Conventie over nieuw Joegoslaviëgeen succes

LJUBLJANA, 4 JAN. In het gebouw van het federale parlement in Belgrado had gisteren een conventie plaats voor een "nieuw Joegoslavië'. Dat nieuwe Joegoslavië zou moeten bestaan, zo was in het parlementsgebouw te horen, uit Servië, Montenegro en de gebieden in Kroatië en Bosnië waar Serviërs wonen.

In de Kroatische en Sloveense pers werd de conventie slechts gezien als “een dekmantel van de Servische leiders om hun aspiraties voor een Groot Servië aanvaardbaar te maken voor Europa en de Verenigde Naties”. In het parlementsgebouw verzamelden zich vertegenwoordigers van 156 pro-Joegoslavische partijen en verenigingen.

Het overgrote deel van de organisaties speelt geen enkele rol op het politieke toneel van Joegoslavië. Een uitzondering vormde de in Servië regerende Socialistische Partij - de voormalige communistische partij- van president Slobodan Milosevic, die als enige van de in het Servische parlement vertegenwoordigde partijen een delegatie naar de conventie afvaardigde.

Ook de vier leden van het door Servië gecontroleerde staatspresidium woonden de conventie bij. De vice-voorzitter van het presidium, Branko Kostic, nodigde alle Joegoslavische volkeren uit deel te nemen aan het “nieuwe en demokratische Joegoslavië”. De Servische oppositie boycotte de conventie. De leider van de grootste oppositiepartij, de Servische beweging voor Vernieuwing, Vuk Draskovic, noemde de conventie een “poppenkast”.

“Joegoslavië bestaat niet meer en kan ook niet meer door een broederschap van communisten tot leven gewekt worden”, zo vond Draskovic. Opmerkelijk was dat ook de regerende socialistische partij van Montenegro - eveneens voormalige communisten - verstek liet gaan. De partij van de Montenegrijnse president Momir Bulatovic, geldt als een trouwe bondgenoot van Milosevic. De Montenegrijnen lieten gisteren echter boos weten dat “in Belgrado niet beslist kan worden over de toekomst van Montenegro”.