Joodse kolonisten nemen recht in eigen hand tegen Palestijnen

TEL AVIV, 16 DEC. De Israelische premier Yitzhak Shamir heeft gisteren het vandalisme van joodse kolonisten in bezet gebied tegen Palestijnse eigendommen gekritiseerd. “Deze daden kunnen niet worden gerechtvaardigd”, zei hij. “Ze hebben geen enkel nuttig doel.”

Gisteren sloegen groepen gewapende kolonisten in enkele Palestijnse steden in bezet gebied, onder andere Hebron en Ramallah, de ruiten van auto's en huizen in nadat zaterdag opnieuw een Israelische auto in bezet gebied was beschoten.

Ondanks de kritiek van Shamir en ondanks de krachtige stellingname van minister van defensie Moshe Arens tegen pogingen van kolonisten om het recht in eigen handen te nemen, blokkeerde vanmorgen vroeg een groep kolonisten de hoofdweg van Ramallah naar Jeruzalem. De krant Ha'arets haalde een hoge officier aan volgens wie het bezettingsleger de controle over de kolonisten verliest.

De afgelopen maanden hebben drie kolonisten bij Palestijnse aanvallen op auto's in bezet gebied de dood gevonden. Dat heeft groepen kolonisten gemotiveerd op eigen gezag wraakacties uit te voeren. Zij zeggen het vertrouwen in de bescherming van het leger te hebben verloren.

Om aan de kritiek van de kolonisten tegemoet te komen heeft het Israelische bezettingsleger een strook van 150 meter langs beide kanten van de wegen in de bezette gebieden tot gesloten gebied verklaard. Palestijnen mogen nabij wegen gelegen grond niet bewerken. Deze maatregel is volgens militaire kringen genomen om Palestijnse schietpartijen op Israelische auto's te voorkomen. Het bezettingsleger overweegt eveneens Palestijnen te verbieden zich op de daken van huizen op te houden.

Volgens linkse parlementariërs is er sprake van de vorming van nieuwe joodse terreurgroepen in bezet gebied, die niet alleen na Palestijnse provocaties in actie komen, maar zich eveneens organiseren om een mogelijk Israelisch-Palestijns vergelijk over Palestijnse bestuursautonomie te saboteren. Jossi Sarid van de Burgerrechtenpartij spreekt van een “gevaarlijke situatie”.

In deze kringen wordt ook de recente bezetting door kolonisten van huizen in Silvan (Shiloah, ook wel de Stad van David genoemd), een Palestijns dorp binnen de stadsgrenzen van Jeruzalem, als een “anti-vredesdaad” uitgelegd. Het gaat om woningen die vóór 1948 joods bezit waren. De regering-Shamir keurde onlangs ondanks kritiek van de burgemeester van Jeruzalem, Teddy Kollek, de joodse terugkeer naar de huizen goed.