Gemeentebestuur moet dorpspolitiek over Olympisch Stadion blokkeren; Een stad met veel poortbewustzijn

De meningen over de toekomst van het Olympisch Stadion in Amsterdam-Zuid zijn verdeeld. Van eensgezindheid over een zinvolle inrichting van het Stadionplein en omgeving is nauwelijks sprake, noch in de gemeenteraad, noch bij de partijen in de deelraad Zuid. En evenmin bij woordvoerders daarbuiten die zich over de situatie ter plekke een oordeel proberen te vormen. In de moeizame besluitvorming speelt uiteraard een grote rol de ongewisse bouw van een nieuw stadion in Strandvliet. De financiering van dit project, dat ten dele op het grondgebied van de gemeente Ouder-Amstel moet komen, is geenszins rond en het ziet er naar uit dat hierover op korte termijn geen oplossing wordt gevonden.

Hoe dit alles ook zij, de deelraad Zuid lijkt te willen vasthouden aan zijn eigenzinnige beslissing om in maart van het komende jaar tot sloop van het Olympisch Stadion over te gaan en om te beginnen met de bouw van 1.250 woningen.

Tegen deze plannen is in de afgelopen maanden veel kritiek gerezen en de stadsdeelraad heeft nu te maken met een duidelijk advies van de gemeenteraad: uitstel van sloop is in het algemeen belang van Amsterdam. Voor juristen en bestuurskundigen een interessante kluif om helderheid te scheppen in de formele verhouding tussen gemeente en stadsdeel: in hoeverre heeft de centrale raad de bevoegdheid een deelraadsbesluit te schorsen wegens strijdigheid met het algemeen belang (van Amsterdam)?

Van niet geringe betekenis is voorts dat er veelbelovende stedebouwkundige alternatieven zijn aangedragen waarin een gerenoveerd Olympisch Stadion als bruikbaar element zeer wel blijkt te passen. Ten onrechte wordt door het bestuur van de deelraad Zuid bij de plannen voor herinrichting van dit gebied geen rekening gehouden met de belangen van de stad als geheel. Om duidelijk te maken dat het volstrekt onjuist is om de toekomst van het gebied in kwestie ondergeschikt te maken aan een regeling op lokaal wijkniveau kan er gewezen worden op de betekenis van deze plek binnen het kader van de stedebouwkundige ontwikkelingen die langs de Ringweg aan de zuidelijke as van de hoofdstad aan de gang zijn.

In verkeerskundig opzicht is het gebied rondom het Olympisch Stadion goed gelegen met aansluiting naar buiten, met name Schiphol en de Ringweg, terwijl het in relatie met de stad op een cruciaal punt is gesitueerd. Stedebouwkundig gezien bezit het Stadionpleingebied potenties waarvan men gebruik zal kunnen maken ter wille van een beter functioneren van de stad als geheel (het verminderen van de parkeerdruk op de centrale delen van de stad!). Het bedoelde terrein is een aantrekkelijke vestigingsplaats voor kantoren en voorzieningen die aansluiten op wat hier al aanwezig is en die het draagvlak voor openbaar vervoer kunnen versterken.

In elkaars nabijheid bevinden zich hier het Olympisch Stadion, het Berlage Instituut, tal van instellingen voor onderwijs en beroepsopleidingen, zoals de Rietveld Academie, het Orthopedagogisch Instituut van de Universiteit van Amsterdam en een lerarenopleiding. Voorts de Sporthal Zuid en het Ziekenhuis van de Vrije Universiteit. Bovendien zijn hier enige kantoren geprojecteerd, terwijl er daarnaast wel degelijk nog ruimte aanwezig is voor enige woningbouw, zij het minder dan de deelraad in het hoofd heeft.

