Gevangenisstraf voor directeur van afvalbedrijf

DEN HAAG, 17 DEC. W. Zegwaard, directeur van het voormalige afvalbedrijf Zegwaard in Delft, is vanmorgen door de Haagse rechtbank veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf, waarvan zes maanden voorwaardelijk, en een boete van 100.000 gulden.

De officier van justitie had tegen hem zes jaar onvoorwaardelijk geëist. De rechtbank veroordeelde twee bv's uit de Zegwaard-groep tot samen ruim 600.000 gulden boete plus 200.000 gulden als teruggave van wederrechtelijk genoten voordeel.

De straffen werden opgelegd wegens onder meer poging tot oplichting van de provincie Zuid-Holland en valsheid in geschrifte, waaronder het gebruik van valse douaneformulieren en het opmaken van valse facturen. In een toelichting zei de president van de rechtbank, mr. B. Punt, dat deze misdrijven gedeeltelijk zijn gepleegd om de afvoer van afval naar Wallonië veilig te stellen, hoewel daar sinds 1983 een verbod heerste om buitenlands afval te storten. Ook werd opzettelijke overtreding van de Wet Verontreiniging Oppervlaktewateren bewezen geacht.

Daarentegen sprak de rechtbank Zegwaard en zijn medewerkers vrij van de beschuldiging dat zij hadden deelgenomen aan een organisatie die het plegen van misdrijven tot oogmerk had. Het aantal bewezen delicten was daarvoor volgens mr. Punt te beperkt. Ook volgde vrijspraak wegens het tijdelijk opslaan in de bedrijfshal van asbest en het vermengen daarvan met ander vuil. De rechtbank wilde deze praktijk niet aanmerken als een vorm van "zich ontdoen' van chemisch afval door dit op of in de bodem te brengen.

Volgens de rechtbank heeft Zegwaard wel degelijk leiding gegeven aan diverse verboden handelingen, hoewel zijn advocaat, mr. R. Verbunt, dat bij de behandeling van de zaak fel betwistte. Informatie over wat er gebeurde, kreeg Zegwaard van zijn personeel in de vorm van te ondertekenen brieven. Verbunt voerde aan dat zijn cliënt die brieven blindelings tekende, maar de rechtbank verwierp dit beroep op "niet-weten'. “Wat zich hier heeft voorgedaan, was niet-willen-weten”, aldus de president.

Advcaat Verbunt bleef dit vanmorgen in zijn commentaar op het vonnis bestrijden. Voor het overige toonde hij zich “redelijk tevreden” over de uitspraak. “Dit is niet helemaal wat ik wilde”, zei hij, “maar ik heb toch voor de helft mijn zin gekregen”.

Ook medewerkers van Zegwaard zijn vanmorgen gestraft. A.V., chef afdeling planning, kreeg net als de hoofdverdachte twee jaar cel, waarvan zes maanden voorwaardelijk. F.K. werd 180 uur dienstverlening (onbetaalde arbeid) als alternatief voor zes maanden onvoorwaardelijk opgelegd, terwijl L.G. drie maanden voorwaardelijk kreeg.

Over de Zegwaard-bedrijven zei de rechtbankpresident: “Men stond er onverschillig ten opzichte van het milieu en de milieuvoorschriften.” Het verweer dat directeur W. Zegwaard lange tijd in onzekerheid had verkeerd over de juridische afwikkeling van de affaire, werd verworpen. “Het was ook een zeer complexe zaak”, aldus mr. Punt.

Intussen heeft de procureur-generaal bij het gerechtshof in Den Haag, mr. J.C.M. Couzijn, in de strafzaak tegen afvaltransporteur S. Kemp uit Hazerswoude beroep in cassatie aangetekend bij de Hoge Raad. Het beroep is vooral gericht tegen de vrijspraak voor het storten van giftig afval in de Coupépolder te Alphen aan den Rijn. Kemp kreeg van het hof drie jaar, waarvan één voorwaardelijk, nadat tegen hem zes jaar was geëist.