"Moslim parlement' stelt zich boven Westminster

LONDEN, 6 JAN. Dr. Kalim Siddiqui (60), ex-journalist bij het links-liberale dagblad The Guardian, directeur van een eigen Moslim Instituut in Londen, voorstander van de fatwah jegens schrijver Salman Rushdie en persoonlijk vriend van wijlen Ayatollah Khomeini van Iran, kon vanmorgen tevreden kennisnemen van de reacties in de Britse pers op de installatie van zijn nieuwste geesteskind: het Moslim Parlement van Groot Brittannië.

Zijn bijeenkomst met een kleine 200 van de 2.000.000 moslims in het Verenigd Koninkrijk, dit weekeinde in het gemeentehuis van Londens sjieke deelgemeente Kensington, heeft ruime aandacht gekregen, vooral zijn aansporing aan moslims elke Britse wet die tegen hun belangen indruist, af te wijzen.

Dat de toon van berichtgeving en commentaar negatief is, kan dr. Siddiqui niet deren. Dat staatssecretaris van justitie John Patten hem al meteen op de vingers getikt heeft door te zeggen dat hij zich aan de wet dient te houden, jaagt Kalim Siddiqui evemin schrik aan. Zijn hoop is dat die reactie voor Britse moslims die hem nu nog negeren, een aansporing zal zijn om te gaan geloven in de “oppressie” die hen ten deel valt. Siddiqui heeft al duidelijk gemaakt dat hij bereid is als hun martelaar het gevang in te gaan.

Dr. Siddiqui en zijn schare volgelingen, door hem alleen “Muslim Parliament” genoemd, zijn een kleine maar welsprekende minderheid onder de voor het merendeel gematigde moslims in Groot-Brittannië. Die welsprekendheid, plus het feit dat Siddiqui uit ervaring weet hoe hij de pers kan bespelen, maken dat de krantenkoppen vaker over zijn uitlatingen gaan dan over die van gematigder en werkelijk democratisch afgevaardigde moslims, zoals de "Islamic Society for the Promotion of Religious Tolerance' of de "Bradford Council of Mosques'. Zij distantiëren zich van de strijdbare taal in Siddiqui's moslim-manifest, dat ervan uitgaat dat “in dit land van moslims maar één ding gevraagd wordt: dat ze ondergeschikt zijn en hun identiteit, cultuur en religie volledig opgeven”.

Voor Siddiqui is er maar één leidraad: de islam. Er is maar één land waarin de islam ook politiek uitdrukking krijgt: Iran. Het Westen is, zei hij vorig jaar, “moreel bankroet” en “de geschiedenis beweegt zich nu onafwendbaar in de richting van een opeenvolging van islamitische omwentelingen”.

Pag.5:

Siddiqui: moslim mag Britse wetten negeren

Tot merkbare irritatie van de gematigde moslim-organisaties, die in de hekgolf van de Rushdie-affaire hun best hebben gedaan religieuze overtuiging en leefwijze in Groot-Brittannië met elkaar te verzoenen, slaagde Siddiqui er meteen al in het imago van onverdraagzaamheid en onverzoenlijkheid te versterken door zijn parlementariërs dit weekeinde voor te houden dat “moslims in Groot-Brittannië elk beleid of elke wettelijke maatregel die wij als strijdig met onze belangen beschouwen, zullen afwijzen en zo nodig naast zich zullen neerleggen”. Dat lokte een onmiddellijke tik op de vingers uit van de Britse regering, die bij monde van staatssecretaris John Patten zei dat “elke Britse burger of elkeen die in ons land woont, zich aan de wet van dit land heeft te houden. Dat is mijn duidelijke boodschap aan alle gemeenschappen in ons land, moslim of niet”.

Siddiqui, als altijd voorzichtig langs de rand schaatsend van wat nog nét toelaatbaar is (hij liet eens een zaal vol toehoorders de hand opsteken over de vraag wie er vóór de heilige oorlog tegen Salman Rushdie was), sloeg gisteren terug door Patten “een uit zijn krachten gegroeide public school-boy” te noemen en daaraan meteen het ontbreken van door de staat gesubsidieerde scholen exclusief voor moslims te verbinden.

De leider riep op tot een boycot van belastingbetaling, analoog aan de acties tegen de poll tax, die vooral in Schotland massaal niet betaald is. “Die mensen waren ook geen misdadigers.” De aanwezige "parlementsleden' aanvaardden unaniem een motie waarin ze de houding van de staatssecretaris betreurden als “neerbuigend” en dr. Siddiqui kondigde aan dat hij al 200 moslims bereid had gevonden in groepen van 10 tegelijk de gevangenis in te gaan uit protest tegen het niet-subsidiëren van moslim-scholen. “En ik zal als eerste de gevangenis betreden.”

Het verwijt dat er geen aparte, gesubsidieerde scholen voor moslim-leerlingen zijn is terecht. De staat subsidieert zogenaamde Church of England-scholen en scholen voor rooms-katholieken en joden. Maar de Britse regering heeft subsidiëring van exclusief op de islam gerichte scholen altijd met kracht afgehouden. Dat verdedigde ze gisteren bij monde van staatssecretaris Angela Rumbold door te zeggen dat ze geen vertrouwen kon hebben in de deugdelijke uitvoering van het nationaal geldende lesprogramma op dergelijke scholen. De belastingbetaler zou daarom geen zekerheid hebben over de vraag of zijn geld bij een moslim-school wel even goed besteed zou worden als wanneer het naar een niet-religieuze school gaat.