IJshockeyteam zit in een neergaande spiraal

ZOETERMEER, 21 DEC. - Het blijft tobben met het Nederlands ijshockeyteam.

De ploeg van bondscoach Larry van Wieren sloot het vorige seizoen in mineur af met de zevende plaats bij de wereldtitelstrijd voor B-landen in Joegoslavië. De officiële openingswedstrijd van het nieuwe seizoen voorspelde opnieuw niet veel goeds voor Oranje. Nederland leed op de eerste dag van het vierlandentoernooi in Zoetermeer tegen het zwakker geachte Denemarken een pijnlijke nederlaag: 2-3. De periodestanden waren: 1-1, 0-2 en 1-0.

Nederland verviel tegen Denemarken in oude fouten. De thuisploeg verdedigde laks en rondde onzorgvuldig af. Vooral het gebrek aan scorend vermogen brak Oranje opnieuw op. In de derde periode werden legio kansen op de gelijkmaker gemist.

Bij Oranje ontbraken Risto Mollen (liesblessure) en Henri Stoer (hersenschudding). Het duo zal volgende week in Denemarken, waar eveneens een vierlandentoernooi wordt afgewerkt, waarschijnlijk opnieuw verstek moeten laten gaan. De jeugdige debutant Bram Bouckaert (Tilburg) bleef in Zoetermeer nog aan de kant. Rob van Steen (Geleen) maakte na een afwezigheid van vijf jaar zijn rentree. Ook Tonny Collard verscheen namens Nederland weer op het ijs. De aanvaller van Utrecht miste het laatste WK in de B-poule in Joegoslavië vanwege privé-omstandigheden. Uit de selectie van vorig seizoen zijn Robert Herckenrath, Bill Wensink en Robert Prick van Wely (allen Rotterdam) om uiteenlopende redenen verdwenen.

De mislukte ouverture kondigde zich al in de eerste periode (1-1) aan. De snelle openingstreffer van Geesink, na anderhalve minuut vanaf de blauwe lijn in een overtal situatie, kreeg geen passend vervolg. Zonder veel moeite hield Denemarken stand. Doelman Mark O'Brien, die de voorkeur had gekregen boven Kambeitz en Trommelen, werd zelfs herhaaldelijk op de proef gesteld. In de negende minuut was de sluitpost van Rotterdam kansloos op een slimme inzet van Heinz Ehlers, de topscorer van het laatste WK voor C-landen in Kopenhagen.

De 950 toeschouwers moesten daarna lang wachten op doelpunten. Beide teams hielden elkaar redelijk in evenwicht. Ook de doelwachters O'Brien en Lars Pagh deden in kwaliteit weinig voor elkaar onder. In de vijftiende minuut van de tweede periode (0-2) ging het fout aan Nederlandse zijde. Eerst scoorde Carlsen met een (houdbaar) afstand-schot in een man-meer situatie, amper twintig seconden later profiteerde Arvidsen van de defensieve chaos bij Oranje: 1-3.

In de laatste periode knokte Nederland tevergeefs voor een positief resultaat. Meer dan een treffer van Louwers, op aangeven van Collard, leverde het grote overwicht niet op.