Suriname krijgt nog geen steun bij betalingsbalans

DEN HAAG-PARAMARIBO, 18 DEC. Nederland is vooralsnog niet bereid Suriname tijdelijk te steunen met zijn betalingsbalans, omdat de Surinaamse regering pas op 17 januari - een maand later dan afgesproken - met een standpunt komt over aanpassing van haar economie.

Dat schrijft minister Pronk (ontwikkelingssamenwerking) in een brief aan de Tweede Kamer.

De Surinaamse regering heeft gehoor gegeven aan het verzoek tot uitstel van de Raad van Vakcentrales (Ravaksur). Ravaksur had hierom gevraagd omdat zij pas een week zitting heeft in de stuurgroep die de regering over het rapport van advies dient. De vakbond vindt dat zij het rapport eerst goed moet bestuderen.

Pronk zei vanmorgen “zwaar teleurgesteld” te zijn over het uitstel. Bij overleg op Bonaire over het herstel van de relatie tussen beide landen had Suriname aangedrongen op zo spoedig mogelijke steun voor zijn betalingsbalans. Nederland verklaarde daartoe bereid te zijn op voorwaarde dat Suriname op zijn minst met een schriftelijke reactie zou komen op een rapport van het onderzoeksbureau Coopers en Lybrand over aanpassing van de Surinaamse economie. Pas dan zou Nederland over de hoogte van de steun voor de betalingsbalans kunnen beslissen. Suriname verklaarde op Bonaire op 17 december met de verlangde reactie te komen.

Vice-president J. Ajodhia van Suriname zei gisteren dat het uitstel mede was ingegeven door de afwezigheid van een minister van financiën. Minister Roseval (financiën) nam onlangs ontslag omdat hij vond dat president Venetiaan hem te weinig ruimte voor eigen beleid liet. De vacature is nog niet ingevuld. Ajodhia verzekerde dat de regering een concept-antwoord op het onderzoeksrapport gereed heeft. Het is maandagavond in de Raad van ministers besproken.

Pag 3:

Suriname stemt in met devaluatie

Over het concept van de regering kwam het Surinaamse ochtendblad De Ware Tijd te weten dat de regering instemt met een devaluatie van de Surinaamse gulden. De koers zou worden bepaald op acht Surinaamse gulden voor één Amerikaanse dollar. Het onderzoeksbureau Coopers en Lybrand had een aanpassing voorgesteld van zeventien op één, wat gelijk is aan de parallelkoers. De regering vindt dat de exportindustrie voldoende heeft aan een koers van één op rond acht om rendabel te werken.

Zowel de regering als de stuurgroep vindt dat het Coopers en Lybrand-rapport een "werkbaar document' is om tot een aanvaarbaar programma te komen voor de economische problemen. De regering is voornemens een pakket maatregelen door te voeren die in haar regeerperiode moeten leiden tot herstel van het budgetair en monetair evenwicht. Met Coopers en Lybrand is de regering het eens dat de monetaire financiering van het budgettekort onmiddellijk stopgezet moet worden. Dit begrotingstekort wordt aangewezen als de voornaamste oorzaak van de overliquiditeit, de prijsstijgingen, de koopkrachtvermindering en de verstoring van de wisselkoers.

De regering is van plan tijdens het aanpassingsprogramma veel aandacht te schenken aan de export. Deze moet zo opgevoerd worden dat Suriname in staat is voldoende deviezen te genereren om de invoer van goederen en diensten te financieren en een reserve op te bouwen. Erkend wordt dat de officiële wisselkoers in het nadeel werkt van de exportindustrie en het rendement van deze sector heeft aangetast. De officiële koers is 1,85 Surinaams voor de Amerikaanse dollar. De duale wisselkoers werkt bovendien corruptie in de hand. Van Coopers en Lybrand verlangt de regering nu dat de gevolgen van de koers van één op acht worden uitgewerkt naar de omvang en de duur van betalingsbalanssteun en de intensiteit van de overige maatregelen van het aanpassingsprogramma.