Spaanse communisten geven ondanks gestaag ledenverlies de moed niet op; Wij zien meer in Marx dan in Lenin

MADRID, 23 DEC. Lenin placht te zeggen dat Spanje, na Rusland, het tweede land in Europa was waar de revolutie zou zegevieren. Hij heeft geen gelijk gekregen, maar de communistische partij van Spanje (PCE) heeft dit weekeinde besloten in elk geval langer te leven dan de failliete grote zuster in de Sovjet-Unie.

Aan het slot van een met spanning tegemoetgezien vierdaags congres heeft de 71 jaar oude PCE het voorstel zichzelf op te heffen resoluut van de hand gewezen. De partij gaat voorlopig verder als “georganiseerde stroming op basis van het revolutionair marxisme” binnen de verkiezingscoalitie Verenigd Links (IU). Als de kleinere partners in dit verbond daarmee tenminste akkoord gaan en nog een paar jaar willen wachten op het verdwijnen van de laatste nostalgische gevoelens binnen de partij van Doleres "La Pasionaria' Ibarruri.

Secretaris-generaal Julio Anguita van de PCE trad eind vorige maand af als voorzitter en fractieleider van Verenigd Links toen het bestuur van de coalitie geen veroordeling wilde uitspreken over een onderafdeling in de provincie Valencia die zichzelf al tot een echte partij heeft omgevormd. Ook een aantal prominente communisten stemde bij die gelegenheid tegen hun aanvoerder. Zij meenden dat de PCE niet langer als zelfstandige organisatie binnen Verenigd Links moet blijven bestaan, maar zo spoedig mogelijk dient op te gaan in een progressieve volkspartij die een links alternatief is voor de socialisten van premier Gonzalez. Verenigd Links trekt op dit moment zo'n tien procent van de kiezers en dit aantal zal naar verwachting in de komende jaren eerder groeien dan afnemen. De PCE lijdt een gestaag ledenverlies, maar is de grootste partner in de coalitie en beschikt nog altijd over een hecht georganiseerd partijapparaat.

Anguita verdedigde tijdens het partijcongres dat de angst om niet in de mode te zijn een slechte raadgever is. Hij lijkt zich ermee verzoend te hebben dat de partij op den duur zal verdwijnen, maar is bang een deel van zijn trouwste aanhangers te verliezen wanneer dat overhaast gebeurt. Al op de eerste dag moest hij een kleine nederlaag incasseren, doordat het congres besloot een nieuw centraal comité te kiezen dat een afspiegeling van de verhoudingen in de partij vormt, zodat ook zijn tegenstanders erin vertegenwoordigd zouden zijn. Anguita had gevraagd dit niet te doen, omdat zo de "coherentie' verloren zou gaan. Anderzijds verzekerde hij, dat de tijden van het democratisch centralisme voorgoed voorbij zijn. Voor het eerst waren er dan ook tegenkandidaten voor de verschillende functies in de partij. De groep die tot opheffing wil overgaan, verwierf echter slechts vijfentwintig procent van de stemmen.

In zijn slottoespraak zei Anguita, dat de PCE bezig is zich te vernieuwen en dat zij zich daarbij “meer op Marx dan op Lenin” zal verlaten. De communisten dienen binnen Verenigd Links hun bestaansrecht te bewijzen door de actiefste stroming te zijn. Zij moeten de coalitie koesteren als hun kostbaarste bezit, aldus Anguita. Probleem is echter, dat de kleinere partijen en de onafhankelijke leden van Verenigd Links een dergelijke koestering al snel ervaren als een knellende omhelzing. Zij voelen niets voor de “federatie van partijen” die Anguita bepleit, omdat zij daarin altijd een minderheid zullen zijn en door politieke tegenstanders tijdens verkiezingen het stempel van crypto-communisme krijgen opgedrukt. Anguita, die graag opnieuw het leiderschap van de coalitie op zich wil nemen, zal het dit voorjaar tijdens het congres van Verenigd Links dan ook nog aanzienlijk zwaarder krijgen dan hij het de afgelopen dagen heeft gehad.

Het dertiende partijcongres van de Spaanse communisten was het eerste waarbij geen vertegenwoordiger van de communistische partij van de Sovjet-Unie aanwezig was.