Weert en Haarlem financieren komst basketbaltoppers

DEN HELDER, 28 DEC. Voor het eerst in de tienjarige geschiedenis van de Haarlemse Basketbalweek nemen vier Nederlandse ploegen aan het evenement deel. Naast landskampioen Den Helder geven Den Bosch, Akrides Haarlem en Weert acte de presence in de Kennemer sporthal.

Voorheen namen nooit meer dan twee ploegen uit eigen land deel. De uitbreiding tot vier hangt samen met de gewijzigde opzet van het toernooi. In plaats van de gebruikelijk acht nemen dit jaar twaalf teams deel, die zijn verspreid over vier groepen van drie.

Frans Voskuilen, voorzitter van het organisatiecomité, ziet de deelname van vier ploegen uit eigen land als een experiment. Als het bevalt en het publiek, dat ieder jaar massaal de wedstrijden bijwoont, de grotere Nederlandse inbreng ook weet te waarderen, lijkt niets een vervolg volgend jaar in de weg te staan. Vooral omdat de Nederlandse teams nauwelijks op de begroting drukken. Alleen Den Helder ontvangt een vergoeding: duizend gulden per gespeelde wedstrijd. Den Bosch krijgt niets, maar kwam niettemin graag. Naast het sportieve element speelde vooral de media-exposure (Studio Sport besteedt dagelijks aandacht aan het toernooi, wat de sponsor van de Bossche ploeg zeer bekoort) een belangrijke rol.

Datzelfde geldt voor Haarlem en Weert, die zich zelfs in moesten 'kopen' om deel te mogen nemen. De geldschieters van beide teams betalen de speciaal voor het evenement opgezette VIP-tent, waar de zakenrelaties van beide sponsors overigens ook een avondje gebruik van mogen maken.

De kosten die de organisatie uitspaart door de komst van met name Weert en Haarlem uitspaart, zijn gebruikt om goede (en dus dure) buitenlandse clubs als Levi's WBL uit de Verenigde Staten en Olympiakos Piraeus uit Griekenland te contracteren. Voor de komst van die twee topteams moest zo'n 100.000 gulden worden betaald.

Tussen zulke gerenommeerde ploegen op de deelnemerslijst lijken Weert en Haarlem een beetje te misstaan. Beide teams werden in augustus gecontracteerd naar aanleiding van de redelijke prestaties die het afgelopen seizoen in de eredisivie werden behaald. Het predikaat 'nationale subtopper' was toen niet misplaatst. Dit seizoen doen Weert en Haarlem met een stuk minder: een plaats in de grauwe middenmoot van de zwakke competitie is hun deel.

Frank Voskuilen wil van verzwakking van het toernooi echter niets weten. “Een evenement met alleen maar topploegen lijkt me niet leuk. Wel voor de insiders, voor de Mart Smeetsen en Kees Akerbomen. Maar het gewone publiek vindt het denk ik heel leuk om ook eens een wedstrijd te zien waar een team echt wordt ingemaakt. Verder moet ieder toernooi een underdog hebben waar het publiek achter kan gaan staan. Met alleen maar sterke teams krijg je nooit die underdog-functie.”De coaches van Weert en Haarlem, Ollie van Kempen en Jan Willem Jansen, zijn in ieder geval erg te spreken over deelname van hun teams. Zij hopen dat hun spelers tijdens de Basketbalweek de vorm van vorig seizoen zullen hervinden, zodat het in de eerste competitiehelft verloren gegane terrein in het nieuwe jaar met goede prestaties (overwinningen) kan worden goedgemaakt. Van Kempen: “Hoewel ik een optimist ben, denk ik niet dat we hier een overwinning kunnen behalen. Daarvoor staan de tegenstanders te hoog aangeschreven. Maar voor mij is winnen hier van ondergeschikt belang. Onze vorm terugvinden, daar gaat het om.”

Jansen denkt met Haarlem nog wel voor een stuntje te kunnen zorgen. Maar dat moet dan wel in de laatste groepswedstrijd tegen Hapoel Eilat uit Israel gebeuren, want de eerste wedstrijd verloren de Haarlemmers gisteravond kansloos van Kalev Tallinn uit Estland: 71-92. “Maar het mooiste is toch dat we hier mee mogen doen”, zegt Jansen. “We spelen tegen ploegen van naam en faam. Dat is een goede ervaring voor de jongens. Hopelijk kunnen we daar in de tweede competitiehelft van profiteren.”

Weert deed het gisteravond een helft niet eens zo slecht tegen Australië, dat bij de Olympische Spelen in Seoul als vierde eindigde. De Australiërs, bezig met de opbouw naar Barcelona, spelen in Haarlem zonder de in Italië door competitieverplichtingen achtergebleven topspeler Andrew Gaze. Het team, waarvan de meeste spelers Haarlem al eens hebben aangedaan, won van de Weertenaren met 81-63.

Het verschil bij rust van slechts zes punten, werd kort daarna groter en groter. Met een kleine tien minuten op de klok keek de Limburgse ploeg aan tegen een achterstand van 44-69. Die fase bleek beslissend. “In die periode lukte veel. De opmerkingen in de rust hadden uitwerking”, aldus de Austalische coach Adrian Hurley, die drie spelers door voedselvergiftiging zag wegvallen. De Nederlandse ploeg verloor in het vervolg op alle fronten terrein. “Acht punten in tien minuten is te weinig”, meende zijn Weertse collega.