Duitsland redt Europese auto-afzet

ROTTERDAM, 21 DEC. Hoewel een deel van de Europese auto-industrie wel degelijk met forse afzetproblemen kampt, is de situatie niet zo dramatisch als die in Amerika. De Europese autoverkopen zijn dit jaar nog licht gestegen. Maar het gaat lang niet overal goed. In een aantal landen, Groot-Brittanië, Frankrijk en Scandinavië voorop, heeft de auto-afzet dit jaar forse klappen gehad.

De Europese automarkt is een typische vervangingsmarkt, echte groei zit er de laatste jaren niet meer in. De industrie kampt al geruime tijd met overcapaciteit. Over het algemeen verwachten woordvoerders van de Europese auto-industrie geen nadelige gevolgen van de dramatische ontwikkelingen in de VS waar General Motors de sluiting van 21 fabrieken en het ontslag van 74.000 werknemers aankondigde. “De Amerikaanse automarkt staat volstrekt los van de Europese”, is de unanieme conclusie.

Ondanks de zwakke economische groei in de meeste Europese landen stegen de autoverkopen dit jaar nog met 1,7 procent tot 13,5 miljoen. Het Britse onderzoeksbureau DRI Europa constateert dat de Europese automarkt zonder de Duitse hereniging dit jaar 9 pct. zou zijn gedaald. Voor '92 voorspelt het bureau een inkrimping van de markt met 2,4 pct. tot 13,1 miljoen auto's. De onderzoekers gaan uit van een Westeuropese afzet van 15 miljoen in '96. De Japanse fabrikanten zouden dan 12 pct. van de Europese markt in handen hebben (thans circa 10 pct.). Pas in 1999 krijgen de Japanners overigens vrij toegang tot de EG-markt.

De afzetstijging in '91 was vooral te danken aan Duitsland waar circa 15 procent meer auto's zijn verkocht. Dat hoge verkoopniveau is volgens een woordvoerder van de Vereniging van Duitse autofabrikanten (ADA) volgend jaar niet te handhaven. Het laatste halfjaar is de groei, mede door het hoge rentepeil, dan ook al aan het teruglopen. De Duitse autosector maakt zich vooral zorgen over te hoge loonstijgingen in de naaste toekomst.

Groot-Brittannië, geplaagd door een recessie, zag de verkoop van personenwagens dit jaar fors inzakken. “Wij hebben nogal een slag gehad”,erkent Graham Dymott van de Society of Motor Manufacturers. De Britse auto-industrie hoopt dat de regering de hoge bijzondere belasting op auto's volgend jaar zal verlagen om de bedrijfstak een stimulans te geven. In de totale Britse auto-industrie zijn in twee jaar ruim 40.000 banen weggesaneerd. En dat ondanks de op gang komende produktie van Japanse auto's in het land.

De Franse autofabrikanten Renault en Peugeot-Citroen gaan door de ongewisse conjunctuur een onzeker jaar tegemoet. In hun thuismarkt Frankrijk zullen naar verwachting 2,16 tot 2,3 miljoen nieuwe auto's worden verkocht tegen minder dan 2,1 miljoen dit jaar. Maar 1991 was al een slecht jaar: naar schatting zal de autoverkoop 12,5 procent lager uitvallen dan in 1990. Renault en PSA-Peugeot-Citroen ( zoals de groep vanaf 1 januari 1992 heet) verwachten dit jaar een kleine winst, die grotendeels is te danken aan de sterk gestegen export naar Duitsland.

Renault en PSA-Peugeot-Citroen voeren al enige jaren saneringsplannen en automatisering van de produktie door die tot verlies van banen leiden. Het staatsbedrijf Renault heft volgend jaar 3746 arbeidsplaatsen op. Het concern verwacht dat 1800 werknemers met vervroegd pensioen gaan. Dit jaar verdwenen 4620 arbeidsplaatsen bij Renault, dat de produktiviteit verder wil opvoeren.

Fiat, de tweede auto-fabrikant van Europa en veruit het grootste particuliere bedrijf in Italië, verkeert in de problemen. Vooralsnog heeft Fiat geen plannen om mensen te ontslaan, maar al bijna een jaar worden grote groepen werknemers tijdelijk op non-actief gesteld om de produktie terug te brengen.

Deze maatregelen waren nodig omdat de verkopen sterk zijn gedaald. Over het hele jaar gezien heeft Fiat zijn produktie met 300.000 auto's verminderd. Dat komt neer op ongeveer vijftien procent van de totale produktiecapaciteit van twee miljoen auto's.

Fiat lijkt kwetsbaarder te zijn voor de problemen op de automarkt dan sommige andere Europese producenten. Vooral in eigen land heeft Fiat de afgelopen twee jaar veel terrein moeten prijsgeven. Een van de oorzaken van het terreinverlies is volgens analisten de lange tijd die ligt tussen het introduceren van nieuwe modellen. Fiat zelf heeft de afgelopen weken de relatief hoge koers van de lire als een belangrijke negatieve factor genoemd.

De Spaanse autofabrikanten houden er rekening mee dat het aantal verkochte auto's dit jaar 10 procent minder zal zijn dan in 1990. Een inzakkende binnenlandse markt als gevolg van de Golfcrisis, hebben de fabrikanten trachten op te vangen met een vergroting van de export. Vooral Seat, dat sinds vijf jaar eigendom is van Volkswagen, profiteerde volop van het Duitse dealernet. Voor 1992 verwachten de industrie weer een lichte stijging van de binnenlandse vraag, met 2 à 5 procent. Hoewel de binnenlandse verkoop zich dit najaar enigszins herstelde, lijkt het uitgesloten dat binnenkort weer het peil van het topjaar 1989 wordt bereikt. Spanje staat als autoproducent in Europa op de vierde plaats.