van de mensenrechten. Een delegatie onder leiding van de Nederlandse oud-minister Max van der Stoel is nu daartoe in het land. Van der Stoel is vrijdag gearriveerd, blijft een week en zal zowel het Koerdische noorden als het shi'itische zuiden, met inbegrip van de heilige steden Nejaf en Kerbala, bezoeken.

“Wij hopen licht te kunnen werpen op berichten over verdwijningen en massa-liquidaties”, zei Van der Stoel gisteren in Bagdad. Van der Stoel werd in juni door de Mensenrechtencommissie van de VN benoemd tot speciale rapporteur over Irak. In november heeft hij een tussentijds rapport uitgebracht, waarin hij onder andere melding maakte van folterpraktijken, ontvoeringen, willekeurige aanhoudingen, verwoesting van heilige plaatsen en het ontbreken van gerechtelijke procedures. Tevens bevatte het rapport beschuldigingen dat Iraakse regeringstroepen tijdens de Koerdische en shi'itische opstanden in maart vrouwen en kinderen aan tanks hadden vastgebonden om de rebellen te ontmoedigen, dat ze napalm en fosfor hadden gebruikt en patiënten uit de ramen van ziekenhuizen hadden gegooid.

In het rapport stelde Van der Stoel dat hij geen bevredigende antwoorden van Irak had gekregen op de beschuldigingen. Hij is van plan, zo zei hij gisteren, hiernaar verder onderzoek te doen en een Iraakse reactie los te krijgen. Van der Stoel ontmoet onder anderen de Iraakse vice-premier Tareq Aziz.

Een onderzoeker van de VN heeft inmiddels al gesproken met een Filippino, Joe Ducat, die vrijdag door de Iraakse autoriteiten werd vrijgelaten na een gevangenschap, samen met twee Amerikaanse zakenlieden, van vier weken. Ducat heeft gezegd dat de Amerikanen en hij niet zijn mishandeld, maar dat hij in de gevangenis wel Iraakse gevangenen had zien mishandelen. Ducat had onder de gedetineerden ook een negenjarig jongetje gezien. (AFP, Reuter)