Werkgevers achten beleid jegens Zuid-Afrika achterhaald; Ruzie over EG-gedragscode

ROTTERDAM, 4 JAN. Het Verbond van Nederlandse Ondernemingen (VNO) verschilt ernstig van mening met het ministerie van buitenlandse zaken over de afschaffing van de EG-gedragscode voor Zuid-Afrika.

H. Kloosters, woordvoerder van het VNO, bevestigde gisteren desgevraagd dat het VNO sinds dit najaar bij het ministerie aandringt op afschaffing van de gedragscode die bedrijven uit de Europese Gemeenschap hanteren bij investeringen in Zuid-Afrika. Volgens het VNO heeft de EG-gedragscode geen bestaansrecht meer nu de apartheid in snel tempo wordt ontmanteld.

Minister Van den Broek (buitenlandse zaken) liet afgelopen zomer per brief weten de gedragscode te handhaven. Een woordvoerster van het departement zei gistermiddag dat de minister dit standpunt nog steeds huldigt.

Volgens doorgaans goed geïnformeerde bronnen hebben ambtenaren op Buitenlandse Zaken het VNO te verstaan gegeven dat de gedragscode verplicht zal worden gesteld, indien het VNO zich blijft uitspreken tegen de code en indien Nederlandse ondernemingen de code niet meer vrijwillig zullen naleven, zoals nu gebeurt.

De in 1985 aangepaste EG-gedragscode schrijft voor dat bedrijven uit de Europese Gemeenschap met vestigingen in Zuid-Afrika jaarlijks rapport uitbrengen over hun activiteiten ter plaatse. De bedrijven moeten volgens de code hun zwarte werknemers het recht toekennen zich bij de vakbond van hun keuze aan te sluiten, zwarte werknemers gelijke beloning geven, alsmede gelijke kansen bij scholing, werk en promotie. Naleving van de code, bedoeld om in ieder geval in de bedrijven apartheid uit te bannen, geschiedt overigens op vrijwillig basis. De circa tien Nederlandse ondernemingen met vestigingen in Zuid-Afrika, waaronder Philips en Nedlloyd, hebben tot nog toe de rapportage nageleefd.

Het VNO vindt dat de EG-gedragscode is achterhaald door de ontwikkelingen in Zuid-Afrika. Kloosters wijst er op dat burgers in Zuid-Afrika sinds deze zomer wettelijk gesproken niet langer op basis van hun huiskleur worden geregisteerd. Een gedragscode waarbij nadrukkelijk onderscheid wordt gemaakt tussen zwarte en blanke werknemers is volgens Kloosters daarom niet langer op zijn plaats. “Wat heeft de code voor zin in een post-apartheid Zuid-Afrika.”

Het ministerie van buitenlandse zaken heeft volgens Kloosters nog geen formeel antwoord gegeven op het verzoek van het VNO om de EG-gedragscode af te schaffen. Wel zou uit gesprekken met ambtenaren zijn gebleken dat Van den Broek voor handhaving van de code is.

De minister vindt daarbij de anti-apartheidsbeweging aan zijn kant. Deze verzet zich tegen afschaffing van de EG-gedragscode omdat de apartheid wettelijk dan wel mag zijn afgeschaft, maar volgens haar feitelijk nog steeds bestaat en ook de komende decennia nog wel zal blijven voortwoekeren.

Anti-apartheidsactivisten wijzen er op dat ook het Afrikaans Nationaal Congres (ANC), de grootste anti-apartheidsbeweging in Zuid-Afrika die nu dingt naar regeringsmacht, in het kader van positieve discriminatie vast blijft houden aan onderscheid naar huidskleur.

Sinds de ontmanteling van de apartheid deze zomer uitmondde in de vernietiging van de laatste belangrijke racistische wetten (met uitzondering van de grondwet) is de belangstelling onder het Nederlands bedrijfsleven voor Zuid-Afrika flink gegroeid. De interesse heeft zich evenwel nog niet in klinkende investeringen vertaald.

Werd eerder al bekend dat staatssecretaris Van Rooy (economische zaken) in maart Johannesburg bezoekt om onder meer een beurs van het Nederlands bedrijfsleven aan te doen, gisteren lekte uit dat premier Lubbers en minister Van den Broek volgende maand naar Zuid-Afrika reizen voor een officieel bezoek.