EG: Gatt onderhandelingsruimte open

BRUSSEL, 24 DEC. Onevenwichtig, wat landbouw betreft onacceptabel, maar op andere terreinen “positieve elementen”. Een eerste toetsing van het Gatt-compromisvoorstel om onder meer de landbouwsteun sterk te verminderen leverde een voorlopige verwerping door de EG-ministers van landbouw en van buitenlandse handel op.

De ministers dekten gisteren in Brussel zo het ongunstige oordeel dat de Europese Commissie al dit weekeinde gaf, maar gaf aan dat door “verbeteringen” en “modificaties” instemming alsnog verkregen zou kunnen worden. Vooral de VS en Japan moeten van de EG “echte pogingen” doen om dit deel van de zogeheten Uruguay-ronde te laten slagen.

Staatssecretaris Van Rooy (buitenlandse handel), die de Raad voorzat, zei na afloop dat er volgend jaar nog voldoende ruimte is om verder te onderhandelen.

Het ruim 400 pagina's tellende voorstel van het secretariaat van de Gatt komt na vijf jaar onderhandelen en is door secretaris-generaal A. Dunkel gepresenteerd als "slotakte'. De onderhandelingen zouden dan ook op 13 januari in Genève moeten worden besloten.

Minister Bukman (landbouw), die de Nederlandse delegatie aanvoerde, noemde de bijeenkomst van gisteren “een eerste collecte”; een eerste gelegenheid om te reageren.

Europees commissaris Andriessen (buitenlandse betrekkingen), die namens de EG met de Gatt onderhandelt, zei dat een “eindoordeel” van de EG op 13 januari ondenkbaar is. Spoedige afronding van de slepende onderhandelingen met het oog op de voorverkiezingen in de VS leek hem evenwel gewenst, gezien “het momentum van het proces”.

Steen des aanstoots zijn voor alle EG-lidstaten de landbouwvoorstellen, die neerkomen op een vermindering van de exportsteun aan de boeren met 36 procent over een periode van zes jaar te beginnnen vanaf 1993. Twaalf procent daarvan zou door beperking van het budget voor exportsteun gerealiseerd moeten worden. De overige 24 procent door beperking van het exportvolume van 22 met name genoemde produkten.

Het komt voor Nederland slecht uit dat op deze produktenlijst onder meer boter, boterolie, melkpoeder, kaas, eieren en “andere melkprodukten” staan genoemd. Een derde deel van alle zuivelexport van de EG gaat via Nederland. “Dat grijpt fors in”, zei een diplomaat na afloop. Maar ook de vleesexport wordt getroffen. Rundvlees, varkensvlees, pluimvee worden eveneens op de lijst genoemd.

Bovendien zouden de lidstaten hun binnenlandse steun aan de landbouw met 20 procent moeten verminderen.

Import van landbouwprodukten zou sterk vergemakkelijkt moeten worden, zo wil de Gatt.

De overkoepelende organisatie van EG-boeren, Copa, noemde de voorstellen catastrofaal en een capitulatie voor de VS. Volgens de Copa zal 16 miljoen hectare landbouwareaal komen te vervallen, ongeveer de helft van alle Franse akkers. De voorgesteld vermindering van de binnenlandse steun met "slechts' 20 procent is volgens de Copa “geheel illusoir”. Alleen de VS heeft daar volgens de Copa voordeel van, omdat die hun eigen, relatief minder talrijke boeren met directe inkomenssteun kunnen helpen, zonder de verplichting de produktie te beperken.

De EG-ministers kwamen aan deze protesten tegemoet met een scherpe slotverklaring waarin de landbouwvoorstellen “niet acceptabel” worden genoemd, “voorzover ze raken aan de grondslagen van de Gemeenschappelijke Landbouwbeleid”. Daarmee werd verwezen naar de pogingen van de Gemeenschap om het landbouwbeleid te hervormen door van prijssteun over te schakelen op inkomenssteun, gekoppeld aan de verplichting land braak te leggen. In het Gatt-voorstel wordt deze steun niet als een aparte categorie in de zogeheten "groene doos' van toegelaten subsidies geplaatst.

De Franse landbouwminister, Louis Mermaz, toonde zich na afloop zeer tevreden met de verklaring van de EG-ministers die hij “een goed schild voor onze onderhandelaars” noemde. Frankrijk zou vooral getroffen worden door de beperking van de graanexport: de EG zou van bijna 21 miljoen ton terug moeten naar ruim 13 miljoen. Volgens Mermaz is hiermee de helft van de Franse produktiecapaciteit gemoeid. Komt die daadwerkelijk in gevaar dan is dat voor Frankrijk een “breekpunt” in de onderhandelingen, aldus Mermaz.

Foto: De Britse minister van landbouw John Cummer (links) praat met de Belgische minister van EG-zaken Paul de Kleermaeker (midden) en de sche minister voor buitenlandse handel Robert Urbain in de wandelgangen van de ministersconferentie gisteren in Brussel. (Foto: EPA)