"Israel kan alleen Demjanjuk vrijspreken'

TEL AVIV, 20 DEC. Zullen de vijf rechters van het Hooggerechtshof in Jeruzalem maandag het in april 1988 uitgesproken doodvonnis tegen de 71-jarige John Demjanjuk, alias "Ivan de verschrikkelijke van Treblinka', nietig verklaren? Is deze kale reus dan toch niet het monster dat honderdduizenden joden in Treblinka op beestachtige manier de gaskamers inknuppelde en vergaste? Hebben in Israel wonende overlevenden van dit concentratiekamp ten onrechte Johan Demjanjuk als "Ivan de Verschrikkelijke' geïdentificeerd?

Op deze vragen geeft Yoram Sheftel, de advocaat van John Demjanjuk, enkele dagen voor de beslissende zitting van het Hooggerechtshof een pertinent antwoord: “Het Hooggerechtshof heeft aan de hand van nieuw bewijsmateriaal geen andere keus dan John Demjanjuk vrij te spreken. Er kan geen enkele andere rechtszaak in Israel tegen mijn cliënt worden aangespannen omdat hij door de VS naar Israel is uitgewezen om er uitsluitend en alleen als "Ivan de Verschrikkelijke' terecht te staan”. Sheftel legt daar de nadruk op omdat wel is komen vast te staan dat John Demjanjuk als wachman door de SS in het concentratiekamp Sobibor is ingezet.

Michael Shaked, de openbare aanklager, die volgens Sheftel “zijn zaak in elkaar ziet storten” heeft via de Israelische pers laten uitkomen dat als John Demjanjuk dan niet "Ivan de Verschrikkelijke' uit Treblinka is, hij voor andere oorlogsmisdaden - bij voorbeeld in Sobibor - kan worden vervolgd. Maar Sheftel kan zich niet voorstellen dat een Israelisch hof, na al het onrecht dat John Demjanjuk is aangedaan, de aanklacht nog zou kunnen manipuleren. “Het enige dat Israel kan doen is John Demjanjuk vrij spreken, vergiffenis vragen, schadeloos stellen en naar huis in Cleveland sturen”, zegt hij.

Op 14 augustus 1991 kwam volgens de advocaat de ommekeer in de “heksenjacht” op John Demjanjuk. De Israelische rechtbank aanvaardde toen als bewijsmateriaal de door de KGB van 1944 tot 1961 afgenomen getuigenissen van 21 Oekraïense wachmannen (door de Duitsers krijgsgevangen gemaakte soldaten van het Rode leger die door de SS tot concentratiekampbewakers werden opgeleid) uit Treblinka. Uit deze troefkaart tegen de aanklager blijkt dat niet een zekere Ivan Demjanjuk, bijgenaamd Ivan de Verschrikkelijke, de gasmotoren in Treblinka aanzette, maar dat dit werd gedaan door Ivan Martsjenko.

Een eveneens boven water gekomen foto van Ivan Martsjenko vertoont volgens Sheftel absoluut geen gelijkenis met zijn cliënt. De aanklager had dit belangrijke bewijsmateriaal misschien nog onderuit kunnen halen, indien Sheftel niet ook de huwelijksacte van Demjanjuks moeder had gevonden. Want John Demjanjuk had Martsjenko als de naam van zijn moeder opgegeven bij het invullen van Amerikaanse immigratiepapieren in 1951. Hij kon er zich toen geen rekenschap van geven dat deze verzonnen naam hem enkele tientallen jaren in de armen zou drijven van een Israelische aanklager die het op zijn leven had gemunt.

