Van den Nieuwenhuyzen en Tenge, een kortstondige flirt; Van den Nieuwenhuyzen en Tenge, een kortstondige flirt; "Het maakt niet uit of je van Joep privé bent of van Begemann'

"We hadden de keus: failliet gaan of overgenomen worden' Joep van den Nieuwenhuyzen ordent zijn privé bedrijven en zijn bedrijvenconglomeraat Begemann. De firma Tenge maakte kennis met de nieuwe aanpak. Drie jaar geleden door Van den Nieuwenhuyzen privé gekocht, vorig jaar verkocht aan Begemann en onlangs afgestoten.

HEERHUGOWAARD, 21 OKT. Het familiebedrijf Tenge in Heerhugowaard zat diep in de financiële problemen toen op een maandagochtend in februari 1988 de altijd opgewekte bedrijvenverzamelaar Van den Nieuwenhuyzen het kantoor aan de Celsiusstraat binnenstapte.

Tenge Fijnmechanische Industrie, fabrikant van geavanceerde fijnmechanica en toeleverancier van vliegtuigbouwer Fokker, kampte met torenhoge schulden en een ernstig gebrek aan opdrachten. Vader Tenge lag bovendien in het ziekenhuis. Zoon Paul, die niet wist hoe het bedrijf er voorstond, was achter de draaibank weggehaald en op de directeursstoel gezet.

“We maakten een enorme dip door, omdat Fokker nauwelijks meer opdrachten plaatste”, herinnert Paul Tenge (31) zich. “We hadden de keus: failliet gaan of overgenomen worden.” Huisbankier NMB suggereerde dat Joep van den Nieuwenhuyzen, topman en grootaandeelhouder (inmiddels ruim 40 procent) van beursfonds Koninklijke Begemann, soelaas zou kunnen bieden. Van den Nieuwenhuyzen verscheen de week daarop, alleen, zonder adviseur.

“Het ging allemaal enorm snel”, vertelt Paul Tenge. “Hij liep een kwartiertje door de fabriekshal, praatte met wat mensen, keek het businessplan door, wees de zwakke plekken aan, nam een aantal ordners mee - de balans, het klantenbestand - en belde 's middags terug dat hij Tenge wilde overnemen. Ik kreeg twee dagen de tijd om erover na te denken, tot woensdag klokslag middernacht.”

Vijf minuten voor tijd meldde Tenge per fax akkoord te gaan, ook al kreeg hij maar een gulden voor zijn aandelen. Hij had geen keus. Van den Nieuwenhuyzen betaalde, saneerde de schulden en ging door naar de volgende acquisitie. Paul Tenge bleef verbluft achter, overrompeld door de snelheid waarmee het gelopen was. “Joep kreeg in die tijd wel tien bedrijven per dag aangeboden. Hij moest er dus wel haast achter zetten.”

De overneming van Tenge staat niet op zichzelf. Over de aquisitiedrift van Van den Nieuwenhuyzen doen de meest fantastische verhalen de ronde, zeker over zijn eerste transacties. Overnemingen die binnen anderhalfuur vanuit de auto werden beklonken; acquisities die op de achterkant van een sigarendoos werden uitgewerkt; bedrijven die bijna ongezien aan de verzameling werden toegevoegd.

Van den Nieuwenhuyzen is inmiddels selectiever in zijn aquisities, onder druk van zijn commissarissen en doordat een duidelijker strategie is ontwikkeld voor het groot geworden Begemann (vorig jaar 1,4 miljard omzet, 74 miljoen winst, 7300 werknemers). Hij aast ook meer op grotere ondernemingen. Na het elektroconcern Holec en de werf RDM probeert hij nu via een vijandig bod de noodlijdende Grasso's Koninklijke Machinefabriek in Den Bosch (koeltechniek) in te lijven.

Een directeur van Begemann die anoniem wil blijven: “Het is duidelijk dat hij niet langer door kon gaan met het links- en rechts opkopen van bedrijven, zonder structuur in het concern aan te brengen.”

De kluwen privé en Begemann-bedrijven was nauwelijks meer te ontwarren. De commissarissen zegden hun bestuursvoorzitter vorig jaar de wacht aan. Ze wilden een nadrukkelijker scheiding tussen privé en Begemann-bedrijven. Van den Nieuwenhuyzen bracht daarop enkele privé bedrijven binnen het Begemann-concern. Verder is het eigenlijk niet meer de bedoeling dat hij nog bedrijven uit zijn privé collectie toevoegt aan Begemann.

