Zonneboiler met naverwarming

De eerste handeling van de installateur van mijn zonneboiler bestond uit een werktuiglijke gang naar mijn elektriciteitskast.

“Ho, ho, dat is niet de bedoeling. Ik wil juist minder en niet meer fossiele brandstoffen gebruiken, en minder in plaats van meer CO2 uitstoten!” riposteerde ik bekakt.

De installateur: “Ja, maar al onze zonneboilers hebben elektrische naverwarming met ons voordelige en spotgoedkope nachttarief van 15 cent per kilowattuur, wat ik u van harte kan aanbevelen. Daarom kijk ik even of er al een nachttariefregelaar op uw meter zit.”

Ik hield mijn poot stijf door te zeggen dat ik alleen een zonnecollector met opslagvat wilde mits naverwarmd met aardgas, middels een zogenaamde zonnegeiser.

De installateur: “Ja, maar iedereen neemt elektrische naverwarming.”

Ik: “O... dan doet iedereen het verkeerd. Ik wil naverwarming met gas, anders wil ik er geen!”

Enfin, ik kreeg mijn zin. Een half jaar later kwam de installateur met een zonnegeiser aanzetten, die inmiddels is aangesloten op een geïsoleerd roestvrij stalen voorraadvat voor 240 liter warm water op mijn zolder. Het vat is op zijn beurt op een zonnecollector van 2,8 m² aangesloten, die op mijn schuine zuidelijke dak ligt te zonnen.

De zon verhit, als zij tenminste schijnt, het water in de zonnecollector dat via een gesloten circuit (waarin een elektrisch pompje) het altijd met water gevulde voorraadvat opwarmt. Als het water in de zwarte collector onder het dubbele glas dreigt te gaan koken of bevriezen zorgt een thermostaat ervoor dat dit circuit leegloopt, heel vernuftig en ter beveiliging natuurlijk. Bij het gebruik van warm of heet water komt dit rechtstreeks uit het voorraadvat, en als het niet warm of heet genoeg is wordt het naverwarmd tot de vereiste temperatuur door de zonnegeiser. En als het te heet is wordt er navenant koud water bijgemengd.

Op mijn voorraadvat zit een plaatje met de tekst: Eigendom van de EGD. Dat wil zeggen het Energiebedrijf Groningen en Drenthe. U raadt het al. De EGD heeft er natuurlijk belang bij om zonneboilers te installeren. Waarom? Omdat de EGD energie wil verkopen. Vandaar natuurlijk dat dringende advies om elektrisch na te verwarmen! Mijn installateur vertelde me dat hij al ruim tweehonderd zonneboilers had geplaatst en dat ik voor hem tot nu toe de enige was die het zonverwarmde water naverwarmde met aardgas in plaats van met elektriciteit.

De Chinezen hebben twee beeldige uitdrukkingen voor twee verschillende stratègemen (krijgslisten): "Je dolk achter je glimlach verbergen', en "kwispelen met je tong'. Zou er achter die glimlachende zon soms een ordinaire campagne schuilgaan voor het verkopen van nog meer elektriciteit?

Ingenieur Hendrik Venema, energie-technicus te Hattem, vergeleek het energieverbruik en de bijbehorende kosten van de verschillende mogelijkheden voor de verwarming van tapwater en stuurde bijgaande tabel op.

Een zonneboiler met elektrische naverwarming blijkt, in guldens, het duurst. De gewone ouderwetse elektrische boiler, ook op nachtstroom, kost het meeste brandstof en is ook duur. Een elektriciteitscentrale heeft ongeveer 0,3 m³ aardgas nodig voor één kilowattuur (verliezen in het elektriciteitsnet meegerekend), ook 's nachts, omdat ruim de helft van de verbrandingswarmte in de centrale verloren gaat. De gasgestookte "hoogrendement' cv-ketel en in het bijzonder de gasgeiser zijn het goedkoopst.

Uit de tabel van Venema blijkt verder dat de zonneboiler met elektrische naverwarming helaas meer energie gebruikt en dus ook meer kooldioxyde produceert dan een gasgestookt apparaat, zoals een keuken- of douchegeiser of een "hoogrendement' ketel. Tot deze conclusie kwam trouwens ook het vakblad Electrotechiek van de Kema in maart 1991 en het vakblad Gas in maart 1990.

Wat de EGD en het PEB (Provinciale Elektriciteits Bedrijf) in Friesland nu doen bij het installeren en verhuren van zonneboilers met elektrische naverwarming, onder het mom van energiebesparing, komt dus deels neer op een campagne om elektriciteit te verkopen voor het verhitten van water. Het ministerie voor economische zaken geeft voor zonneboilers een subsidie van ƒ 700,- per m² zonnecollector tot een maximum van vier m², ook en zelfs indien de zonneboiler elektrisch wordt naverwarmd!

Nee, dan een zonneboiler met een zonnegeiser voor de naverwarming! U ziet uit het overzicht dat u zo'n 100 m³ aardgas per jaar kunt besparen. En mede dankzij die genoemde subsidie is de diepte-investering die daarvoor nodig is wel op te brengen. De extra investering per jaar bedraagt zo'n tweehonderd gulden, maar door een halvering van het gasgebruik voor het verhitten van water staat daar een besparing van zo'n 50 gulden tegenover. Vooral nu ik een "waterbesparende douchekop' gebruik. Ik denk dat deze "slimme douchekop' een stuk slimmer en goedkoper is dan de slimme koppen op het ministerie en bij de Novem, die de aanleg van zonneboilers propageren, die in de praktijk elektrisch blijken te worden naverwarmd. Ik vind dat de Novem, de Nederlandse organisatie voor energie en milieu, (de vroegere Stichting Voorlichting Energiebesparing Nederland is daar in opgegaan) in deze helaas een dubieuze en nalatige rol speelt. Zij schiet mijns inziens ook tekort in haar voorlichting.

Als ik mij niet krachtig had verzet tegen elektrische naverwarming had ik nu een installatie gehad die inclusief het aanleggen zo'n vijfduizend gulden kost, betaald uit algemene en eigen middelen voor een warm en heet tapwatersysteem dat duurder is met een hoger brandstofverbruik en meer kooldioxyde-vorming, dan het systeem dat ik had: mijn aloude badgeiser.

De EGG (Elektriciteitsmaatschappij Gemeente Groningen) geeft trouwens een extra subsidie op een zonneboiler mits er met gas wordt naverwarmd. Er is dus nog wel enige hoop.

De Novem laat desgevraagd weten dat naverwarming met gas altijd de voorkeur heeft boven elektrische naverwarming als tenminste aardgas beschikbaar is. In 80 à 90 procent van de gevallen wòrdt volgens de organisatie ook met gas bijverhit. Ten slotte wijst de Novem erop dat zelfs moderne gastoestellen geen hoger rendement bezitten dan 60 procent, en dat elektriciteitscentrales juist een wat hoger rendement hebben dan door Venema is aangenomen. Het nadeel van elektrische naverwarming zou daardoor wat minder zijn dan Venema voorspiegelt.