Volgens Sheftel gaf John Demjanjuk die naam op omdat hij zich de werkelijke naam van zijn moeder niet kon herinneren. “Martsjenko is zoiets als Levy of Cohen bij ons, dus schreef hij maar wat op”, zegt Sheftel. Volgens de door hem gevonden huwelijksacte heet Demjanjuks moeder Tabatsjoek. Ook dit document is door de rechtbank op 24 januari 1991 als bewijsmateriaal aanvaard. Tussen John Demjanjuk en de naam Martsjenko bestaat volgens Sheftel geen enkel verband en dus slaat volgens hem de aanklager ook op dit punt de plank mis.

Yoram Sheftel is ervan overtuigd dat het door hem ingediende nieuwe bewijsmateriaal het Hooggerechtshof geen andere keus laat dan Demjanjuk onschuldig te verklaren aan misdaden tegen de mensheid, in het bijzonder tegen het joodse volk. De door de KGB afgenomen getuigenissen van de 21 wachmannen zijn, zegt hij “een ijzersterke troefkaart”. “Wie zo'n kaart in handen heeft hoeft geen andere troeven te hebben”.

Informatie van de Poolse commissie van onderzoek naar nazi-misdaden bracht hem vorig jaar op het spoor van deze getuigenissen. Aanvankelijk weigerden de Russen hun medewerking te verlenen. “Ik wist echter precies waar die getuigenissen van de 21 wachmannen werden bewaard. Voortdurende druk van Oekraïense parlementsleden van de commissie van mensenrechten op Moskou hebben ertoe geleid dat ik toegang kreeg tot de documenten in Simferopol op de Krim”, vertelt Sheftel. De Russen gaven ze later in Moskou aan aanklager Shaked. “Pas een half jaar daarna kreeg ik ze van hem”, zegt Sheftel.

Vanaf het begin van de strafprocedure is hij ervan overtuigd geweest dat in Israel de verkeerde "Ivan de Verschrikkelijke' voor het gerecht werd gebracht. “Ik ken de Israelische wet”, zegt hij. “Van de foto-identificatie in Israel door overlevenden van Treblinka klopte niets. De foto van de te identificeren persoon moet volgens de wet lijken op andere voor te leggen foto's. In Demjanjuks geval werd een foto met zijn kale hoofd erop tussen zeven foto's met mannen met haar gelegd. Geen wonder dat de overlevenden van Treblinka hem eruit pikten. Het was alsof een zwarte temidden van zeven blanken werd geplaatst.”

Yoram Sheftel vroeg de Nederlandse specialist op het gebied van de identificatie, professor W.A. Wagenaar, voor de rechtbank te getuigen. “Ik kende het theoretische werk van professor Wagenaar voordat er sprake was van het proces Demjanjuk.” De Nederlander oordeelde inderdaad vernietigend over de wijze waarop Demjanjuk als "Ivan de Verschrikkelijke' in Israel was geïdentificeerd. Maar op de uitspraak van de rechtbank had deze getuigenis geen invloed.

“De rechtbank was niet geïnteresseerd in argumenten. John Demjanjuk werd in een theater berecht, voor de televisie-camera's en radiostations. Het was een circus en geen rechtszaak. Jurdische argumenten speelden geen rol. De rechtbank had er alleen belang bij zoveel mogelijk mensen in Israel te laten weten wat er in Treblinka was gebeurd. John Demjanjuk was een pion in dat spel”, zegt Sheftel.

Niet alleen Israel maar ook de VS hebben volgens Yoram Sheftel tegen John Demjanjuk samengespannen. “In 1978 wisten de Amerikanen al dat John Demjanjuk onmogelijk "Ivan de Verschrikkelijke' uit Treblinka kon zijn”, zegt hij. “Zij waren toen al in het bezit van Sovjet-documenten die getuigenissen bevatten van zes overlevenden van Treblinka die Ivan Martsjenko als "Ivan de Verschrikkelijke' hadden geidentificeerd”. De Amerikaanse autoriteiten die zich bezig hielden met het opsporen van nazi-misdadigers die op onwettige wijze de VS waren binnengekomen, legden deze informatie echter terzijde. Allen Rayam, hoofd van de OSI (Office of Special Investigations), die zich daarmee bezighield, verklaarde op 28 oktober 1991 in een vraaggesprek met The Huntsville Times uit Alabama dat “als we het zouden hebben bekendgemaakt het OSI hoogstwaarschijnlijk slechts een kort leven zou zijn beschoren”.

