Milosevic gematigd over Kosovo en moslims

LJUBLJANA, 30 DEC. President Slobodan Milosevic van Servië heeft zich gisteren - voor het eerst - in verzoenende termen uitgelaten over de Albanezen in Kosovo en de moslims in Bosnië-Hercegovina en kritiek geuit op niet met name genoemde Servische leiders in Bosnië.

In een vraaggesprek met het blad Vecernje Novosti erkende Milosevic dat de Albanese bevolking van Kosovo, die elke autonomie is kwijtgeraakt sinds de vroegere autonome provincie vanuit Belgrado wordt bestuurd, reden heeft tot ontevredenheid. Hij gaf ook toe dat “een groot aantal kinderen” in Kosovo niet naar school gaat. In Kosovo hebben de meeste scholen hun deuren gesloten; de Albanezen weigeren in te stemmen met het door de Serviërs opgelegde lesprogramma, dat geheel op Servische leest is geschoeid.

De opmerkingen van Milosevic over Bosnië kwamen eveneens onverwachts. De Servische minderheid in deze republiek heeft zich inmiddels in eigen autonome gebieden georganiseerd en wil zich bij Servië aansluiten als Bosnië door de EG als onafhankelijke republiek wordt erkend. Die wens heeft tot grote spanningen geleid tussen de Serviërs en de moslims en Kroaten in Bosnië.

Volgens Milosevic hebben sommige leiders van de Serviërs in Bosnië “een misleidende indruk” gewekt. De moslims van Bosnië zijn niet (zoals door de Servische leiders van de republiek bij voortduring wordt beweerd) “een factor van instabiliteit”, zo stelde Milosevic. “Het samenleven van de Serviërs en de moslims in Bosnië is in het belang van beide volkeren”, zo stelde Milosevic.

In Kroatië werd afgelopen weekeinde in 27 steden luchtalarm gegeven. De federale luchtmacht bombardeerde vooral Karlovac, 60 kilometer ten zuidwesten van Zagreb. Bij Karlovac wordt al een week lang onafgebroken gevochten. Het straatbeeld wordt bepaald door zwaar beschadigde woonblokken en uitgebrande fabriekshallen. Veel van de 55.000 inwoners zijn de stad ontvlucht en de mensen die gebleven zijn verblijven vandaag voor de negende achtereenvolgende dag in de schuilkelders. Zowel Kroatische als Servische bronnen zeggen dat bij de gevechten in Karlovac veel doden zijn gevallen. Bij Zadar werd een ziekenhuis door inslaande bommen beschadigd. In westelijk Slavonië werden Novska en Pakrac door de luchtmacht gebombardeerd. Als reactie daarop werden door Kroatische artillerie federale stellingen in Bosnië onder vuur genomen.