TV-promotie goed voor boekverkoop; Bij schrijvers thuis en in de studio

Al sinds enkele weken bevindt het boekenvak zich in een verhoogde staat van opwinding nu Adriaan van Dis vanaf komende zondag weer een aantal afleveringen van zijn VPRO-programma zal presenteren. Hoewel een optreden aan tafel bij Van Dis voor de betrokken auteur geen absolute garantie biedt op extra omzet, is de kans daarop nog altijd groot. Het feit dat de Britse schrijver John Berger zondagavond een van de eerste gasten van de nieuwe reeks zal zijn, is door zijn uitgever (de Bezige Bij) reeds aan het boekenvak doorgegeven; men houdt er rekening mee dat Berger vanaf maandag een goed verkopend auteur zal zijn.

Zo evident kan het verband tussen tv-promotie en boekverkoop zijn dat minister d'Ancona (WVC) haar voornemen om het lezen in Nederland te bevorderen tot dusver met slechts één praktische maatregel kracht heeft bijgezet. Sinds kort staat het uit de STER-opbrengsten gefinancierde Stimuleringsfonds Culturele Omroepprodukties, bedoeld om drama, documentaires en bijzondere manifestaties te subsidiëren, op haar verzoek tevens open voor steun aan “aantrekkelijke” boekenprogramma's. Eerder was het onmogelijk subsidie te krijgen voor magazine-achtige programma's, waarvan de inhoud niet al vaststaat op het moment dat het verzoek wordt ingediend. Op een aan televisie en boeken gewijd symposium zei P. Berger, hoofd afdeling letteren bij WVC, te hopen dat deze verruiming ten minste twee nieuwe boekenprogramma's zal opleveren, “om te voorkomen dat één redactie de smaakmakerij zou bepalen”.

Het ministerie verleende vorig voorjaar uit de pot leesbevordering al een subsidie van 50.000 gulden aan het KRO-programma "Ik heb al een boek', waarvan het verkoopbevorderende effect werd aangetoond door onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen. Uit een enquête in boekwinkels bleek dat de boeken, die in de vijf afleveringen werden behandeld, gemiddeld een extra omzet van 10 procent hebben gehad. De invloed bleek vooral uit de verkoopcijfers van boeken als een studie over Het Parool in oorlogstijd en het oorlogsbrievenboek "Ik denk zoveel aan jullie', waarvan vooraf vaststond dat ze geen bestseller zouden worden. Dat het programma niettemin van het scherm verdween, lag aan de kijkcijfers. Het trok gemiddeld een half miljoen kijkers, wat in tv-kringen als een schamele score wordt beschouwd.

Daar kwam bij dat de KRO-leiding al bij voorbaat niet overtuigd was van de aantrekkingskracht van een apart boekenprogramma. "Ik heb al een boek' kwam vooral tot stand door de particuliere inspanningen van eindredacteur Aad van den Heuvel, die zijn directie tot dusver niet heeft kunnen interesseren in een voortzetting van de rubriek.

De verruiming van de regels van het Stimuleringsfonds heeft tot dusver één aanvraag voor steun aan een nieuwe boekenrubriek opgeleverd. Welke omroep daarbij betrokken is, wil het fonds nog niet zeggen. Het is in elk geval niet de NCRV, die vanaf volgende week maandag zes afleveringen van het veertiendaagse programma "Boek in Waterland' uitzendt. De opzet doet denken aan die van "Ik heb al een boek': gesprekken met schrijvers - thuis en in de studio - en een blik in de boekenkast van bekende Nederlanders. In de eerste aflevering zijn onder meer Jean-Paul Franssens en Dirkje Kuik te gast, terwijl gedetineerden hun voorkeur zullen uitspreken voor de gedichten van Gerrit Achterberg, Jules Deelder en Armando. Het programma wordt gepresenteerd door de debuterende Hans Born, voormalig copywriter, die naar eigen zeggen “gewoon iemand uit de doelgroep” is. In plaats van subsidie van het Stimuleringsfonds hebben de makers een sponsor gevonden: de boekeninkoopcombinatie Libris draagt per aflevering 10.000 gulden bij.

De NCRV begint voorzichtig; pas als de kijkcijfers bevredigend zijn, maakt "Boek in Waterland' kans te worden gecontinueerd. Daarmee wordt het verlangen naar een regulier en regelmatig boekenprogramma vooralsnog niet ingelost. De belangen van de op een massapubliek gerichte omroep, het in leesbevordering geïnteresseerde ministerie en de naar omzet strevende boekenbranche lopen te ver uiteen om de “structurele samenwerking” te bereiken die wordt bepleit door directeur Jan-Geurt Gaarlandt van uitgeverij Balans. “Het is een incidentenverhouding”, zei hij op het eerder vermelde symposium, “waarbij de uitgever altijd de vragende partij is.” Het kwam hem op een honende reactie te staan van enkele aanwezige programmamakers; zij wensten hun redactionele onafhankelijkheid niet ter discussie te stellen.