Min één

Mensen die de krant lezen zullen het met mij eens zijn: er is altijd wel wat. Mensen die kalenders bijhouden met naamdagen (gelden die nog?), sterfdagen en geboortedagen weten het ook - er gaat geen dag voorbij of het is wel de dag van iets of van iemand.

Ik ben er altijd op tegen geweest, op die dagheiliging. Onzin vind ik het als er precies op iemands sterfdag een sonatemarathon wordt gespeeld op een vleugel op een dekschuit in de Keizersgracht. Lelijk, maar wel allemaal, ook de onbekende wordt er dan trots bij gezegd, waarbij men dan voorbij gaat aan de vraag waarom ze onbekend gebleven waren. Zo zijn er dagen waarop mensen hun hond geen schop maar leverworst geven, hun vrouw ineens helpen bij de afwas, hun moeder plotseling opbellen, een kinderpostzegel kopen, een protestmars houden tegen Buthelezi, een ring op de hand van een heiligenbeeldje kussen dat precies 846 treden op wordt gezeuld door pelgrims op blote knieën of besluiten dit jaar echt minder te roken.

Dat vind ik allemaal niks.

Vandaag, als ik dit schrijf, is het Mensenrechtendag. De precieze datum zal u een zorg zijn. Laten we het er maar op houden dat het ongeveer samenvalt met de aanzet tot de eenwording van Europa en het definitieve einde van de Sovjet-Unie. En de dag dat Amnesty International Cambodja binnenmarcheert om nu eindelijk eens te kijken wie er nog in de gevangenissen zucht vanwege een politieke voorkeur of taal of het wonen in een verkeerd dorpje. En de waarheid over het bloedbad op Oost-Timor: geen opzet, slechts ondisciplinair gedrag van enkele militairen.

Mensenrechtenorganisaties kunnen dit lijstje net zo lang maken als ze willen - en ze willen ook wel, maar ze moeten matigheid betrachten in hun berichtgeving, want anders gaat u weer denken wat u altijd al denkt, nl. dat er geen beginnen aan is.

Toch is Nederland ook daarin een uitzondering.

Hoewel de Nederlandse industrieën en de automobilisten het milieu blijven vergiftigen, zijn wij, Nederlanders, de beste glasbakkengooiers ter wereld. Ik reed zondag door een wijk waar papierbakken geplaatst waren voor oud papier. Ze waren allemaal tot de nok gevuld. De gemiddelde Nederlandse burger is bereid tot enig ongerief als het om het milieu gaat. De gemiddelde Nederlandse burger is ook bereid tot het actief en passief meewerken aan hulpacties - en de Nederlandse afdeling van Amnesty International is naar verhouding de grootste ter wereld. Ook is in Nederland de eerste Amnesty Beroepsgroep Militairen opgericht, waaruit zich na enige tijd een Beroepsgroep Politie afsplitste, een bloeiende en actieve groep, niet het minst omdat van meet af aan een aantal vooraanstaande commissarissen en andere sleutelfiguren in die groep zitting namen zodat meteen de indruk werd weggenomen als zou het lidmaatschap van zulk een groep remmend op je carrière werken. Integendeel. In beide beroepsgroepen worden de vervolgers aangeschreven, door collega's, een nieuwe, wellicht effectieve methode.

Maar ik hoor u al denken, net als bij hulpacties en andere wereldomvattende activiteiten: een druppel op een gloeiende plaat. Er is te veel ellende en het helpt nauwelijks.

Laten we even aannemen dat u gelijk heeft. U bent wel bereid te denken aan de zeehondjes in Pieterburen en aan het glas in de bak om de hoek omdat dat overzichtelijk is, maar de rest onttrekt zich aan uw waarneming. Ontwikkelingshulp? Er blijft toch zoveel aan de strijkstok hangen'. Dat genre. Die praat.

