Gevechten in Kroatië nog niet gestaakt

LJUBLJANA, 4 JAN. Het staakt-het-vuren dat gisteravond om zes uur van kracht werd, heeft nog niet geleid tot de beëindiging van de gevechten in Kroatië.

De Kroatische televisie berichtte gisteravond dat ook na zes uur de artillerie beschietingen op de hoofdstad van Slavonië, Osijek, en de Noord-Dalmatische havenstad, Zadar, werden voortgezet. Het door de Serviërs gedomineerde federale leger maakte melding van schendingen van het bestand door Kroatië.

Donderdagavond zetten de Kroatische minister van defensie, Gojko Susak, en de generaal van het federale leger, Andrija Raseta hun handtekening onder het vijftiende staakt-het-vuren dat sinds de nu zes maanden durende Servisch-Kroatische oorlog ondertekend werd.

Het staakt-het-vuren werd ondertekend nadat Kroatische en Servische leiders instemden met een VN-vredesplan dat voorziet in het vertrek van de Kroatische Nationale Garde, het door Servië gecontroleerde federale leger en Servische milities uit de crisisgebieden en in de komst van een 10.000 man sterke VN-vredesmacht.

De speciale afgevaardigde van de VN, Cyrus Vance, heeft deze week tijdens zijn inmiddels vijfde bemiddelingspoging in Joegoslavië, echter nog eens duidelijk laten weten dat er slechts een VN-vredesmacht naar Kroatië komt wanneer er een einde komt aan de gevechten.

Vance was donderdagavond voor zijn vertrek uit Belgrado optimistisch over het in Sarajevo ondertekende staakt-het-vuren. Maar in de Kroatische en Servische pers werden gisteren de kansen op succes van het vijftiende staakt-het-vuren niet bijzonder groot geacht.

De Kroatische media gaven het federale leger en Servische milities al bij voorbaat de schuld voor het mislukken van het staakt-het-vuren; de Servische media schilderden de Kroaten als boosdoeners af. Waarnemers wijzen er op dat de overeenkomst voor een staakt-het-vuren niet ondertekend is door de Servische milities en dat het daarom niet uitgesloten is dat zij zich niet aan het bestand zullen houden.

Anderen menen echter dat de groeiende weerstand tegen de oorlog in Kroatië en Servië de leiders in Zagreb en Belgrado er toe dwingt de wapens neer te leggen. Zij wijzen er op dat zowel Kroatië als Servië aan het front problemen heeft omdat dienstplichtigen en reservisten niet komen opdagen.