Athene is bezorgd om "Macedonië'

ATHENE, 4 JAN. Griekenland wordt overspoeld door aanhalingstekens. Nadat ze reeds vele jaren werden gebruikt voor alles wat te maken heeft met de alleen door Ankara erkende "Turkse Republiek Noord-Cyprus' - de "pseudo-staat' - dreigt iets dergelijks te gebeuren met de potentiële republiek Macedonië die door Athene onder deze "Griekse' naam nooit zal worden erkend.

De regering zet als het om Turks Cyprus gaat sinds jaar en dag aanhalingstekens bij "president Denktash', bij de "premier', de "regering', de "verkiezingen' die daar worden gehouden voor het "parlement' en zelfs voor de "zetels' die de verschillende "partijen' krijgen. Dezer dagen brengt de nieuwe Turkse minister van buitenlandse zaken, Hikmet Cetin, tot Griekse woede ook nog een bezoek aan Cyprus.

Macedonië is Athene's nieuwe kopzorg. De "republiek van Skopje', zoals het nu nog wordt aangeduid, wordt volgens de Griekse regering bewoond door Serviërs en andere Slaven, door zigeuners, Albanezen en andere islamieten (geen Turken) en niet te vergeten door Grieken.

De Griekse oppositie die in deze inzichten nog strikter is, schrok hevig toen eergisteren plotseling bekend werd gemaakt dat afgezanten van de "republiek van Skopje' op weg naar Athene waren voor overleg op het ministerie van buitenlandse zaken. De regering verduidelijkte dat het niet om "onderhandelingen' zou gaan en dat het overleg zou geschieden "op het niveau van experts' en alleen "op verzoek van Skopje'.

De uitwisseling van gedachten heeft gisteren plaatsgehad maar is op Grieks initiatief afgebroken, aldus een boze woordvoerder van het ministerie nadat duidelijk was geworden dat de experts niet over de naam "Macedonië' wilden praten en zelfs volhielden dat deze naam best voldeed aan de voorwaarden, door de EG gesteld voor erkenning.

Met enige zorg ziet men in Athene de datum van 15 januari naderen, waarop de EG zich moet uitspreken over erkenning van de vier voorheen Joegoslavische republieken die daarom hebben gevraagd. Macedonië is daar een van. De voorwaarden zijn geformuleerd op een aan Joegoslavië gewijde vergadering van de ministers van buitenlandse zaken, drie weken geleden. Na afloop daarvan verklaarde de Griekse premier Mitsotakis zonder blikken of blozen dat de Twaalf de naam "Macedonië' hadden afgewezen.

In werkelijkheid was de tekst veel vager: de te erkennen republieken mochten geen namen aannemen die territoriale aspiraties inhielden. In Atheense ogen houdt de beladen Griekse naam Macedonië automatisch zulke aspiraties in, maar het is de vraag of de andere elf er ook zo over denken.

De Italiaanse minister van buitenlandse zaken, De Michelis, beschuldigde zijn Griekse collega Samaràs al tijdens de vergadering van “piratenpolitiek” en “chantage”. Lord Carrington verklaarde tijdens een bezoek aan Skopje dat de republiek zijns inziens aan de erkenningsvoorwaarden voldeed en de term "Macedonië' is ook niet uit de EG-bureaucratie verwijderd.

Het woedendst zijn de Grieken nu op de paus die dit jaar aan de talen waarin hij zijn nieuwjaarsboodschap uitsprak "het Skopiaanse idioom', zoals het hier wordt genoemd, heeft toegevoegd. Ook vroeger had hij dit al eens gedaan, maar na protesten uit Athene was hij hiermee opgehouden, dus hij was wel "ingelicht.' Minister Samaràs sprak van een “ongelukkige handeling” en ook de Synode van Grieks-orthodoxe kerk zal een felle veroordeling uitspreken.

Het pauselijk initiatief versterkt de Griekse achterdocht dat Rome bezig is zich op de Balkan te nestelen - de Italiaanse politiek inzake Albanië had hier al eerder aanstoot gegeven. Nog erger is natuurlijk de belangstelling, die Turkije voor Albanië en Macedonië aan de dag legt. In Athene ziet men aankomen dat de twee "spookrepublieken' van Skopje en Nicosia elkaar zullen gaan erkennen.

De experts uit Skopje baseren hun optimisme aangaande erkenning door de EG op het feit dat de Macedonische grondwet, na wijzigingen, nu duidelijke garanties geeft dat het land geen expansie nastreeft. In Athene acht men de wijzigingen gebrekkig en tegenstrijdig; het artikel aangaande "belangstelling voor Macedonische minderheden buiten de grenzen' is niet ingetrokken. In Noordwest-Griekenland leven, verspreid over een groot gebied, tienduizenden Slavisch sprekenden die door Athene niet als "minderheid' worden erkend.