Wegloophuis Psychiatrie Rotterdam met sluiting bedreigd; "Wie niks wil kan beter weggaan'

ROTTERDAM, 17 DEC. René en Raymond, allebei 23, zitten in de gezellige huiskamer van het Wegloophuis Psychiatrie in Rotterdam. In de door René opgetuigde kerstboom branden lichtjes. Op de vraag waar ze naar toe zouden gaan als het opvanghuis gesloten wordt, hebben ze niet zo snel een antwoord. “Misschien proberen een ander opvanghuis te zoeken”, oppert René. Raymond weet het niet, maar zegt “het nogal stom te vinden om iets wat er eindelijk is, weer af te breken”.

Sluiting van het Wegloophuis is allerminst denkbeeldig als de gemeentelijke commissie voor volksgezondheid en maatschappelijk werk morgen akkoord gaat met voorstellen van de Gemeentelijke Sociale Dienst (GSD). “Onbegrijpelijk”, vindt G. Luthart, al ruim acht jaar algemeen coördinator van het Wegloophuis in de Rotterdamse wijk Oud Mathenesse. “De GSD heeft dit jaar onderzoek gedaan naar het functioneren van het Wegloophuis. Hiervan was onze subsidie van 165.000 gulden, die we van de gemeente krijgen, afhankelijk. Ondanks dat we er positief uitkomen en we veel lof van de GSD krijgen voor ons werk, adviseren ze toch sluiting. Het argument van de GSD is dat zij voorzien dat, juist omdat we zo goed draaien, er in de toekomst extra subsidie voor het Wegloophuis beschikbaar moet worden gesteld voor meer personeel en voor betere huisvesting. Wij hebben daar helemaal niet om gevraagd.”

In het Wegloophuis Psychiatrie komen mensen die weggelopen zijn uit een psychiatrisch ziekenhuis of ex-psychiatrische patiënten die tijdelijk hulp en onderdak nodig hebben of die korte tijd in het daklozen-circuit zaten en daar weer uit willen komen.

Het is de bedoeling dat de bewoners na ongeveer drie maanden weer zelf een kamer of huis hebben. Luthart: “We helpen hen daarbij, maar ze moeten zelf ook laten zien ergens mee bezig te zijn. Wie niets doet of alleen maar op z'n bed wil liggen, kan beter vertrekken. We zijn een voorziening voor mensen die iets willen opbouwen.”

René liep begin oktober weg uit de Willem Arntszhoeve in Den Dolder waar hij vanaf juni verbleef. Hij was al eerder opgenomen, maar werd daardoor juist depressief. “Toen ik wegliep heb ik me eerst gemeld bij een wegloophuis in Utrecht, maar daar was geen plaats. Ze hebben me toen doorverwezen naar Rotterdam.” René is blij met de opvang van het Wegloophuis: “Psychiatrie is zo ingrijpend, er moet een vluchtmogelijkheid zijn.”

Ook Raymond kwam in oktober naar het Wegloophuis. Ook hij verbleef eerder in een psychiatrische inrichting, daarna woonde hij samen met z'n vriendin. “Ik kreeg problemen thuis en ben toen rechtstreeks hier naar toe gekomen. Ze helpen me nu met zoeken naar woonruimte. Mijn uitkering geef ik in bewaring, daar neem ik elke dag een tientje van om eten te kopen. Ik heb het hier wel naar m'n zin.”

In het Wegloophuis werken twee betaalde coördinatoren voor 24 uur per week. Zij krijgen hulp van in totaal zes stagiairs en vrijwilligers. Er is plaats voor maximaal zes bewoners. Volgens Luthart zijn het meestal mannen. Dit jaar hebben ongeveer 66 mensen - met een gemiddelde leeftijd van 30 jaar - onderdak gevonden in het Wegloophuis.

Luthart: “Als er iemand aanbelt kan hij na een intake-gesprek meteen blijven, als er plaats is tenminste. We nemen wel altijd contact op met de instelling waaruit iemand is weggelopen. We hebben bijvoorbeeld afspraken met het psychiatrisch ziekenhuis Delta: zij bepalen of iemand gevaarlijk is en geven adviezen over eventuele medicatie. Soms blijven mensen maar kort hier, willen ze alleen even de boel op een rijtje zetten.” Wie in het Wegloophuis blijft en een uitkering heeft, moet huur betalen en zelf voor eten zorgen. Er kan gezamenlijk of apart worden gekookt en voor wie dat wil worden geld of medicijnen in bewaring genomen. “Maar”, zegt Luthart streng, “alcohol of drugsgebruik wordt niet getolereerd.”

De dagindeling van René en Raymond bestaat behalve uit zoeken naar woonruimte of wandelen in het park uit het verplicht schoonhouden van de eigen kamer, eten koken, opruimen van de gezamenlijke ruimten en wassen van kleding. Volgens Luthart is een belangrijke taak van het Wegloophuis het opnieuw wennen aan dagelijkse bezigheden.'' Er komen hier mensen die soms jaren in een inrichting hebben gezeten. Die moeten leren weer met geld om te gaan, boodschappen te doen.

Als het voorstel van de GSD om het Wegloophuis te sluiten door het gemeentebestuur wordt overgenomen, kan de instelling nog tot januari 1993 draaien. “Misschien”, zegt Luthart, “vinden ze dat zo'n kleinschalige voorziening niet meer kan. Maar laten ze daar dan open over praten. Wij zien ook wel dat onze positie steeds moeilijker wordt, maar op deze manier kun je niet constructief naar een oplossing zoeken.”

René en Raymond zijn blij met de geboden opvang, maar hopen wel binnenkort te kunnen vertrekken. René wil, zodra hij een huis heeft, beginnen aan een avond-opleiding HAVO. En Raymond meldt: “Eerst wilde ik graag een baan bij de plantsoenendienst, maar nu denk ik meer aan vrijwilligerswerk, bejaardenhulp of zo.”