Spelverdeler Selinger: Nu hij terug is hebben we straks geen excuus meer'; Avital en de verliefdheid van vader Arie

AMSTERDAM-SEVILLA, 14 DEC. Ron Zwerver, Nederlands beste volleyballer, heeft babyfoto's van Arie Selinger, de bij Oranje terugkerende topcoach, en diens zoon Avital, de aanvoerder en spelverdeler, gezien. Hij schrok van de gelijkenis. “En de zoon van Avi is nu ook weer exact zijn opa en vader.” Ook in hun doen en laten lijken de twee Selingers volgens Zwerver als twee druppels water op elkaar. “Ze zijn”, noemt hij een belangrijke overeenkomst, “op een hele extreme wijze overtuigd van hun eigen kwaliteiten.”

“Ik hoop”, zegt Avital Selinger, “dat ik zowel van mijn vader als van mijn moeder de beste eigenschappen heb meegekregen.” Want er is natuurlijk ook nog een moeder. Zij woont in Israel. Volgens Avital kan ze zich nauwelijks voorstellen dat haar zoon in Nederland, zoals hij het zelf zegt, de headlines haalt. “Als je het in Israel over hele bekende topsporters hebt denkt men aan buitenlanders, aan Michael Jordan, aan Gullit.” Moeder zag haar zoon tijdens een paar bezoeken aan Nederland wel in actie als volleyballer. “Maar het gaat allemaal zo snel. Martinus-Starlift uit 1983 is niet meer te vergelijken met Nederland-Cuba van vandaag”, aldus de 32-jarige Selinger.

De ouders van Avital scheidden toen hun zoon zes jaar was. Arie Selinger ging een paar honderd kilometer verderop wonen. Maar hij bleef Avital zo nu en dan naar het volleyballen meenemen. “Ik ging als kind vaak laat naar bed. Dat kon niet anders. Ik ging al mee naar wedstrijden toen ik vier was.” Arie Selinger speelde ook verdienstelijk basketbal, maar volleybal was de populairste sport in de kibboets waar de familie Selinger woonde. “Mijn vader kon aardig volleyballen. Hij sprong heel hoog. Speelde in het nationale team van Israel. Totdat hij door zijn rug ging. Tegenwoordig heb je van die goochelaars die dat wel even verhelpen. Toen moest je gewoon stoppen.”

In 1969 verdween vader Arie helemaal uit beeld bij zijn zoon. Hij verhuisde naar Amerika. “We hebben ruim 22 jaar op duizenden kilometers van elkaar geleefd. Daarom vind ik het verbazingwekkend dat we zo op elkaar lijken.” Hij ziet hele duidelijke overeenkomsten, hun eerlijkheid bijvoorbeeld, zegt hij, en, uiteraard, hun gedrevenheid. Die laatste eigenschap vindt hij ook wel bij vele Nederlanders terug. “Ieder op z'n eigen manier”, stelt hij diplomatisch. “Gelukkig is niet iedereen zoals mijn vader en ik. Anders zou het nog moeilijker zijn iets te bereiken. Dan zouden we nog bezetener moeten zijn.”

De lang uitgebleven hereniging tussen de Selingers vond in Nederland plaats. Avital meldde zich in 1982 als Israelisch international bij Brother Martinus aan en Arie werd twee jaar later trainer-coach van die club. Vier jaar lang werkten vader en zoon samen in één zaal, voor één doel, een medaille in Barcelona '92. Medio '89 accepteerde de oude Selinger echter een miljoenenaanbod uit Japan. Het contact met zijn zoon werd nu echter niet verbroken. Hij droeg bij zijn vertrek Avital op een fax aan te schaffen. Dan konden ze op die moderne manier met elkaar communiceren. Er worden sindsdien vrijwel dagelijks berichten doorgeseind. Avital noemt het gewoon praten. Zijn vader wil alles weten. Soms wordt de coach ongeduldig als hij niet op het verwachte tijdstip de fax hoort ratelen.

Heeft Avital veel invloed op zijn vaders beslissing gehad om terug te keren bij de nationale ploeg? “Dat moet je hem vragen”, antwoordt de zoon in eerste instantie. “Ik denk”, voegt hij er dan aan toe, “dat mijn mening minder belangrijk is dan die van anderen. Ik wil als zijn zoon natuurlijk altijd dat hij weer bij me in de buurt komt wonen.” Heel bewust werd het eerste contact met de 54-jarige Amerikaan dan ook door Ron Zwerver gelegd. Maar Avital Selinger zegt er als dé zoon niet meer of minder moeite mee te hebben Arie de beste coach ter wereld te noemen. “Hij is gewoon de beste.”

