Een Japanse goudvis op wereldreis

Voorstelling: De roos van Cerzeto door Herwig de Weerdt i.s.m. Theaterwerkplaats Bis, vanaf 8 jr. Regie: Didier de Neck. Spel: Herwig de Weerdt. Gezien: Den Bosch Theater Bis 7-12. Toernee t-m 3-03-92. Kimono door Yvonne Groeneveld, vanaf 8 jr. Regie: Daphne de Bruin. Gezien: 11-12 Werftheater, Utrecht. Daarna toernee.

Herwig de Weerdt, ooit initiator van het Vlaamse gezelschap Oud Huis Stekelbees, maakt de laatste jaren vooral verteltheater. Zijn gedramatiseerde vertellingen zijn, net als de voorstellingen van Oud Huis Stekelbees, voor kinderen en volwassenen.

In De roos van Cerzeto werken drie automonteurs in een Belgische garage aan een film, gebaseerd op het leven van hun Italiaanse grootouders. Hoofdpersoon van hun film is de kleine Giovanni die zijn oom bezoekt op het Zuid-Italiaanse platteland. Hij sluit daar vriendschap met een zonderlinge kolonel, die bijen houdt in een ommuurde tuin. Voorgelicht door de bijen zet Giovanni zijn eerste schreden op het liefdespad.

Een camera ontbreekt, want daarvoor hebben de mannen geen geld. Slechts met woorden en muziek en met behulp van attributen die de suggestie van een beeld aanreiken, slagen de mannen erin de gebeurtenissen levendig achter het netvlies van de toeschouwer op te roepen.

Een muzikant dramatiseert het verhaal met vrolijke walsen en langzame, hartstochtelijke tango's op hobo en muziekcomputer. De technicus monteert met lijmklemmen het zolderraam' van Giovanni's kamer op een keukentrapje. Bij het geluid van kerkklokken laat de verteller (Herwig de Weerdt) Giovanni achter dit raam zijn eerste blues-song componeren. En als Giovanni door de regen loopt, zet De Weerdt een watersproeier aan en bootst de muzikant het geluid van de regen na met een simpel plastic zakje. Giovanni's gestalte in de fijne nevel, beschenen door oranje licht, roept associaties op met de film noir.

Ik kan me voorstellen dat kinderen het verhaal niet in alle details kunnen volgen. Maar de voorstelling is een geslaagd voorbeeld van hoe theatermakers met weinig middelen iets moois tot stand kunnen brengen.

Dat geldt in mindere mate voor de solo-voorstelling Kimono van Yvonne Groeneveld. Zij is een Japanse geisha, die aan het publiek het levensverhaal van haar goudvis vertelt. Het dier ontsnapte ooit om een wereldreis te maken. Toch is het onderwerp niet de vis in zijn kom op het podium, maar de geisha zelf. Het verhaal biedt haar de mogelijkheid om zich uit te leven en in haar fantasie een saai bestaan te ontstijgen.

Aanvankelijk neemt de actrice zwijgend de poses van een geisha aan, gekleed in een vlammend oranje kimono en begeleid door Japanse muziek. Later lardeert zij haar gracieuze bewegingen met de pruilerige verlegenheid van een jong meisje en met uitbarstingen van venijn. De natuurlijke en expressieve wijze waarop de actrice van stemming wisselt en de beweeglijke mimiek van haar gezicht zijn boeiend. Het verhaal zelf wordt echter met te veel woorden verteld en dat belemmert de vaart en het ritme van het spel. De originele fysieke grappen zouden meer tot hun recht komen in een kernachtiger en beeldrijker verhaal.