Unie-republieken: snel energie-samenwerking

DEN HAAG, 17 DEC. Alle republieken in de voormalige Sovjet-Unie en de drie Baltische republieken Estland, Letland en Litouwen willen zo snel mogelijk een intensieve samenwerking met Westerse landen op energiegebied. Door Westerse investeringen aan te trekken hopen de republieken hun energiecrisis op te lossen en de export van olie, aardgas en kolen weer op te voeren.

Dit bleek gisteren op de ministersconferentie over het Energie-Handvest (plan-Lubbers) in de Haagse Ridderzaal. Vandaag is het Handvest door bijna 50 landen ondertekend, waaronder alle Europese staten en de republieken in de voormalige Sovjet-Unie.

Grote gebieden in Oost-Europa hebben te maken met tekorten aan elektriciteit en brandstoffen en verscheidene republieken maken zich ernstige zorgen over de onveilige Russische kerncentrales.

Ook alle Westerse landen die in Den Haag waren vertegenwoordigd, toonden zich enthousiast over het plan-Lubbers, maar over de verdere uitwerking in een internationaal verdrag (basis-overeenkomst) tekenden zich enige verschillen van inzicht af. Noorwegen, een belangrijke producent van olie en aardgas, hecht een sterk belang aan de in het Handvest overeengekomen nationale souvereiniteit over de energiebronnen. Andere landen, die voor hun energievoorziening sterk afhankelijk zijn van import van olie, aardgas en kolen, benadrukten het belang van gelijke behandeling van investeerders, vooral in Oost-Europa.

De Verenigde Staten gingen in dit opzicht het verst, door de meest liberale vorm van non-discriminatie voor te stellen voor bilaterale investerings-overeenkomsten tussen landen. “Wij zijn niet tevreden met het compromis in het Handvest”, zei de Amerikaanse onderminister van energiezaken Tuck. De vrije marktpartijen kunnen het beste in de behoeften aan investeringen voorzien en de rol van regeringen moet hierbij zo klein mogelijk blijven, vond hij. Ondertekening van het Handvest betekent voor de Verenigde Staten nog niet dat Washington ook akkoord zal gaan met het verdrag en de protocollen waarmee het Handvest volgend jaar moet worden gecompleteerd.

Onderminister Tuck was het ook niet eens met de haast die premier Lubbers gisterochtend in zijn toespraak tot de conferentie wilde maken met die aanvullende overeenkomsten. “We moeten ons doel, de ontwikkeling van energiebronnen in de voormalige Sovjet-Unie goed voor ogen houden, geen onrealistische deadlines stellen maar er de tijd voor nemen”, aldus Tuck.

Wel drong de Amerikaanse onderminister aan op snelle actie van oliemaatschappijen om een halt toe te roepen aan de teruglopende olieproduktie in Rusland, waarvan Washington ernstige repercussies op de markt verwacht. Een vertegenwoordiger van de Russische Federatie kon gisteravond niet zeggen hoe de produktie zich nu ontwikkelt. Wel zei hij dat een deel van de olie-export blijft opgeschort tot de regionale brandstoftekorten zijn opgelost. Het Russische parlement heeft overigens onlangs een decreet van president Jeltsin aanvaard dat aan buitenlandse investeringen voorrang geeft boven nationale ondernemingen.

Wit-Rusland en de Oekraïne deden een dringend beroep op de conferntie voor meer Westerse hulp bij de beveiliging van Russische kernreactoren, het slopen en veilig opruimen van de reactoren van het Tsjernobyl-type en het aanvullen van de elektriciteitstekorten.

De Russische afgevaardigde Gavrilov heeft in het bijzijn van minister Andriessen zojuist het Energie-Handvest getekend dat samenwerkhet Westen en de voormalige Sovjet-Unie en de landen van Oost- en Midden-Europa regelt. Het handvest werd vanochtend door bijna 50 ldertekend. (foto NRC Handelsblad- Vincent Mentzel)