Deel optiehandel woedend over komst beeldscherm; Onafhankelijke bedrijven overwegen zelfs acties

AMSTERDAM, 14 DEC. Bij de kleinere optiebedrijven op de Amsterdamse EOE-optiebeurs (European Options Exchange) is met verbijstering en woede gereageerd op het directievoorstel de centrale beursvloer in te ruilen voor handel via het beeldscherm. Honderden banen staan daardoor op de tocht. De onafhankelijke optiebedrijven beraden zich op juridische stappen tegen de EOE en sluiten zelfs een staking niet uit.

Maar de eenmansbedrijven lijken de strijd al bij voorbaat verloren te hebben. Ze hebben sedert de beurskrach van 1987 veel macht verloren. De toenmalige grote koersschommelingen lokten de institutionele beleggers (pensioenfondsen, verzekeraars) naar de optiebeurs, voorheen vooral het domein van particulieren. In hun kielzog verschenen ABN en Amro. Na de overname van Optiver beschikte ABN Amro over een grote market maker (handelaar voor eigen rekening die verplicht is in bepaalde opties een markt te onderhouden).

Ook hoekmansbedrijven als Van der Moolen vonden hun weg naar de optiebeurs. Een weinig bemoedigende ontwikkeling voor de kleinere bedrijven is dat Van der Moolen, nu een van de grootste market makers, bij het betrekken van een nieuw pand, enkele jaren geleden, rekening heeft gehouden met extra ruimte om beeldschermen te plaatsen. Van der Moolen is nu al actief op de Deutsche Terminbörse (DTB), waarvan het centrale computersysteem zich in Frankfurt bevindt. Van der Moolen bestiert daartoe een kantoor in Düsseldorf.

Handelaren kunnen vanuit iedere plaats in Duitsland orders in het systeem inbrengen. Als de bied- en laatkoers op elkaar aansluiten wordt de order automatisch uitgevoerd. In Nederland moet een handelaar eerst contact opnemen met zijn agent op de vloer van optiebeurs, de floorbroker, die vervolgens een tegenpartij - meestal een market marker - moet gaan zoeken. Dit systeem is trager en kost meer mensen dan handel per beeldscherm.

In zijn streven naar kostenbesparing gaat de EOE-directie heel ver, zo vindt S. van Berkel, directeur van een van de grootste zelfstandige optiebedrijven. “Beschamend”, vindt Van Berkel - in de jaren zeventig één van eerste pioniers op de optiebeurs - het “zogenaamde gebaar” van de optiebeurs het gebouw aan het Rokin beschikbaar te stellen voor de kleine onafhankelijke optiehuizen. De EOE heeft al aangekondigd de eerste monitoren geschikt voor schermhandel zelf te financieren. “Die handige Westerterp weet het leuk te brengen, maar het is natuurlijk goedkoper als al die kleinere bedrijfjes op één hoop zitten. Dat is de ware reden voor dat zogenaamd "grootse gebaar' van de optiebeurs.”

De Amsterdamse optiebeurs bestaat nu ruim dertien jaar en is daarmee de oudste optiebeurs van Europa. Lange tijd was de Nederlandse beurs leidinggevend in de optiehandel, maar de concurrentie van andere financiële centra is de laatste tijd fors toegenomen. In Duitsland en Zwitserland werd geen vereniging met ingewikkelde inspraakstructuren tot stand gebracht, maar namen de banken het heft zelf in handen. Westerterp kondigde donderdag aan dat de volledig geautomatiseerde DTB de EOE-optiebeurs dit jaar qua omzet zal voorbijstreven als grootste optiebeurs in Europa.

Volgende week woensdag zal het plan voor beeldschermhandel in het bestuur van de optiebeurs, waarin banken, commissionairs en onafhankelijke optiehuizen zijn vertegenwoordigd, ter sprake komen. De tegenstanders in het bestuur willen dan een stemming afdwingen, zodat weifelende partijen gedwongen worden positie in te nemen. “De stemming in het bestuur zal doorslaggevend zijn. De stemverhoudingen in de ledenvergadering zijn namelijk hetzelfde”, aldus Van Berkel. Hij heeft daarbij zijn hoop gevestigd op de houding van ABN Amro, net als op de effectenbeurs de belangrijkste partij op de optiebeurs. Van Berkel zegt van vertegenwoordigers van ABN Amro op de optiebeurs vernomen te hebben dat de grootbank helemaal niet zo'n voorstander van schermenhandel is als wordt beweerd. ABN Amro zou twijfelen of na invoering van beeldschermhandel “alle klanten nog wel bediend kunnen worden”.

Het grote voordeel van het huidige open outcry systeem is immers dat vrijwel altijd noteringen tot stand komen, terwijl bij schermenhandel kleine orders vaak niet kunnen worden uitgevoerd. Als gevolg van de centrale beursvloer zouden handelaren de stemming beter aanvoelen en is ook de concurrentie minder hard.

Van Berkel: “Invoering van beeldschermhandel zal de ondergang betekenen voor de Amsterdamse markt, want handelen wordt wegens de geringe liquiditeit bijna onmogelijk. De omzet zal in ieder geval dalen.”

De liquiditeit van Amsterdam is nu zo gering dat optiehuizen de klanten bij elkaar moeten sprokkelen. “Bij een systeem van schermenhandel zou die mogelijkheid verdwijnen”, zegt Van Berkel. Hij voorspelt dat een deel van de handel hierdoor naar Londen zal verdwijnen.

Toch zal de hoop van Van Berkel waarschijnlijk ijdel blijken te zijn. Het initiatief voor het onderzoek naar beeldschermhandel werd twee maanden geleden genomen door directeur J. Dreesens van AOT, een van de belangrijkste market markers op de optiebeurs. ABN Amro oefent via dochter Pierson, Heldring en Pierson de controle uit over AOT.

Van Berkel omschrijft het voorstel als een “privé-actie” van Westerterp. De directeur zou hiermee zijn kansen op het voorzitterschap van de organisatie van Europese optiebeurzen willen vergroten. De samenwerking van de EOE-optiebeurs met andere, internationale beurzen kan aanzienlijk worden vergemakkelijkt als de EOE overschakelt op beeldschermhandel. Maar ook Van Berkel moet erkennen dat de “razendslimme” Westerterp zich eerst heeft verzekerd van “goed gezelschap” voordat hij met het voorstel voor schermenhandel kwam.