Moord op inspecteur veroorzaakt opschudding in Italië

ROME, 6 JAN. In een van de meest geruchtmakende mafiamoorden van de afgelopen maanden is zaterdagavond een politie-inspecteur gedood die gold als de belangrijkste opsporingsambtenaar in de strijd tegen de 'ndrangheta, de georganiseerde misdaad in de zuidelijke regio Calabrië.

De 59-jarige Salvatore Aversa werd tegen zeven uur met zijn vrouw Lucia doodgeschoten toen hij in zijn auto stapte nadat ze samen boodschappen hadden gedaan in Lamezia Terme. Aversa overleed ter plekke, zijn vrouw op weg naar het ziekenhuis. Er waren geen getuigen van de aanslag. De daders, waarschijnlijk twee, zijn spoorloos.

Deze mafiamoord heeft grote opschudding veroorzaakt. Aversa heeft een hoofdrol gespeeld in de meeste justitiële onderzoeken tegen de 'ndrangheta in Lamezia Terme en omgeving. Mede op basis van zijn speurwerk heeft het kabinet in september vorig jaar besloten de gemeenteraad van Lamezia Terme te ontbinden wegens de sterke greep die de georganiseerde misdaad heeft op het plaatselijke bestuur. Volgens een toelichting op het besluit worden zeker zeven gemeenteraadsleden verdacht van banden met de georganiseerde misdaad.

Medewerkers bij de politie noemden Aversa, die al twintig jaar werkte in Lamezia Terme, een soort wandelend archief van de georganiseerde misdaad. Hij gold ook als een specialist in de smokkel van wapens en drugs door de verschillende bendes van de 'ndrangheta, wier felle onderlinge strijd van Calabrië de gewelddadigste regio van Italië heeft gemaakt.

Juist wegens het belang van het slachtoffer heeft de moord op Aversa veel meer opschudding veroorzaakt dan andere moorden, zoals de moorden gisteren op een invalide mafiabaas in Villafranca Sicula of het mafiabloedbad met drie doden op nieuwjaarsmorgen in Palma di Montechiara, beide in Sicilië. De commandant van de Italiaanse politie, Vincenzo Parisi, omschreef de aanslag op Aversa als “een terroristische daad, bedoeld om de instituties te intimideren”.

Vermoed wordt dat Aversa, die had aangekondigd dat hij binnenkort met pensioen wilde gaan, iets op het spoor was gekomen dat direct bedreigend voor de mafia was, en dat hij daarom zo snel mogelijk uit de weg moest worden geruimd. Zijn vrouw is vermoord omdat de moordenaars geen getuigen wilden, vermoedt de politie.

Politiecommandant Parisi was een van de tientallen hoogwaardigheidsbekleders die gisteren naar Lamezia Terme waren gekomen voor de begrafenis van Aversa en zijn vrouw, die door veertigduizend mensen werd bijgewoond. Onder hen was ook president Cossiga. In een korte toespraak na de mis sprak Cossiga zijn “woede (uit) over het bloedbad dat in dit en andere delen van het land steeds wordt aangericht”.

Cossiga vroeg zich af of het nog mogelijk is de mafia te bestrijden zonder noodwetten die een aantal grondwettelijke garanties en vrijheden tijdelijk opschorten. Dit voorstel heeft een felle discussie losgemaakt. Minister Scotti van binnenlandse zaken zei dat de huidige wetten voldoende handvatten bieden.

Scotti wees er ook op dat gehoor wordt gegeven aan de steeds luidere roep om betere samenwerking tussen de drie politiekorpsen, aangewakkerd nadat politie-agenten vorige maand bij vergissing een carabiniere doodschoten die achter dezelfde misdadigers aanzat. Scotti zei dat later deze maand de speciale overkoepelende politie-eenheid actief wordt die zich uitsluitend op de georganiseerde misdaad zal richten.

De drie grote vakbonden hebben voor morgen in Calabrië een algemene staking van twee uur aangekondigd om te protesteren tegen de moordaanslag. “Deze nieuwste gewelddaad laat zien welke graad van beestachtigheid het optreden van de mafia bereikt wanneer zij zich bedreigd voelt in haar belangen en in haar banden met politieke zwendelaars”, aldus een verklaring van de drie bonden.

De politiebonden hebben gezegd zich vaak machteloos te voelen, door het gebrek aan manschappen, door de angst bij de burgers om informatie te verstrekken en mee te werken met de politie, door de in het verleden vaak halfslachtige manier waarop de strijd tegen de mafia is aangepakt. “Wie is de volgende”, vroeg de politiebond Lisipo zich in een boze verklaring af. “Of verbeeldt men zich misschien nog dat degenen die ons besturen geïnteresseerd zijn in de oplossing van het probleem?”