Scherpe aanval Mandela op De Klerk bij vredesconventie

JOHANNESBURG, 21 DEC. De Conventie voor een Democratisch Zuid-Afrika (Codesa), die tot een nieuwe, non-raciale grondwet, verzoening tussen de bevolkingsgroepen en democratie moet leiden, is gisteren uitgemond in een ongekend scherpe aanval van ANC-leider Mandela op president De Klerk.

De woordenwisseling aan het slot van de eerste dag van Codesa overschaduwde het constitutionele debat en de nieuwe, vergaande voorstellen voor deelneming van zwarte partijen aan het landsbestuur, die De Klerk eerder naar voren had gebracht. De president verklaarde zich voor het eerst akkoord met een interim-regering van nationale eenheid. Hij stelde bovendien voor op korte termijn via een wijziging van de grondwet en een referendum zwarte partijen toe te laten tot het parlement.

In een onverwachte interruptie van ruim een kwartier noemde Mandela de president “een produkt van de apartheid”. De Klerk heeft volgens Mandela “een dubbele agenda”: hij onderhandelt en voert tegelijkertijd via politie en leger “een oorlog” tegen het ANC. Volgens Mandela heeft de president op de eerste dag van de Conventie bewezen alleen de belangen van de blanke minderheid en de regerende Nationale Partij voor ogen te hebben.

De Klerk had als laatste van de negentien delegatieleiders het woord gekregen. Behalve zijn voorstellen voor de overgangsfase naar een nieuwe grondwet, viel hij in zijn rede het ANC aan op het bestaan van haar nog steeds niet ontwapende militaire vleugel, Umkhonto we Siszwe (MK). “Een organisatie die toegewijd blijft aan een gewapende strijd, kan niet volledig worden vertrouwd, wanneer zij ook toegewijd zegt te zijn aan vreedzame onderhandelingen”, aldus De Klerk.

Mandela vroeg daarop het woord en veroordeelde De Klerk in de scherpste bewoordingen. Hij wees erop dat het ANC altijd voor onderhandelingen heeft gepleit en verweet de president niets te hebben ondernomen om het politieke geweld te stoppen. “U vraagt ons zelfmoord te plegen. Wij kunnen onze wapens niet aan de regering geven, die de macht over de veiligheidsdienst kwijt is of die de veiligheidsdienst laat doen wat zij wil. Ik ken geen leider van een land die zoiets doet.”

Tijdens zijn aanval, die de verslechtering in de verhouding tussen de twee belangrijkste leiders van het land zichtbaar maakte, wees Mandela vanaf het spreekgestoelte naar De Klerk, die hij met “hij” en “hem” bleef aanspreken.

Pag.11:

Mandela valt fel uit naar De Klerk

“Hij vertegenwoordigt ons niet, hij vertegenwoordigt een minderheid, dus hij heeft het recht niet zo tegen ons te praten”.

De president luisterde met het hoofd in de hand. Toen hij zelf het woord nam om te reageren, was hij duidelijk gespannen. Hij wees erop dat het ANC “de enige organisatie in deze zaal is met een eigen leger en geheime wapenopslagplaatsen”. De Klerk weigerde zich te verontschuldigen “omdat dit de manier moet zijn waarop een democratie werkt. Ik hoop dat dit de lucht heeft opgeklaard”.

De Klerk bleef over de precieze uitwerking van zijn bestuurlijke voorstellen nog vaag. Met een interim-constitutie wil hij de deelneming van de zwarte meerderheid aan het landsbestuur versnellen. De kiezers van elk van de drie kamers van het parlement (voor blanken, kleurlingen en Indiërs) zouden zich erover moeten uitspreken in een referendum, waar ook de zwarte bevolking aan deelneemt. Het is onduidelijk of dit tijdelijk tot een vierde, "zwarte', kamer van het parlement zou moeten leiden. Na een positief uitgevallen volksraadpleging worden algemene verkiezingen voor het parlement uitgeschreven.

Een zelfde procedure zou De Klerk willen volgen bij de definitieve grondwet. De overgangsfase, met een interim-regering van Nationale Partij, ANC en anderen, kan daardoor lang duren. Het ANC reageerde gisteravond nog niet op de voorstellen, die de regering binnenkort in detail zal voorleggen in een van de werkgroepen van Codesa.

De Nationale Partij betuigde duidelijker dan in het verleden spijt over de apartheid. Dawie de Villiers, leider van de NP-delegatie, zei dat zijn partij altijd had gedacht dat een politiek van scheiding de natie vrede zou brengen. “Dat heeft niet gewerkt. De politiek veroorzaakte niet de verwachte vrede, maar meer conflicten en toenemende onrechtvaardigheid. Het was niet de bedoeling andere mensen hun rechten te ontnemen en ellende te veroorzaken - maar daar heeft het wel toe geleid. Waar dat is gebeurd, betreuren we dat diep”.

De Inkatha Vrijheidspartij verzette zich tegen de Intentieverklaring, die de partijen aan het eind van de eerste dag overeenkwamen. Daarin worden de algemene uitgangspunten van de nieuwe grondwet genoemd. Volgens Inkatha wordt veel uitgegaan van een centralistische staat, waarmee haar ideëen over een federale staat minder kans maken.