Kok wil alle WIR-claims onderzoeken

DEN BOSCH, 14 DEC. Alle WIR-claims die eind februari 1988 zijn ingediend, zullen worden onderzocht op mogelijke fraude. Dit heeft minister Kok (financiën) gisteravond gezegd op een bijeenkomst van de PvdA in Den Bosch. “Alle aanvragen moeten tot op het bot worden uitgezocht”, aldus minister Kok.

In het beruchte WIR-weekeinde van eind februari 1988 hebben ondernemers voor in totaal 7 miljard gulden geïnvesteerd. Een bedrag van circa 2,2 miljard gulden aan investeringen is onjuist aangemeld en het bedrijfsleven claimde ten onrechte een bedrag van bijna 270 miljoen gulden. Dinsdag stuurde staatssecretaris Van Amelsvoort (financiën) een onderzoek naar de Tweede Kamer, waaruit blijkt dat de Belastingdienst tegen zestig grote bedrijven juridische stappen zal ondernemen, omdat ze met de WIR-subsidie hebben gefraudeerd.

Volgens Kok is het houden van een steekproef niet voldoende om oneigenlijke aanvragen op te sporen. “Elke cent moet terugkomen. Er zullen boetes worden uitgedeeld, en er zal eventueel strafrechtelijke vervolging worden ingesteld. We kunnen niet de burgers steeds wijzen op hun plichten als de belastingmoraal bij de bedrijven beneden nul is”, aldus minister Kok.

De fiscus wil de bedragen terugvorderen en ingewijden bij de belastingdienst sluiten niet uit dat dit bedrag kan oplopen tot een half miljard gulden.

Staatssecretaris Van Amelsvoort (CDA) heeft het onderzoek vertrouwelijk naar de fraudecommissie van de Tweede Kamer gestuurd. Deze commissie heeft de staatssecretaris van financiën om een toelichting gevraagd. “Het rapport smaakt naar meer”, zo meent de fiscaal woordvoeder van de PvdA, W. Vermeend.

Pag 17:

Leugentje met gevolgen heeft nog een staartje

De Wet Investeringsrekening werd in het weekeind van 27-28 februari 1988 afgeschaft. Op de wekelijkse persconferentie van 26 februari verklaarde minister-president Lubbers nog dat het kabinet voorlopig geen beslissing zou nemen over de eventuele afschaffing. Op dat moment werd net een speciale editie van de Staatscourant gedrukt, waarin de afschaffing van de WIR met ingang van maandag 29 februari bekend werd gemaakt: “in plaats van 12,5 percent: 0 percent”.

Met dit leugentje wilde Lubbers voorkomen dat ondernemers op het laatste nippertje nog gingen investeren; iets wat de overheid miljoenen guldens aan extra WIR-premie zou kosten. Het "leugentje' werkte selectief uit, want de voorgenomen afschaffing was al eerder uitgelekt.

Tien maanden na de afschaffing van de WIR (in december 1988) bleek het nog mogelijk om investeringen te doen met “een gegarandeerde WIR-aftrek”. Mercedes-Benz bood bijvoorbeeld na de afschaffing van de WIR vrachtwagens aan “met WIR-rekening”.

Vlak voordat de WIR werd afgeschaft, verkocht IBM Nederland computers aan het dochterbedrijf IBM Nederland Financieringen; een lease-onderneming. Dit bedrijf kon aanspraak maken op de WIR, want voor een leasebedrijf zijn computers bedrijfsmiddelen. Klanten die later de computers kwamen leasen kregen een korting van maximaal 12,5 procent (de WIR-premie).

Eind 1988 stelden de Kamerleden Willem Vermeend en Henk Vos (beiden PvdA) hierover vragen aan staatssecretaris Koning van financiën. Op 23 januari 1989 liet Koning (CDA) de Kamer weten dat hij machteloos stond.

Uit het onderzoek dat zijn opvolger deze week naar de Kamer heeft gestuurd blijkt dat een week later - 31 januari - er op het ministerie van financiën een speciale vergadering is belegd met de belastinginspecteurs. Er wordt besloten tot een landelijk controle-actie, die regionaal wordt uitgevoerd. In overleg met de Fiscale Inlichting- en Opsporingsdienst (FIOD) en het ministerie van Justitie worden 8000 naamloze en besloten vennootschappen geselecteerd. Bij 5500 zijn de boeken gecontroleerd waarbij is nagegaan of gefraudeerd is met de aankoopdata van investeringen.