Florida in zeven weken (5); Alligatorworstelen

Kleine Mug (35) heeft maar anderhalve duim. Anders gezegd: Hoska Tonosha is alligatorworstelaar. Tijdens een van de talloze gevechten die hij de laatste 22 jaar met alligators voerde, maakte hij een misrekening. De vijand greep zijn linker duim, maakte een paar snelle slagen om zijn as en spuugde het losgedraaide lichaamsdeel vervolgens in het zand van de kleine arena waar Tonosha een worstelshow gaf. Tevergeefs werd in een hospitaal nog geprobeerd om duim en worstelaar weer aan elkaar te naaien.

Kleine Mug is een Seminole: een Indiaan uit Florida. Nu zijn er nog maar acht alligator wrestlers onder de tweeduizend Seminoles, maar een paar generaties geleden was dat anders. Vuurwapens waren bij de alligatorjacht vrij nutteloos, zegt Kleine Mug. “Je hebt echt een zwaar geweer nodig om door de bepantsering heen te komen. En schiet je een alligator dood in het water, dan zakt hij naar de bodem. Maar het grootste probleem is dat in de hitte het vlees snel bederft, dus moesten ze levend mee naar huis.”

De eerste blanken in Florida ontkwamen evenmin aan het alligatorworstelen. In tijden van droogte hebben alligators de gewoonte gaten tot onder de grondwaterspiegel te graven om nat te blijven. Die poelen waren ook nuttig als drinkplaatsen voor het vee van de kolonisten, behalve dan dat er meestal een of meer alligators in zaten. Een duik in de modder was vaak de beste oplossing.

Een van de laatste blanken die het alligatorworstelen in het wild leerden, is Tom McLellan (38). Voordat hij naar Florida verhuisde, woonde hij in Louisiana waar zijn vader en zijn oom als stropers de wet ontdoken. “Zij vingen ze en ik moest ze vastbinden”, herinnert McLellan zich. “Thuis werden ze gevild en aten we ze op. Schieten had voor ons nog het bijkomende bezwaar dat we dan te horen waren. Op een dag was ik met mijn vader aan het vissen toen hij ineens zei: Son, you're gonna jump on that alligator. Dat was mijn eerste, bijna anderhalve meter. Acht jaar was ik toen.”

Nu werkt McLellan bij Holiday Park in de Everglades, waar hij met alligators in de ring treedt om toeristen te amuseren. Het betaalt maar matig en zijn littekens telt hij in tientallen, al heeft hij zijn lichaam voorlopig nog compleet. “Mijn hele linkerhand heeft tussen de kaken van een alligator gezeten, en een andere keer een deel van mijn rechter. Hier... hier... hier ... overal hebben ze me gebeten. Op mijn dij heb ik een litteken van twintig centimeter.” Toch is gevaar niet de reden dat hij is gestopt zijn hoofd tussen de kaken van alligators te steken terwijl hij de bek met zijn handen geopend hield. “Mijn ervaring is dat het verkeerd wordt uitgelegd door het publiek. Ze denken in de eerste plaats dat ik gek ben, en ten tweede dat de alligator niet echt gevaarlijk is. Met dergelijke trucs kleineer je het dier, terwijl mensen dan de hele rest van de show vergeten.”

Rick Reda (27) doet het nog wel een enkele keer. Hij werkt bij de alligatorworstelshow in een dierentuin in Ft Lauderdale waar ook Kleine Mug een dollar of driehonderd per week toucheert. Hij wil graag tekst en uitleg geven, maar moet eerst aan het werk want de toeristen staan al klaar. In een omheinde zandbak ligt een dozijn alligators zich af te vragen wie vandaag de klos zal zijn terwijl Reda zich blootsvoets in hun midden begeeft. Met een stok deelt hij wat tikken uit totdat een exemplaar van ruim twee meter voldoende los is van de rest en bij de staart gegrepen kan worden.

Kronkelend laat hij zich wegslepen tot zijn tegenstander hem in de juiste positie heeft voor de sprong: kwestie van in één keer achter de voorpoten terechtkomen, knieën krachtig in de flanken drukken en handen ferm op de nek persen. Staart en open bek zwiepen zijwaarts zonder doel te treffen, want Reda kent zijn vak. Hij wacht tot de alligator de punttanden op elkaar heeft en tot rust komt alvorens zijn handen in een flits rond de kaken te klemmen. Applaus van de omstanders. “Zorg dat je goed je best doet op school”, waarschuwt Reda de jeugd, “want anders moet je later ook zoiets gaan doen.”