Tenge werd na de overneming privé bezit van Van den Nieuwenhuyzen, maar organisatorisch kwam het in de Begemann-groep terecht. Paul Tenge: “Na de overneming werd ik al snel voorgesteld aan de Begemann-directeuren, en kon ik mijn bedrijf aan andere Begemann-bedrijven presenteren. Binnen de groep kon je steun en synergie zoeken en vinden. Ik kreeg bijvoorbeeld opdrachten van Begemann-bedrijven als Molen, Breda Packaging en Machinefabriek Werklust.”

Hoewel Tenge functioneerde als volwaardige Begemann-dochter, bracht Van den Nieuwenhuyzen het bedrijf eind 1990 over van zijn privé-collectie naar Koninklijke Begemann. Voor Paul Tenge maakte het weinig verschil. “Het maakte niet uit of je van Joep privé bent of van Begemann. Dat geldt eigenlijk voor al zijn eigen bedrijven. Het enige voordeeltje dat je hebt als onderdeel van het concern, is dat je in het jaarverslag staat. Ik zei dan tegen mijn klanten: wij staan er ook in. Dat geeft uitstraling.”

Anders dan bij veel aquisities van Van den Nieuwenhuyzen kon Paul Tenge na de overneming als directeur aanblijven. “Dat was het eerste dat ik tijdens een bijeenkomst van directeuren van Begemann-bedrijven naar mijn hoofd geslingerd kreeg: dat ik blij moest zijn dat ik kon aanblijven. Ik was een van de weinigen.”

Maar Tenge bleef niet lang enig directeur. Toen de zaken weer wat aantrokken, het personeelsbestand van 12 naar 40 steeg, de omzet de vijf miljoen naderde en het bedrijf uit de verliezen was, kreeg hij iemand boven zich in de persoon van Paul Joseph, directeur van B&B Fijnmechanische Industrie, een van de bedrijven van Begemann. “Ik moest in eerste instantie natuurlijk wel even slikken. Ik heb nog geprobeerd de post van algemeen directeur te behouden.” Tevergeefs.

Gaandeweg werd het Paul Tenge duidelijk dat zijn bedrijfje niet op zijn plaats was in de Begemann-groep. “We waren eigenlijk te hoog technologisch. Daardoor hadden we te weinig aansluiting bij de andere bedrijven. We spraken niet dezelfde taal.”

Toen de omzet van Tenge dit jaar daalde, een sanering nodig was en Van den Nieuwenhuyzen het bedrijf wilde onderbrengen bij B&B Fijnmechanische Industrie in Emmen, moest Paul Tenge opnieuw even slikken. In maart van dit jaar trok hij de stoute schoenen aan en presenteerde de Begemann-staf op het hoofdkantoor in Breda een plan om zijn oude familiebedrijf terug te kopen. Zijn plan voor deze management buy-out werd afgewezen. De Begemann-staf wilde Tenge in de groep houden.

Enkele maanden later, de voorbereidingen voor de verhuizing van Heerhugowaard naar Emmen waren reeds in gang gezet, zocht Paul Tenge rechtstreeks contact met Van den Nieuwenhuyzen. Dit keer werd het voorstel wel geaccepteerd, zij het onder straffe voorwaarden. Van den Nieuwenhuyzen zag volgens Tenge nu ook zelf in dat het bedrijf niet meer in Begemann paste.

Tenge kon aan zijn management buyout werken, maar de overplaatsing naar Emmen en de integratie in B&B Fijnmechanische Industrie moesten onverkort doorgaan, voor het geval de transactie zou mislukken. “Ik sprak met Joep op 10 juni, en kreeg de tijd tot 19 juni twaalf uur 's middags. Op die negentiende, om vijf voor twaalf, ging de fax uit dat ik mijn financiering rond had met de NMB.”

Tenge, die activa, personeel en orderportefeuille overnam, doopte het bedrijf vervolgens om in Meprotech.

Hoeveel Begemannn aan de verkoop van Tenge heeft verdiend, is onbekend. “Joep heeft er niets bij gewonnen, zegt hij zelf”, aldus Paul Tenge. Volgens de financiële man binnen de raad van bestuur van Begemann, Joep van den Nieuwenhuyzens broer Jeroen, heeft het concern op Tenge een boekwinst behaald. In het afgelopen half jaar was 19 miljoen gulden van Begemanns 41 miljoen netto winst afkomstig uit aan- en verkoop van bedrijven.

De aandelen en het nieuwe, dure bedrijfspand zijn echter in handen van Begemann gebleven en als Paul Tenge met de pers praat, wil hij eerst even goedkeuring van Van den Nieuwenhuyzen.