VISSOEP MET VENKEL

Dat klinkt wat eenvoudiger dan ”soupe de poisson au fenouil', maar de smaak is er niet minder om. In deze tijd van grootse diners is dit een soep om in gedachten te houden; beter nog: om op te dienen.

Voor 6 personen:

1 liter visbouillon

2 deciliter droge witte wijn

1 venkelknol

1 prei

1 vleestomaat

500 gram kabeljauwfilet

1 visbouillontablet

zout, peper

Visbouillon is te koop maar kan ook zelf worden gemaakt. Hoe dat laatste moet is in deze rubriek al bij herhaling uit de doeken gedaan. Kortweg komt het hierop neer: neem 3-4 à 1 kilo graten van magere soorten vis. Spoel ze af. Verwarm 3 eetlepels olie en fruit daarin 2 minuten lang 1 gesnipperde ui, 1 stukje prei, 3 takjes peterselie, 1 laurierblad, 1 takje of snufje tijm en 3-5 peperkorrels. De graten toevoegen, blussen met wijn en 1 liter water erbij schenken. De bouillon een half uur op laag vuur laten trekken en dan zeven. Bij kant-en-klaar gekochte visbouillon: de wijn toevoegen en de bouillon op het geëigende moment aan de kook brengen.

Snijd de vingers van de venkelknol en bewaar het groen. Verwijder het kegelvormige hart aan de basis van de knol (als bij witlof) en snijd de knol in kwarten en die op hun beurt in smalle repen. Snijd de witte en lichtgroene delen van de prei in ringen. Dompel de tomaat tien tellen in kokend water, pel het velletje los en verdeel het vruchtvlees in blokjes. Snijd de vis in stukjes. Doe het tablet bij de kokende bouillon, voeg dan de repen venkel toe en, na 8 tot 10 minuten koken de preiringen en de stukjes vis. De soep nog hooguit 5 minuten koken en dan op smaak brengen met zout en peper. Verdeel de stukjes tomaat en snippers venkelloof over borden of kommen en schep daarover de soep. Eet er geroosterd brood bij.