Vader heeft liefde en vriendelijkheid nodig

Daddy Nostalgie. Regie: Bertrand Tavernier. Met: Dirk Bogarde, Jane Birkin en Odette Laure.

Dale Turner, de fictieve maar bijna echte jazz-saxofonist uit Round Midnight, was aan het eind van die film een stervende man die in zijn leven weinig momenten van menselijke warmte had gekend. Hij leefde in de muziek, verder was er nooit zoveel geweest. Zijn conclusie luidde, op het laatste moment: There is not enough kindness in the world - en in een van de begeleidende interviews zei regisseur Bertrand Tavernier, dat hij zijn hoofdpersoon daarmee een persoonlijk credo in de mond had gelegd.

Caroline, de dochter van de stervende man in Daddy Nostalgie, zegt op een zonovergoten caféterras tegen haar vader dat ze hem benijdt om het mooie leven dat hij achter de rug heeft. Kon zij het maar zoals hij het had gedaan, zich verzadigen aan la douceur de vivre. Ze is vastbesloten hem, nu het bijna afgelopen is, alle liefde te geven die ze in zich heeft. Ze moedigt hem aan vrolijke verhalen van vroeger te vertellen en maakt tochtjes naar de plaatsen die hij graag nog eens zou willen zien. Tijdens een van hun wandelingen zingen ze om beurten de regels van These foolish things, het oude nummer over de kleine aardigheden die het leven zo prettig kunnen maken. Nu haar moeder - geblokkeerd door de angst voor zijn naderende dood - niet meer in staat is hem die warmte te geven, neemt de dochter het over. Ze geeft hem die toegewijde kindness waar Dale Turner het in die vorige film over had.

Daddy Nostalgie, geschreven door de ex van Tavernier, speelt zich grotendeels af in en om een huis aan de Franse zuidkust. Vader komt na een hartoperatie uit het ziekenhuis en moet het kalm aan doen, moeder betuttelt hem en de dochter komt bij hen logeren. Ze is bezig een filmscenario te schrijven, dat uiteindelijk het verhaal van deze logeerpartij zal worden. Landerig gaan de dagen voorbij, langdurig wordt er over koetjes en kalfjes gepraat, en er wordt vaak in de ruimte gestaard. Soms maken kleine wrijvingen de stemming om te snijden, maar na een omhelzing is het meestal wel weer goed. Zo'n film moet het niet hebben van de gebeurtenissen, maar van de acteurs.

Van de drie rollen is die van Daddy ongetwijfeld de dankbaarste. Dirk Bogarde - eindelijk weer in een dragende filmrol - speelt hem als een man die beurtelings met wrange ironie en schrijnend verdriet zijn levenseinde ziet naderen. In zijn ogen huist pijn, hoe manmoedig hij ook af en toe een glimlach over zijn wangen laat glijden. Eerst zijn er nog momenten van schrik, als hij in zijn stoel zit en het opeens ijskoud krijgt. Is it cold? vraagt hij - en het is, door de intense concentratie van Bogarde, een ijselijk ogenblik. Later maakt hij steeds meer de indruk zich te onthechten aan zijn omgeving. Hij maakt zich los van de betutteling van zijn vrouw, die hem eerst nog hevig irriteert. Als zij vindt dat hij naar bed moet gaan, merkt hij met subtiele ironie op: “Nu zegt ze: ga naar bed. Vroeger zei ze: kom naar bed.”

De andere twee zijn met aanzienlijk minder reliëf geschreven. Hoe toegewijd Odette Laure (moeder) en Jane Birkin (dochter) hun rollen ook spelen, er is lang niet zoveel eer aan te behalen als aan de vader. Ze hebben weinig meer in handen dan de prototypes van de in stilte lijdende moeder en de opvliegerige dochter, zoals ze al zo vaak te zien waren. Het staart in de verte en neuzelt een beetje. Maar zodra Daddy in beeld komt - en gelukkig is dat vaak - houdt iedereen weer de adem in om Dirk Bogarde op zijn best te zien. Hij speelt hier een van de meest ingeleefde creaties uit zijn loopbaan.

Dat is natuurlijk ook de verdienste van Bertrand Tavernier, die zich naar eigen zeggen ten doel stelde een tedere film te maken. Hij loopt daarmee bij vlagen het risico te vervallen in clichématige zoetigheid en quasi-poëtisch gemijmer, maar Bogarde geeft hem daar de kans niet toe. Of Daddy Nostalgie een monumentje is voor de vader van Tavernier, zoals hij zegt, kan ik niet beoordelen. Een monumentje voor Dirk Bogarde is de film in elk geval wel.