Brug over Westerschelde nutteloos plan

De belangrijkste argumenten voor een vaste-oeververbinding over de Westerschelde zijn: het vervangen van het kostbare veer Kruiningen-Perkpolder en de verbinding tussen de Randstad (Rotterdam) en de "Chunnel'.Dit plan steunt op een onnodige en geldverslindende ambitie.

Dit jaar is het Liefkenshoek-tunnelcomplex benoorden Antwerpen, even over de Nederlandse grens, voor alle verkeer, ook met gevaarlijke stoffen, geopend. In uitvoering, dan wel gereed zijn: de rondweg om Bergen op Zoom en de zogenoemde Zoomweg-zuid met aansluiting in België en Liefkenshoek. Zodat in 1992 een autosnelwegstelsel vanuit de Randstad, stedelijke conglomeraties vermijdend, verbinding geeft met de vierbaans industrieweg Antwerpen, Zelzaete, kust. Het gedeelte Antwerpen-Zelzaete wordt momenteel kruisingvrij gemaakt en wordt dus ook autosnelweg.

Het ontbrekende stukje Bergen op Zoom-Dinteloord, de zgn. Zoomweg-noord, waar met name de Kamer van Koophandel te Breda reeds 20 jaar lang, elk jaar opnieuw, voor pleit, zal er eerlang ook wel komen.

Er is dus straks een autosnelweg-verbinding Randstad-industriegebied Gent-Terneuzen.

Daarnaast kan men, vanuit Liefkenshoek een stukje de weg Antwerpen-Zelzaete in oostelijke richting rijdend, komen op de autosnelwegen naar Brussel, Noord-west Frankrijk en de "Chunnel'. De verlangde verbinding is er dus reeds volgend jaar.

In 1993 vervallen verder de EG-binnengrenzen, zodat dan het zogenaamde hoefijzerverkeer naar en van Zeeuws-Vlaanderen zonder oponthoud kan geschieden. De bovengenoemde Belgische kustweg loopt parallel met de zuidgrens van Zeeuws-Vlaanderen en heeft daarmee vele verbindingen. Ook daarvoor is geen interne Zeeuwse verbinding meer nodig.

We willen aan ons overzicht nog toevoegen, dat de binnen-Zeeuwse weg Goes, Zierikzee, Hellegatsplein te enen male ongeschikt is voor intensief en zwaar verkeer.

Dit allemaal overziende is het duidelijk dat een tweede verbinding over de Schelde, oostelijk van het blijvende veer Vlissingen-Breskens, uitsluitend zal dienen voor intern Zeeuws verkeer.

In plaats van 829 miljoen (zie NRC Handelsblad van 7 december) uit te geven voor een uitgekleed brug-tunnelplan, dat inclusief de onvermijdelijke tegenslagen, aanpassingen en overschrijdingen wel 1½ miljard zal gaan kosten, kan men gaan besparen op het bestaande veer, dat aanmerkelijk minder aanbod zal krijgen. Stelt men hier de kosten van omrijden via Liefkenshoek, tegenover de kosten van het veer, dan zou opheffing wel eens verantwoord kunnen zijn.

We gaan dan maar voorbij aan de jarenlange belemmeringen voor de scheepvaart naar en van Antwerpen, Terneuzen en Gent gedurende de uitvoeringswerkzaamheden voor de vaste verbinding, aan de twijfel over de stabiliteit van de stroombedding van de Schelde onder invloed van de aanleg en aan de schade aan sfeer en waarde van het huidige Zeeuwse landschap.

De vaste-oeververbinding over de Westerschelde moet maar een droom van de Zeeuwse gedeputeerden blijven en geen werkelijkheid worden.