"Alle trainingsboeken kunnen nu wel worden verbrand'; Vissers tweede 5000 meter in seizoen goed voor het zilver

HEERENVEEN, 3 JAN. Aan het begin van dit schaatsseizoen had Leo Visser maar één doel voor ogen. Hij wilde in zijn afscheidsjaar op het olympische ijs van Albertville een gouden medaille veroveren. Op de 1500 meter, zijn sterkste nummer. Alles stond in het teken van dat streven. Zijn training was geheel gebaseerd op dat ene onderdeel. Aan de andere disciplines schonk Visser geen enkele aandacht. Vandaar dat hij gisteren in Heerenveen versteld stond van zichzelf toen hij, bij de Nederlandse afstandskampioenschappen, tweede werd op de vijf kilometer achter de favoriete rasstayer Bart Veldkamp.

“Alle trainingsboeken kunnen worden verbrand”, merkte Visser in de Thialfhal grijnzend op. “Kennelijk heeft niemand de juiste kennis in pacht. Dat bleek ook uit de mooie derde plaats van Robert Vunderink, die ook helemaal zijn eigen weg gaat.” Visser realiseerde in de rit tegen Ronald Bosker een tijd van 6.51,38, nog geen zes seconden boven zijn Nederlandse record. “Ongelooflijk”, vond de 25-jarige piloot, “zeker als ik bedenk dat dit deze competitie pas mijn tweede vijf kilometer is.” Zijn eerste race op de 5000 meter reed hij anderhalve week geleden in Collalbo. Hij begon er naar zijn zeggen vol met bange voorgevoelens aan.

Akkoord, Visser wist dat zijn basisconditie goed was. Daar had hij hard aan gewerkt. In een aantal trainingskampen of desnoods op rolschaatsen op een parkeerplaats in het verre oosten, wanneer hij als vliegenier onderweg was. Maar in Collalbo keek hij op tegen de afstand. “Hoe zullen mijn benen het houden”, spookte het door zijn hoofd. “Die zullen wel dichtslaan, dacht ik. Twaalfeneenhalve ronde houden die het niet.” Maar het viel mee. In de sneeuw kwam de Zuidhollander uit op een acceptabele 7.05. “En toen dacht ik: ik ga het nog eens proberen op de afstandskampioenschappen.”

De uitschieter op de vijf kilometer riep bij Visser herinneringen op aan 1989. Destijds legde hij op de oefenbaan tijdelijk het accent op de 1500 meter, die hij wilde verbeteren in zijn pogingen een betere allrounder te worden. Visser: “Dat leidde ook toen tot goede vijf kilometers.” Dat jaar werd Visser Europees- en wereldkampioen, in respectievelijk Gothenburg en Oslo.

Visser werd vanochtend ook tweede op de 1500 meter. Hij eindigde met zijn tijd van 1.55,80 een fractie achter winnaar Ritsma. In het fictieve klassement van de schaatsmijl en de 5000 meter staat Visser op de eerste plaats. Nog een kleine maand scheidt hem van de Winterspelen. Zijn aanloop naar Albertville wordt nog gehinderd door één zware KLM-vlucht: de tiende januari vliegt Visser naar Tokio, vier dagen later hoopt hij het toestel op Schiphol te laten landen.

Vóór het olympische toernooi wacht de schaatstop nog de Europese titelstrijd (17 tot em met 19 januari) in Heerenveen. Visser zal daaraan, zo maakte hij vanochtend bekend, definitief niet deelnemen. Hij zegt van het vorig seizoen te hebben geleerd. “Toen reed ik goed op het EK en later op het WK weer iets minder. Het blijkt dus dat ik één hele goede piek kan hebben.” En die wil Visser voor de Olympische Spelen bewaren. “Albertville blijft mijn grote doel.”