Er volgt een educatief gedeelte dat vooral gericht lijkt op de kinderen die op school de mist in gaan. Midden op de schedel zit een zwak punt dat de alligatorworstelaar als noodrem kan gebruiken. “Ik kan daar dwars doorheen drukken als ik wil. Zelfs bij de allergrootste alligators is het daar zo dun als papier. Als je gegrepen wordt is een andere mogelijkheid om je vingers in zijn oren te stoppen en hard tegen de trommelvliezen te drukken. Dat doet zoveel pijn dat hij onmiddellijk los laat - of juist harder gaat bijten, dat kan ook. Heb je zijn bek nog vast, trek dan de kop met een ruk naar achteren: dan is hij op slag dood. En als hij gaat rollen moet je altijd meerollen. Helemaal nooit loslaten, dat is levensgevaarlijk.”

Voorzichtig manoeuvreert Reda zijn vingertoppen tussen de tanden van zijn slachtoffer tot hij voldoende kracht kan zetten om de kaken als een koektrommel te sperren en te sluiten. Tot slot beweegt hij het hoofd van het reptiel behoedzaam naar achteren, en zijn eigen hoofd naar beneden, tot de onderzijden van beide kinnen tegen elkaar drukken en de overduidelijke winnaar zijn armen ongehinderd zijwaarts kan strekken: een truc met een historische oorsprong, want dank zij de kingreep kan een alligatorjager ongeassisteerd de bek van zijn prooi dichtbinden. Daarbij helpt dat de spieren waarmee een alligator zijn kaken opent, bijzonder zwak zijn.

Na afloop van de show verduidelijkt Reda dat schoolresultaten bij zijn beroepskeuze geen rol speelden. “Ik heb kantoorbanen gehad waarmee ik drie keer zoveel verdiende. Maar ik was niet gelukkig. Riskant werk trekt me meer.” Toch was de specifieke reden om alligatorworstelaar te worden een andere: zijn grootste wens was om thuis een panter te houden, en dat is onder Amerikaanse reglementen alleen toegestaan aan dierentuinpersoneel met minimaal drie dienstjaren. En de dierentuin wilde hem alleen hebben als hij worstelshows deed. Zodoende. De inmiddels verworven panter mag 's nachts op zijn bed slapen. Foto's leveren het bewijs.

Reda werd in zes jaar vijf dagen per week worstelen maar 22 keer gebeten, maar hij weet van een ex-collega, thans werkzaam op een viskwekerij, bij wie het in één jaar 39 keer raak was. “Als ik nu iemand opleid, bind ik eerst de bek van de alligator dicht. Bij mij was dat anders: de eerste keer al had ik twee vingers klem. Drie weken later waren de wonden genezen en kon ik verder oefenen.”

Van die 22 beten waren er overigens wel twee grand slam: de alligatorkaken klapten dicht terwijl Reda met zijn hoofd binnenboord zat. “Dat is vrij ongevaarlijk als er maar niets is wat de binnenkant van de bek raakt, want dan slaat hij dicht. Je moet nooit je hoofd in de bek van een alligator steken als je lang haar hebt. Een keer, bij de opnamen voor een Zweedse reclamespot, begon het te regenen. Een grote druppel spatte op mijn hand uiteen, tegen het verhemelte van de alligator. Ik heb die videoband thuis nog liggen. Gelukkig liet hij direct weer los. Wel veel bloed en een gebroken vinger. Een andere keer, tijdens een show, was het een vlieg. Toen ik terugtrok lag mijn hoofdhuid er half af. Al mijn haar hing voor mijn ogen. Inclusief plastische chirurgie heeft dat tachtigduizend dollar gekost.”

Reda heeft inmiddels zo veel ervaring dat hij misschien wordt toegelaten tot de aanstaande alligatorworstelcompetitie van de Seminoles - voor een blanke een zeldzame en grote eer. Kleine Mug wordt erbij gehaald om het fijne van de puntentelling te vertellen. Nee, natuurlijk wordt daar niet geworsteld met ervaren alligators zoals hier: “Je moet er zelf een vangen, en die neem je mee. Hoe wilder hij is, hoe meer punten je kan krijgen. Dus geen hele grote, want alligators van twee tot drie meter zijn het felst. Je hebt drie minuten om hem onder controle te krijgen. De meeste deelnemers vangen hem van voren, dus in een keer de bek pakken. Dat is het gevaarlijkst en dus krijg je meer punten. Daarna heb je twee minuten voor je truc. Verplichte nummers zijn er niet: het gaat erom wie de meeste risico's neemt. Je scoort bij voorbeeld door te rollen met de alligator. Maar je bent gediskwalificeerd als er bloed vloeit - van jou of van de alligator.”

Een van de weinige alligatorworstelaars die nog nooit werden gebeten, is Flavio Morissey van Gatorland bij Orlando. De reden: hij doet het nog maar net. En hij heeft vermoedelijk heel veel geluk gehad. Met een paar anderen liet hij zich onlangs inhuren om een nieuwe worstelshow op te zetten. Les kregen ze van niemand. Zijn collega's konden elk al een paar keer naar een EHBO-post. “Niet echt ernstig gelukkig”, aldus Morissey. “Maar als een van ons zwaar gewond raakte, zou ik er nog eens goed over nadenken. Voorlopig vind ik het gewoon erg interessant.”