Probeer dan eens andersom te denken. Denk eens aan de achttien gijzelaars die de laatste tijd zijn vrijgekomen. Dat is gebeurd dank zij niet aflatende ijver van hun vrouw, hun zuster, of een organisatie uit hun dorp, hun stadje, hun land. Stromen brieven, petities, vragen, telegrammen, ga maar door. U kunt nu lezen wat volledig onschuldige mensen met een verkeerd paspoort, een verkeerd artikel in de auto (Sutherland, 60 jaar, landbouwingenieur) of een verkeerde dag (Kilburn, 62, bibliothecaris, doodgemaakt op de dag van de Amerikaanse luchtaanval op Libië) overkomen is. Mensen zoals wij, die niet meer mochten spreken, slechts een of twee keer per dag naar de wc mochten (volgens Anderson, een journalist, misschien nog de ergste kwelling), of weken achtereen in een kast ter grootte van een lijkkist moesten verblijven.

We lezen dat de gijzelaars vrijwel constant geblinddoekt waren en altijd met een ketting vastzaten aan de muur. Als ze geluk hadden zaten ze op een dun matrasje of op een deken, maar Joseph Cicippio werd een gehele winter (en in Beiroet kan het goed vriezen) op een afgesloten balkon aan de ketting gelegd waardoor hij bevriezingen opliep. Die ketting van een meter droeg hij gedurende vijf jaar.

De gegijzelde Steen (52) heeft blijvend hersenletsel. Dat kreeg hij na schoppen tegen het hoofd. Frank Reed, hoofd basisopleidingen aan het International College van Beiroet, onderging elektrische schokken d.m.v. om zijn vingers gedraaid ijzerdraad en werd voortdurend geslagen waardoor zijn neus, ribben en voetbeentjes braken. Terwijl men hem met geweerkolven op de nieren sloeg kon hij alleen maar in opgekrulde houding blijven liggen, terwijl hij zijn gebroken ribben vasthield opdat ze niet naar buiten zouden steken. Tot nu toe durfde hij dit niet te vertellen, uit angst dat zijn nog gegijzelde collega's gestraft zouden worden.

Ik bezocht indertijd de PLO, de AMAL en andere facties in West-Beiroet, Tyre en de bergdorpjes noord van Nabatyed, en ik kan me er enigszins in verplaatsen als Jesse Turner (49), leraar aan Beiroet University College, zegt dat er niets angstaanjagender, niets vernederender is, dan wanneer opgeschoten jongens je onderwerpen aan schijnexecuties, of op je inslaan terwijl ze roepen dat je niet deugt.

Ineens wordt het weer onder onze neus gewreven wat onschuldige gevangenen doormaken, dag in, dag uit, jaar in, jaar uit. Deze achttien gevangenen wisten dat hun regering, hun familie en vrienden niet aflieten aan hun vrijlating te werken.

Amnesty International werkt voor onbekenden. Haar wapen is informatie, gedegen, drie maal gecheckte, betrouwbare, onomstotelijk vaststaande feiten. En brieven. Duizenden brieven.

Er zijn Amnesty-groepen over de gehele wereld die voor hun eigen' gevangenen schrijven, die in een vreemd land weggestopt zitten zonder enige vorm van rechtsgang. Jarenlang schrijven die groepen brieven en kaarten naar instanties, gevangenisdirecteuren en de gevangenen zelf. Als het een Urgent Action is, waar meer landen aan meedoen, arriveren er letterlijk duizenden brieven op één dag bij de gevangenis. Postzak na postzak.

Dat heeft invloed.

Ook al ziet de gevangene geen enkele brief of kaart, toch begint het de bewakers of de directeur te verbazen dat er uit misschien wel dertig landen aandacht wordt besteed aan een volstrekt onbekende gevangene. De kans is groot dat de folteringen minder worden, dat de levensomstandigheden verbeteren en steeds weer bereiken Amnesty brieven van ex-gevangenen die vertellen van die ene kaart, die ene brief, die aan ze doorgesmokkeld werd, dat teken van leven, dat blijkt dat er in Nijmegen twaalf mensen elke week of elke maand bij elkaar komen om te ijveren voor zijn persoonlijke vrijlating. Dat die schrijfgroep, die adoptiegroep, soms een dossier van meer dan een meter hoog heeft over een vastgenomen vakbondsleider in Ghana of een leraar in Peru, een journaliste in Cambodja. Die ene brief, die ene kaart geeft ze de moed door te leven, misschien meer eten, minder angst.

U moet niet aan het grote aantal denken. Begin maar eens aan die ene man of die vrouw te denken. Vraag eens inlichtingen bij Amnesty International, 020-6264436.