Squashers voelen zich thuis in Beurs van Berlage

AMSTERDAM, 16 DEC. Het Dutch Open squash is na zijn 29ste editie eindelijk volwassen. Waar in voorgaande jaren plaats voor een ludiek decor als het Scheveningse Kurhaus was, staat de locatie voor de komende drie jaar - na de geslaagde editie van afgelopen week - vast: de Beurs van Berlage in Amsterdam. In het gebouw op het Amsterdamse Damrak beleefde het toernooi gistermiddag voor bijna 1300 toeschouwers een geslaagd slot. Met Chris Robertson en Susan Devoy als aansprekende winnaars.

Hoewel het gros van het publiek moeizaam zijn zitplaats kan vinden - omdat de meeste zetels in tegenstelling tot de plaatsbewijzen niet zijn genummerd zijn - wacht het publiek al lang van te voren in spanning op het begin van de wedstrijden. Een gonzende zaal gevuld met echte squashliefhebbers. Niet te vergelijken dus met de ambiance van 1989 in het Kurhaus. Toen was de Dutch Open-finale een apperitiefje voor een vijfgangendiner en een optreden van een bekend artiest. Tot afgrijzen van de finalisten ging hier meer belangstelling naar uit dan naar het squash.

De meeste toeschouwers zitten dit keer de totale duur van de vrouwen- en mannenfinale op het puntje van de stoel. Na wat geroezemoes in de beginfase - waarin de finalisten bij de vrouwen, Susan Devoy en Sue Wright, het publiek met een vingertje voor de lippen tot stilte proberen te manen - is het doodstil. Met ingehouden adem worden de soms eindeloos durende rally's op de voet gevolgd. Alleen tussen de games door, wanneer een jongen de ramen van de glazen speelkooi lapt, is er even tijd voor wat geloop en gepraat. Bij de mannenfinale hoeft het publiek niet meer met “quiet please” toegesproken te worden. De menigte leeft mee en kiest partij voor de underdog: de verrassende Finse finalist Sami Elopuro. Als zijn tegenstander Chris Robertson moppert omdat hij afgeleid werd door een toeschouwer weerklinkt een fluitconcert.

De Australiër Chris Robertson, die door de uitschakeling van de torenhoge favoriet Jansher Khan en de blessure van Chris Dittmar sinds vijftien maanden eindelijk weer eens winnaar van een toernooi wordt, zegt na afloop geen last van het publiek te hebben gehad. “Ik irriteerde me alleen op momenten dat geklapt werd als ik domme fouten maakte”, aldus de winnaar. “Maar dat heeft niets met het Nederlandse publiek te maken. Dat gebeurt ook in Engeland en Duitsland.” Vrouwenwinnares Susan Devoy durft nog wel wat kritiek te uiten. “Je kunt merken dat een groot deel van het publiek hier niet squasht, zoals bijvoorbeeld in Engeland en Nieuw Zeeland”, meent zij. “Het is lang niet altijd stil en dat komt de concentratie niet ten goede.”

De voorzitter van de Nederlandse Squash Rackets Bond (NSRB), Philip van der Ven, wenst niet meer concessies naar de spelers en speelsters te doen dan het publiek te verbieden te roken en te eten in de zaal. “De spelers zijn professioneel en moeten zich daar ook naar gedragen. Aan het lawaai moeten ze maar een beetje wennen. Het moet ook aantrekkelijk voor het publiek zijn”, aldus Van der Ven. Bij het volwassen worden van de squashsport horen volgens de NSRB-voorzitter ook Olympische aspiraties. “Elke sport wil het hoogste en dat is aanwezig zijn op de Olympische Spelen. En het is onze taak als nationale bonden dat te verwezenlijken.”

De NSRB greep de finaledag van de Dutch Open aan om een stap in de gewenste richting te zetten. De Nederlandse Crediet Maatschappij (NCM), hoofdsponsor van de bond, tekende tussen de finales in de Beurs van Berlage door een overeenkomst met het Nederlands Olympisch Comité. Het bedrijf zal de komende jaren Olympische, maar ook niet niet-Olympische, sporten financiëel ondersteunen.