Yoram Sheftel heeft nog enkele andere zijns inziens steekhoudende argumenten die aanklager Shaked zullen dwingen “zijn schande te bekennen”. “Maar op 14 augustus, toen ik de getuigenissen van de 21 wachmannen aan de rechtbank overlegde, kon Shaked slechts zeggen nog te veronderstellen dat John Demjanjuk "Ivan de Verschrikkelijke' uit Treblinka is. Zeker is hij niet meer van zijn zaak.”

In zijn cel, waar dag en nacht het licht brandt en zijn bewegingen op een gesloten tv-circuit nauwlettend worden gevolgd, wacht John Demjanjuk optimistisch gestemd de beslissing van het Hooggerechtshof af. Hij krijgt volgens zijn verdediger veel post en houdt zichzelf met allerlei oefeningen in goede conditie.

Hij heeft de tijd zich te herinneren hoe hij, nadat hij in de Tweede Wereldoorlog in Duitse krijgsgevangenschap was terechtgekomen, door de SS in Trawniki in Polen tot wachman werd getraind en na de Duitse nederlaag tot 1951 als vluchteling in Duitse kampen verbleef. In 1951 gaven de Amerikanen hem toestemming met zijn vrouw naar de VS te emigreren. In Cleveland ging het hem goed. In 1975 schreef hij naar zijn moeder in de Oekraïne een brief waarin hij over zijn nieuwe leven in de VS vertelde. De stomverbaasde vrouw had haar zoon doodgewaand. Plichtsgetrouw lichtte zij de Sovjet-autoriteiten in, waarvan ze een pensioen voor haar verdwenen zoon kreeg, over zijn opduiken.

Hoogstwaarschijnlijk hebben de Russen op grond daarvan onderzoek gedaan en Demjanjuk als wachman geïdentificeerd. Een bericht daaromtrent in een Sovjet-krant zette de Amerikaanse autoriteiten in 1951 op het spoor dat John Demjanjuk naar zijn eindstation in Israel bracht. Zal het Hooggerechtshof de wissel omgooien en op grond van het nieuwe bewijsmateriaal John Demjanjuk nog voor kerstmis naar zijn kinderen in Cleveland terugsturen?

Op grond van het nieuwe bewijsmateriaal dat Yoram Sheftel na de terdoodveroordeling van Demjanjuk boven water heeft gebracht is ook het Amerikaanse ministerie van justitie in allerijl een onderzoek begonnen naar zijn uitwijzingsprocedure naar Israel. “Als de Amerikanen tot de conclusie komen dat toen getuigenissen werden achtergehouden, zal dat van grote invloed zijn op het lot van Demjanjuk”, schreef de krant Yediot Ahronot deze week. Toen hij dit bericht las kwam er een vrolijke glinstering in Sheftels rechteroog. Zijn linker is nog dof, sinds een Israeliër een paar jaar geleden bleekwater in zijn gezicht gooide omdat hij Demjanjuk verdedigde. Dat is de prijs die Sheftel voor recht in een uitzonderlijke rechtszaak heeft moeten betalen.

"Met het verplaatsen van onze cursussen naar ontwikkelingslanden zijn we al veertig jaar bezig. In Colombia, India, Indonesië en Nigeria hebben we zusterinstellingen opgericht. In China werken we samen met de universiteit van Wuhan, die zich op cartografie toelegt. Ontwikkelingslanden hebben behoefte aan een gespecialiseerd instituut waar ze op terug kunnen vallen. Zij kunnen de technologische ontwikkelingen niet bijhouden, ons instituut kan dat wel.'