Annie M.G. Schmidts Pluk van de Petteflet als hoorspel

Pluk van de Petteflet, zondag, radio 2, 19.02-20.00u.

Er zullen weinig Nederlanders onder de vijfentwintig jaar rondlopen die Annie Schmidts Pluk van de Petteflet niet kennen. Vanaf 1968 verscheen wat Marja Roscam Abbing "de eerste roman in een kleuterleven' noemde in afleveringen in de Margriet. In 1971 maakte uitgeverij Querido er een boek van (oplage inmiddels 300.000 exemplaren), aan het begin van de jaren tachtig werd het verhaal opnieuw afgedrukt in het kleuterblad Bobo en wie het onverhoopt thuis nóch op school kreeg voorgelezen kan het met het onnavolgbare stemgeluid van de schrijfster zelf op cassette beluisteren. Daar lijkt helemaal niets meer aan toe te voegen en tóch doet de hoorspelserie, die de VPRO vanaf zondag in haar kinderprogramma Van nul tot tachtig gaat uitzenden dat wel. Hoe Pluk, Dollie de Duif, de Stampertjes, mevrouw Helderder, de Heen- en weerwolf en de Krullevaar eruit zien, weet iedereen dankzij de ijzersterke, een tikkeltje karikaturale tekeningen van Fiep Westendorp. Maar hoe klinken ze?

Met behulp van een groot aantal acteurs, onder wie Kitty Courbois, Huib Rooijmans, Gerard Thoolen, Lot Lohr en Peter Drost heeft regisseur Jet van Boxtel Pluk van de Petteflet een stem gegeven en het is een belevenis om daar naar te luisteren. Dat komt natuurlijk in de allereerste plaats omdat Annie Schmidt zulke heldere, grappige en soms roerende teksten aanreikt om te zeggen. Het verhaal van de kleine jongen, die blakend van ondernemingslust en niet gehinderd door enige opvoedende hand in zijn rode kraanwagentje rondsjeest om kinderen en dieren te beschermen tegen domme, zelfzuchtige volwassenen pakt lezers en luisteraars van elke leeftijd in. Het enige dat bewerker Tom Sijtsma heeft gedaan is het omzetten van beschrijving in dialoog en het schrappen van "zei hij's' en "zei zij's'.

Voor zover uit de eerste drie afleveringen te beluisteren valt, heeft Annie M.G. in de hoorspelstudio voor grote inspiratie gezorgd. Duif Dollie wordt bij Ottolien Boeschoten een rondborstig soort Mien Dobbelsteen, Marjan Luif is met haar mevrouw ten Kate-ervaring geknipt voor de afgemeten truttigheid van mevrouw Helderder en Cas Enklaar maakt met een gebarsten stemgeluid en het volmondig smakken op zijn appelschilletjes van Zaza de kakkerlak een glansrol. De Pluk van Suzanne Helmer klinkt blanco en soms wat erg vlak, maar past wel bij de onbewogen heldenrol die hem in het verhaal is toebedeeld. De onderneming wordt echter gedragen door Kitty Courbois, die met die stem waar het leven aan af is te horen een mooi evenwicht weet te bereiken tussen vanzelfsprekendheid en de belofte van wat de luisteraar nog voor opwindends te wachten staat. Naar mijn smaak wordt er iets te veel onrust veroorzaakt door het échte hoorspelgedoe van hollende voetstappen, krakende zakjes, tikkende klokken en een zoevende lift met bel. Wel precies goed is de prachtige tune die Harry Bannink componeerde en die het Metropoleorkest met variaties door elke aflevering heen strooit. Wie goed luistert, hoort dat het ritme van de muziek maar één ding zegt: Pluk van de Petteflet.