Over het trainen en coachen van Arie vertelt de zoon: “Hij heeft het van niemand geleerd. Volgens mij heeft hij nooit een cursus gevolgd. En hij heeft geen leermeester of zo. Het moet er bij hem al vanaf het begin hebben ingezeten. Dat kan niet anders.” Avital denkt dat zijn vader “in elk onderdeel van het leven” een goede coach zou zijn. Ron Zwerver, een groot fan van beide Selingers, is er zelfs van overtuigd dat ook Avital het nationale team nu al met succes zou kunnen trainen en coachen. Zo vader zo zoon. “Maar daarmee moet je bij hem niet aankomen. Avital wil als speler naar de Olympische Spelen”, aldus Zwerver. De lange Amsterdammer denkt dat Avital het de afgelopen twee jaar soms moeilijk heeft gehad met de taktiek en handelwijze van Brokking. “Maar hij liet dat nooit blijken. Hij was later op de kamer soms wel een beetje stil.” Avital Selinger: “Ik heb van mijn vader geleerd ook van anderen wat aan te nemen.”

De jongste Selinger zegt zijn vaders arbeid zo objectief mogelijk te bekijken. “En ook dan blijkt dat heel veel dingen die Arie zegt, denkt en gelooft heel zinvol zijn.” Verschillen in mening en inzicht hebben ze best weleens, aldus Avital. “Maar dan gaat het om details.” Het is, maakt hij duidelijk, verkeerd om zijn verhouding met Arie als poeslief' te omschrijven. “Anders zou ik wel altijd in de basisploeg hebben gestaan.” Avital was onder het bewind van zijn vader bijna twee jaar lang wisselspeler. De jongere en veel langere Blangé genoot toen de voorkeur op de positie van spelverdeler.

Volgens Avital Selinger is Arie altijd “verliefd” op het nationale team gebleven. “Hij was de afgelopen twee jaar altijd heel dichtbij.” De Oranje-captain zegt ook steeds “een soort schuldgevoel” bij de oude meester te hebben bespeurd nadat Nederland een belangrijk duel had verloren. “Dan antwoordde ik dat hij dan ook hier had moeten blijven.” Dat was, uiteraard, cynisch bedoeld, vertelt hij later.

Hij heeft zijn vader diens plotselinge vertrek naar Japan nooit kwalijk genomen. Zoiets gebeurt gewoon. “Ik wil een zin gebruiken die je weleens in westernfilms hoort: a man got to do what he got to do.” Later, zegt de spelverdeler, kan je beoordelen of een bepaalde episode in je leven belangrijk of onbelangrijk is geweest. Over slecht wil hij in dit geval niet praten. “Alles wat een mens doet is in principe goed. Want hij of zij wil het zelf. Dat dan sommige dingen alleen goed zijn voor jezelf en niet voor anderen is een ander verhaal.”

Avital Selinger noemt in dat verband dan ongevraagd de naam van Harrie Brokking. Hij vindt dat de bondscoach het belang van het team schaadt door zijn vaders benoeming tot assistent-bondscoach aan te vechten. Hij zegt dat Brokking zich er niet voor hoeft te schamen om Arie Selinger onder, naast of boven zich te dulden. “Harrie is een goede coach. Derde op het EK, vierde bij de World League, dat zijn geen slechte resultaten.” Maar Arie is nóg beter, bedoelt Avital te zeggen. “Je moet niet de beste willen zijn door anderen te weren. Wij zouden als ploeg ook nummer één zijn als we niet tegen Italië, Cuba en Sovjet-Unie spelen. Maar zo werkt het niet. Ik wil van alle ploegen winnen en dan ook nog in hun sterkste opstelling. Je bent pas de beste als je echt de beste bent. Dat is de enige waarheid.” Hij zegt het nog steeds een “logische beslissing” te vinden als Brokking met Arie Selinger zou gaan samenwerken. “Had ik dan ook moeten vertrekken nadat ik destijds uit het basisteam was gevallen?”

“We gaan straks weer plezier maken”, weet Avital Selinger als hij over de terugkeer van zijn vader praat. “Dat is het belangrijkste in het leven. Je moet ook geen dingen tegen je zin in doen.” Hij hield een rentree van zijn vader lange tijd niet voor mogelijk. “Ik dacht: wij zijn hier bezig. Hij daar. En we hebben allen onze zorgen.” Avital zegt na de verloren EK-halve finale tegen Sovjet-Unie het besef te hebben gekregen dat Arie móest terugkomen. Zijn vader had, ver weg, dezelfde gedachte. “Nu hij terug is hebben we straks geen excuses meer”, zegt de zoon ergens midden in het gesprek.

Kan het Nederlandse volleybal eigenlijk wel zonder Arie Selinger? “We hebben het toch tweeëneenhalf jaar zonder hem gedaan”, reageert zoon Avital. “En dat verliep niet slecht.” Maar Arie is toch weer teruggehaald. “We zijn een eigenwijze groep. We willen nóg meer. Nederlanders zijn een raar volk. Het zijn maar veertien miljoen mensen, maar toch willen ze in alles het beste van de wereld zijn. Vind ik leuk. En als de beste coach ter wereld beschikbaar is waarom zouden we daar dan geen gebruik van maken? Dat moet je altijd doen. Natuurlijk is Arie vervangbaar. Iedereen is dat. Er zijn vele ploegen in vele takken van sport ook zonder Arie Selinger wereldkampioen geworden.”