Venema is gestopt met schrijven en doet al zijn boeken weg; Ik had de geestdrift omdat ik wist dat het een keer ophield

Adriaan Venema, die veel over de Tweede Wereldoorlog heeft gepubliceerd, heeft zijn hele bibliotheek de deur uitgedaan en is opgehouden met schrijven. Vanwaar deze ingrijpende stap?

Op de grond in de woonkamer liggen nog drie kleine stapeltjes. Verder zijn in de woning van de schrijver Adriaan Venema geen boeken meer te vinden. Gisterochtend is een vrachtwagen van de firma De Slegte bij Venema langsgeweest om zijn bibliotheek weg te halen. In de vloerbedekking zijn de afdrukken van de boekenkasten nog te zien en de muur, die vers gewit is, vertoont uitgewiste sporen van pluggen. “Ik ben er zelf niet meer bij geweest”, zegt Venema, “behulpzame vrienden hebben deze laatste fase in goede banen geleid. Vanmiddag kwam ik hier terug in een leeg huis en dat is wel even wennen maar ik ben bijzonder opgelucht. Alleen mijn eigen boeken heb ik bewaard.”

Venema, die onder meer publiceerde over de kunsthandel en de literaire wereld in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog, had volgens eigen zeggen een verzameling kunstboeken, een verzameling literatuur en een zogeheten gebruiksbibliotheek die hij nodig had voor het schrijven van zijn boeken. De bibliotheek bestond in zijn geheel uit ongeveer 6000 banden, talrijke tijdschriften en krantenleggers. “Ik hoefde bij het schrijven aan mijn boeken praktisch nooit naar de bibliotheek”, zegt Venema. Voor hoeveel hij zijn collectie heeft verkocht wil hij niet zeggen, “maar we waren het binnen een half uur eens over een bedrag van vijf cijfers.”

Wat Venema betreft kan firma De Slegte ermee doen wat ze wil: “Ik heb geen enkele voorwaarde gesteld, daar ben ik zelf te veel handelaar voor. Als er iemand illegale blaadjes spaart en hij kan zijn collectie uit mijn bibliotheek compleet krijgen dan zou het raar zijn als die verzamelaar er ook een hele partij NSB-lectuur bij moest nemen. Voor mij hoeft het allemaal niet bij elkaar te blijven.”

Venema besloot al jaren geleden om op zijn vijftigste met schrijven te stoppen en in mei vorig jaar was het zover. “Ik was precies klaar met het vijfde deel van Schrijvers, uitgevers en collaboratie. Het boek komt uit in september en dat is het laatste wat ik heb geschreven. Ik publiceer nooit meer iets, ik reageer niet meer op artikelen en ik ben niet van plan om nog te polemiseren. Het is afgelopen.”

Venema, die zichzelf een workaholic noemt, weet niet of hij wel kan stilzitten en genieten van zijn vrijheid. “Mijn toekomst is ongewis. Het is partiële zelfmoord om een werkzaam leven op deze manier te beëindigen, dat besef ik heel goed.”

De boeken van Venema deden altijd nogal wat stof opwaaien. Zijn Kunsthandel in Nederland, 1940-1945 maar vooral de delen Schrijvers, uitgevers en hun collaboratie hebben hem vijanden opgeleverd en vriendschappen gekost. “Ik heb me jaren met geestdrift op de gevechten gestort maar dat kon ik ook opbrengen omdat ik voor mezelf wist dat er een eind aan zou komen. Het laat ook zijn sporen achter. Je kunt niet ongeschonden blijven onder jaren spervuren van reacties en polemieken. Ik ben zelfs een keer in elkaar geslagen.”

Venema bestrijdt dat hij "fout' gedrag van kunstenaars, schrijvers of uitgevers hard heeft ingewreven. Hij beschouwt zichzelf niet als moraalridder of inquisiteur. “Dat soort terminologie komt van mensen die mijn boeken niet goed hebben gelezen. De grootste woede ontstond als ik erop wees dat schrijvers na de oorlog logen over wat ze hadden gedaan. De berichtgeving daarover drukte mij dan in een bepaalde rol.”

Er is door de tegenstanders wel gespeculeerd over wat Venema, geboren in 1941, toch dreef bij zijn arbeid. Waren zijn ouders bij de NSB of heeft hij op jeugdige leeftijd iets traumatisch meegemaakt? Venema: “Welnee, ik woonde in Heiloo en mijn vader werkte bij een kaasfabriek. Mijn ouders zaten niet bij de NSB en niet in het verzet, het waren eigenlijk doorsnee-Nederlanders. Nee, ik begrijp niet waar men op doelt. Mijn belangstelling voor de oorlog ontstond op jeugdige leeftijd toen wij in de rivierenbuurt in Amsterdam gingen wonen. Dat is een buurt waar in de oorlog het een en ander gebeurd is. Anne Frank woonde er voordat ze onderdook. Verder maakte, toen ik iets ouder was, de televisie-uitzendingen van "De Bezetting' van Loe de Jong enorme indruk. Dat geldt voor mijn hele generatie. Ik kan je verzekeren dat het tijdens die uitzendingen echt stil op straat was. Ja, aan Loe de Jong hebben we veel te danken.”

In het laatst te verschijnen deel gaat Venema onder meer in op een aantal reacties die zijn werk hebben losgemaakt en rectificeert hij onjuistheden. “Natuurlijk zijn er dingen die ik terugneem en zou ik sommige andere dingen iets anders hebben opgeschreven. Maar het is op zichzelf goed dat er uitgebreid discussie is gevoerd over allerlei kwesties. Over vijftig jaar schrijft iemand nog eens een artikel of een boek over hoe in 1990 gereageerd is op de toenmalige geschiedschrijving. Geschiedschrijving is zelf ook tijdgebonden.”