Uitzetting Vietnamezen verboden door rechter

DEN BOSCH, 21 DEC. De Nederlandse staat mag twee Vietnamezen uit het asielzoekerscentrum in Stevensbeek van wie het asielverzoek is afgewezen, niet uitwijzen. Onder de "huidige omstandigheden' hebben de eisers een "voldoende redelijke kans van slagen' om een verblijfsvergunning te krijgen.

Dat zei gisteren de fungerende president van de arrondissementsrechtbank in Den Haag, mr. G. Thijsen. Justitie was van plan de beide asielzoekers naar Vietnam uit te wijzen. Maar op grond van rapporten van Amnesty International en van brieven van familieleden in Vietnam van de betrokken asielzoekers acht de rechter het niet uitgesloten dat zij bij terugkomst in Vietnam onevenredig zwaar zullen worden gestraft. Volgens de wetgeving aldaar is het strafbaar in het buitenland asiel aan te vragen.

De Vietnamezen vonden dat hun asielverzoek ten onrechte was afgewezen en dat hun bij herziening alsnog de vluchtelingenstatus dan wel een verblijfsvergunning zal worden verleend. Zij kunnen de resultaten van een verzoek tot herziening in Nederland afwachten.

Pag.3:

Rechter acht EG-verdrag toepasselijk

Ofschoon de rechtbankpresident concludeert dat de eisers niet voldoen aan de omschrijving van vluchteling in het Vluchtelingenverdrag, meent hij dat niet valt uit te sluiten dat de asielzoeker in het land van herkomst bloot gesteld worden aan "een onmenselijke of vernederende behandeling'. Dat betekent dat zij zich zouden kunnen beroepen op artikel 3 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, waarin een verbod is neergelegd personen bloot te stellen aan een vernederende behandeling.

Ook uitwijzing naar Tsjechoslowakije, waar de Vietnamezen werkzaam waren voordat zij naar Nederland kwamen, vindt in de ogen van de rechter geen genade. Omdat de twee eisers niet als vluchteling kunnen worden aangemerkt is het volgens de rechtbankpresident dubieus of Tsjechoslowakije voldoende waarborgen kan bieden voor niet-doorzending naar Vietnam.

Weliswaar is Tsjechoslowakije inmiddels mede-ondertekenaar van het VN-Vluchtelingenverdrag, maar het land is geen partij bij het Verdrag van Rome waarin ook het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens is opgenomen.

Enkele weken geleden deed een rechter in het geval van een andere Vietnamees een soortgelijke uitspraak. Deze Vietnamees beriep zich naast de mogelijke vervolging wegens "republiekvlucht' ook op dienstweigering in Vietnam.

Twee van de vijftien Vietnamese hongerstakers in het asielzoekerscentrum in Echt, die het risico lopen op korte termijn te worden uitgezet, zijn gisteren ondergedoken. Ze hebben daarbij hulp gekregen van de katholieke instelling, het Missionair Centrum in Heerlen. Woordvoerder M. Janssen van dit instituut deelde gisteren mee dat het Missionair Centrum fel protesteert tegen het “inhumane beleid” van de regering. Hij acht het niet uitgesloten dat leden van het centrum in Heerlen uit solidariteit met de Vietnamezen nog voor kerstmis in hongerstaking gaan.