De poortfunctie heeft hier echter tot nog toe onvoldoende gestalte gekregen. Stadsgeografisch onderzoek heeft ons attent gemaakt op de betekenis die bewoners en bezoekers van de stad hieraan hechten. Zij die zich tot het stadscentrum voelen aangetrokken omdat zij een netwerk van straten en pleinen tegemoet gaan waar iets te beleven valt, zijn zich - onderweg - duidelijk bewust van de plekken in de stad waar je het gevoel krijgt dat het interessant begint te worden. In een mede door mij geredigeerde studie over "Het Centrum van Amsterdam' (Polak & Van Gennep, 1968) heet dat "poortbewustzijn'.

Welnu, op ruimer schaal, op invalspunten aan de rand van de stad en bij de aftakkingen van de Ringweg, doet zich iets dergelijks voor. Hier beleven bezoekers van elders, maar ook Amsterdammers zelf een schok van herkenning en het gevoel dat zij de stad binnengaan, op weg naar iets dat de moeite waard kan zijn. Tot een dergelijke plek is ongetwijfeld het gebied rondom het Olympisch Stadion te rekenen. Bovendien kan een aantrekkelijk overstappunt voor automobilisten op openbaar vervoer - een transferium - op het Stadionpleingebied een belangrijke rol gaan spelen. Dit zal uitstekend passen in de structuur van de stad, de toegang tot Amsterdam markeren en de autodruk op de binnenstad aanzienlijk kunnen verlichten.

Het ontwerpen van transferia is trouwens één van de doelen in het lange termijnplan Verkeer & Vervoer van de regering. Het is de moeite waard te weten dat in opdracht van het Ministerie van Verkeer & Waterstaat de stichting C.R.O.W., dat staat voor de mondvol “Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek”, een prijsvraag heeft uitgeschreven om ideeën voor Transferia uit te lokken. Deze uitnodiging heeft een vijftiental ontwerpen opgeleverd, die onder inspirerende motto's, zoals "By Pass', "Ruimtereis', "Wachttijd Nul', "O.V.er Toom' en "Wisseltruc', aan een deskundige jury zijn voorgelegd.

Op vingdingrijke manier worden in deze voorstellen autostromen op effectief ingerichte overstappunten gekoppeld aan verschillende vormen van openbaar vervoer en aan de fiets, om zodoende de kansen op congestievrije toegang tot stadscentra te waarborgen.

Uit de inzendingen is ook af te leiden dat men er goed aan zal doen dergelijke plekken multifunctioneel in te richten door zorg te dragen voor een verscheidenheid aan additionele voorzieningen die kan variëren van een koek en zopie-achtige kiosk tot meer wervende en ambitieuse verblijfsruimten. Een van de prijswinnaars doet zelfs de suggestie om een kinderopvang in de voorzieningen op te nemen.

In de meeste ideeënschetsen wordt gewezen op het belang om in te haken op versceidene vervoerswijzen voor het natransport van de automobilist en mogelijkheden te bieden voor ook andere automobilisten dan alleen de werkforens. In het nog steeds sterk groeiende toerisme, in het bijzonder het bustoerisme, lijkt het ook van belang op de lokatie van het Stadionplein een transferium in te richten voor de opvang van autobussen om op die manier aantrekkelijke pleinen in de reeds volle binnenstad te ontlasten. Het internationaal bustoerisme naar het zonnige zuiden en naar wintersportgebieden maakt reeds verstandig gebruik van het Stadionplein als startpunt van de reis.

Uit het voorgaande zal duidelijk zijn geworden dat er een strakke spanning is ontstaan tussen aan de ene kant datgene wat de deelraad Zuid voorstaat en aan de andere kant de stedebouwkundige verlangens van degenen die een grootstedelijke ontwikkeling bepleiten. Het is dan ook te hopen dat het gemeentebestuur van zijn bevoegdheid gebruik zal maken om de besluitvorming en de dorpspolitiek van de deelraad te blokkeren en ruim baan te geven aan een ontwikkeling die passend is voor de stad Amsterdam als geheel.